Investeerder KKR geeft fietsenmaker Accell rugwind

Fietsenmarkt Het Amerikaanse bod op Accell illustreert het snelle herstel van de Friese fietsenmaker. Vier jaar geleden kwakkelde het bedrijf, nu wil het met kapitaal van KKR een wereldspeler worden.

Het succesverhaal van Accell is van relatief recente datum. Tot de coronacrisis gold het bedrijf, gevestigd in Batavus-thuisstad Heerenveen, als wispelturig.
Het succesverhaal van Accell is van relatief recente datum. Tot de coronacrisis gold het bedrijf, gevestigd in Batavus-thuisstad Heerenveen, als wispelturig. Foto Sake Elzinga

In de fietsenwereld is het een van de grootste overnames in jaren. Het Amerikaanse private investeringsfonds KKR wil met een consortium de Nederlandse fietsenbouwer Accell (Batavus, Sparta, Babboe, Koga) van de beurs halen, zo bleek maandag. KKR biedt 1,56 miljard euro voor het bedrijf, 58 euro per aandeel. Dat is een premie van 26 procent boven de slotkoers van vrijdag. De aandeelhouders moeten nog instemmen, de directie is al akkoord. Maandag sloot de koers precies 26 procent hoger.

Accell, dat vooral fietsen assembleert met onderdelen die het in Azië koopt, is een van de grootste fietsenbouwers ter wereld. Het bedrijf (3.100 werknemers) produceert jaarlijks ongeveer een miljoen fietsen, vooral voor de Europese markt.

De aankoop lijkt voor KKR een no-brainer: de fietsenmarkt draait geweldig nu consumenten in lockdowns massaal het fietsen – al dan niet elektrisch – hebben ontdekt. En in de concurrentieslag tussen kleine en grotere fietsfabrikanten, waaronder het Nederlandse Pon, heeft Accell vooral op het eigen continent een goede uitgangspositie.

Accell, dat in de eerste elf maanden van 2021 voor 1,3 miljard euro omzette, denkt dat het voor die strijd beter toegerust is met KKR dan met een beursnotering. In de verklaring die de beoogde overname vergezelde, hameren beide partijen nadrukkelijk op de kapitaalkracht van de Amerikanen. De miljarden dollars die KKR – ook eigenaar van vakantieparkbedrijf Roompot – achter zich heeft, kunnen dienstig zijn bij overnames en verdere uitbreiding over de hele wereld.

Het is niet per se het sterkste argument, vindt analist Martijn den Drijver van ABN Amro. Groeien, of het nu op eigen kracht is of door overnames, kan Accell zelf ook wel. Hij ziet een ander voordeel: in private handen hoeft Accell minder details te delen over marges en omzet. Dat versterkt de onderhandelingspositie tegenover leveranciers en klanten als fietsdealers. „Als jij beursgenoteerd bent en je klanten zien dat jij hele mooie marges maakt, gaan ze zeggen: nou, er mag wel wat van die prijs af.”

Lees ook: Nederlandse reuzen heersen in versnipperde fietsmarkt

Trends gemist

Het succesverhaal Accell waar KKR bij aanhaakt, is van relatief recente datum. Tot voor de coronacrisis gold het bedrijf, gevestigd in Batavus-thuisstad Heerenveen, als wispelturig. Beleggers twijfelden over de groeicapaciteiten; Accell leek sommige trends in de fietswereld gemist te hebben. Totdat de omzet vanaf april 2020 door het dak ging. In heel Europa was de fiets opeens lockdownvervoermiddel nummer één. Terwijl het bedrijf ongeveer twee van de zes maanden praktisch stillag, groeide de omzet in de eerste helft van 2020 alsnog met zo’n 4 procent.

Die groei viel samen met toenemende investeringen van overheden in fietsinfrastructuur, en de al langer toenemende populariteit van elektrische fietsen. Fietsenbouwers merken dat batterijfietsen aanslaan in landen waar fietsen niet zo ingeburgerd is als in het platte Nederland. Wie elektrisch fietst, kan ook in een heuvelachtige stad als Stuttgart of Praag met de tweewieler naar z’n werk. En wie op het platteland woont, kan zo ook per fiets de boodschappen doen die normaal gesproken met de auto worden gedaan.

Voor kleinere fietsenbouwers kan die batterijtechnologie nog best lastig zijn, en dat voedt de verwachting dat er uiteindelijk maar een paar grote bedrijven in de markt overblijven. Sowieso is al een tendens gaande dat grotere spelers een dominantere positie krijgen, door overnames of door kleinere spelers uit de markt te drukken.

De Nederlandse gigant Pon manifesteert zich daarbij steeds nadrukkelijker als tegenspeler. Tien jaar geleden bestond de concurrentie van Accell vooral uit Aziatische spelers als Giant, maar familiebedrijf Pon heeft zich in relatief korte tijd met veel overnames de markt in gewerkt. Het breed uitwaaierende ‘mobiliteitsconcern’, vanouds bekend als Nederlandse importeur van Volkswagen, schatte terecht in dat de fiets weleens een stuk populairder zou kunnen worden.

Ambities

Pons bekendste fiets is Gazelle, maar het bedrijf beschikt over veel meer merken. De ambities werden eind vorig jaar nog eens onderstreept toen het voor 700 miljoen euro de Amerikaanse sportfietsfabrikant Dorel overnam. Naar eigen zeggen maakte dat Pon tot grootste fietsbedrijf ter wereld.

Pon had die positie graag al eerder bereikt. Vier jaar geleden probeerde het zelf Accell van de beurs te halen. Het familieconcern dacht het kwakkelende Friese fietsenbedrijf beter te kunnen runnen. De poging mislukte echter omdat de directie van Accell het bod van 34 euro per aandeel te laag vond. Dat KKR nu liefst 24 euro meer biedt, toont nog eens hoezeer de waardering van Accell de afgelopen jaren is veranderd.

Zijn er dan helemaal geen zorgen bij Accell? Jawel: de toeleveringsketen hapert in feite al sinds maart 2020. Accell moest aan het begin van de coronacrisis zelfs even fietsframes uit China invliegen, in plaats van ze aan te voeren met het gebruikelijke containerschip. En de enorm toegenomen vraag heeft ook niet bepaald bijgedragen aan herstel van een soepele toelevering.

Toch lijkt zelfs dit het bedrijf maar weinig te deren. In de eerste elf maanden van 2021 groeide de winst flink ten opzichte van diezelfde periode een jaar eerder: met ruim 32 procent, tot 107 miljoen euro.