Zorgen blijken niet nodig: recordomzet voor landbouwsector, sierteelt stijf aan kop

Exportcijfers 2021 De glastuinbouw vreesde klappen door corona, de sierteelt wilde een fonds. Maar de landbouwexport ging naar een record.

Veilinghal van Royal FloraHolland in Aalsmeer.
Veilinghal van Royal FloraHolland in Aalsmeer. Foto SEM VAN DER WAL/ANP

De Nederlandse landbouwsector heeft vorig jaar voor een recordomzet van 104,7 miljard euro aan landbouwproducten zoals bloemen, vlees, zuivel en eieren en groenten naar het buitenland geëxporteerd. Dit blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research en het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Dit is 9,4 procent meer dan in 2020. De groei komt doordat er meer wordt geëxporteerd en omdat de prijzen van de landbouwproducten zijn gestegen.

In totaal verdiende de Nederlandse economie zo’n 46,1 miljard euro aan de export van landbouwproducten, berekende het WUR en CBS. Dit is nadat onder meer productie- en vervoerskosten van de recordomzet zijn afgetrokken. Het overgrote merendeel, 42,1 miljard, is verdiend aan de export van producten van „Nederlandse makelij”, 4,0 miljard euro aan buitenlandse landbouwproducten die via Nederland naar een ander land zijn verscheept.

Opvallend na zorgen om corona

De toename is opvallend. In maart 2020 maakte boerenbrancheorganisatie LTO zich nog grote zorgen. De agrarische sector verwachtte „het komende half jaar al bijna 5 miljard euro schade door de coronacrisis” schreef LTO destijds in een persbericht. En dat bedrag „kan heel snel oplopen als de crisis verergert of lang aanhoudt”, vreesde toenmalig LTO-voorzitter Marc Calon. Dit zou volgens LTO komen door de „wegvallende afzet in delen van de tuinbouw, een dreigend tekort aan handen voor de teelt en de oogst, en het sluiten van eet- en drinkgelegenheden en sociale onthouding”.

Met name in de glastuinbouw zouden harde klappen vallen. De sierteelt pleitte daarom voor een noodfonds. In de eerste weken van de coronacrisis werd voor honderden miljoenen euro’s aan bloemen en planten weggegooid. De grenzen werden gesloten en handelaren namen minder bloemen af, omdat er door de lockdowns veel winkels dicht waren en ze bang waren boeketjes niet kwijt te raken.

Rozen, tulpen, orchideeën die niet voor de minimumprijs verkocht konden worden, werden vernietigd, zodat de prijs van andere bloemen niet verder zou dalen. Sommige kwekers konden tot 70 procent minder bloemen en planten aanleveren bij veilingcoöperatie FloraHolland. Dit was, volgens de baas van FloraHolland, nog nooit eerder gebeurd.

Maar in de laatste weken van het eerst halfjaar herstelde de bloemensector zich, een trend die doorzette in 2021, blijkt uit de cijfers van de WUR en het CBS. De sierteeltsector staat met 12 miljard euro omzet in 2021 stijf bovenaan de lijst van landbouwexportproducten van het WUR en CBS, 2,5 miljard meer dan het jaar ervoor. Eerder deze maand pronkte FloraHolland, de grootste bloemenveiling ter wereld met haar jaarcijfers: 5,6 miljard euro omzet, bijna 800 miljoen euro meer dan in recordjaar 2019.

Gestegen bloemenprijzen

Sturen mensen elkaar vaker een bosje bloemen tijdens de coronacrisis? Dat zou kunnen, zegt Petra Berkhout, landbouweconoom aan de Wageningen University en Research (WUR). Zij is één van de auteurs van het onderzoek.

Mensen gaan minder op vakantie tijdens de coronacrisis, zegt Berkhout, en houden geld over voor luxeproducten, zoals bloemen. „Maar het blijft speculeren, dit aspect hebben we niet onderzocht.”

Wat vaststaat: de bloemenprijs is in 2021 fors gestegen. Bloembollen, bloemen en planten zijn de „meest lucratieve” agrarische exportproducten, schrijven de onderzoekers. Volgens FloraHolland lagen de prijzen van bloemen vorig jaar zo’n 20 procent hoger dan in 2019. Dit gold onder meer voor snijbloemen, kamerplanten en tuinplanten. Opvallend bovendien: waar de export van andere producten vanuit Nederland naar het Verenigd Koninkrijk daalt, stijgt de toevoer van Nederlandse landbouwproducten juist flink, met name die van bloemen en planten met zo’n 45 procent.

Drie kwart van de landbouwexport van 104,7 miljard euro wordt verdiend aan producten van Nederlandse bodem. De top drie afnemers: Duitsland (26,3 miljard euro), België (12,6), en Frankrijk (8,4). De rest werd verdiend aan Nederlands’ rol als doorvoerhaven, dit zijn producten die vanuit het buitenland via Nederland naar een ander land worden verscheept.

Beperkt profijt voor boeren

De Nederlandse boeren profiteren, volgens Berkhout, „zeer beperkt” van de recordomzet aan de landbouwexport. Dit komt onder meer doordat supermarkten hun producten zo goedkoop mogelijk aan willen bieden aan hun klanten en boeren niet veel meer betaald krijgen voor hun vlees, zuivel en eieren en groenten die ze verkopen.

Bovendien zal de landbouw in Nederland de komende jaren fors veranderen. De stikstofuitstoot van boeren moet in 2030 met 50 procent omlaag ten opzichte van 2019, vindt het kabinet. Boeren zullen hun bedrijf de komende jaren aanpassen, waardoor ze minder stikstof uitstoten.

Is er dus wel reden tot vreugde met deze groeicijfers? Dat is een lastige vraag, zegt Berkhout van de WUR. „Wij constateren de toename alleen. Maar als econoom zeg ik: Nederlandse bedrijven verdienen er goed aan.”

Zelf vindt Berkhout dat de discussie zich te veel toespitst op de landbouw; ook de posities van luchthaven Schiphol en de Rotterdamse haven zijn relevant. „De handel zelf is niet het probleem, maar de impact van de onderliggende productie op het milieu. Als je die wilt veranderen moet je de consumptie en productie verduurzamen.”