Analyse

Rutte is weer helemaal ‘de oude’, ziet de Tweede Kamer

Debat regeringsverklaring Als leider van zijn vierde kabinet lijkt Mark Rutte helemaal over de affaire ‘functie elders’ heen te zijn. In het debat over de regeringsverklaring was hij vrolijk én ernstig. En al heeft zijn kabinet de oppositie hard nodig: hij gaf nog niets toe.

Premier Rutte met de vice-premiers Kaag en Schouten (links achter) en minister Van Gennip (rechtsachter).
Premier Rutte met de vice-premiers Kaag en Schouten (links achter) en minister Van Gennip (rechtsachter). Foto David van Dam

Moet híj, premier Mark Rutte, zich van Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren gedragen als de ‘leider van het land’? Het is woensdag aan eind van de ochtend, de tweede dag van het debat over de regeringsverklaring van Rutte IV, en Rutte staat al een paar uur in het kabinetsvak in de Tweede Kamer. Hij moet lachen. „Bij ‘leider’ moet ik altijd denken aan Henk Vonhoff die zei: ‘dan hoor ik laarzen marcheren’. Dat woord laat ik dus maar even..”

„Het mag ook op pantoffels”, zegt Ouwehand. Als hij zijn best maar doet om aan „de mensen thuis” uit te leggen waarom zíj een warmtepomp moeten nemen, maar „Schiphol gewoon zijn gang mag gaan”.

Sinds het debat van 1 april vorig jaar, over de ‘Pieter Omtzigt, functie elders’-notitie, was Esther Ouwehand als een van de weinige fractievoorzitters in de Tweede Kamer hard en scherp gebleven tegen Rutte. Ze vond dat hij zijn geloofwaardigheid definitief kwijt was. En Rutte, die vóór die affaire vaak grappen tegen haar maakte, wist zich daar zichtbaar niet goed raad mee. Hij keek haar nauwelijks nog aan.

Maar als íéts duidelijk wordt in het eerste grote debat van Rutte als premier van zijn vierde kabinet, na de langste formatie ooit in Nederland, is het dit: hij lijkt weer helemaal de ‘oude’. Van ’s ochtends kwart over tien tot laat in de avond reageert hij ontspannen en handig op felle kritiek van partijen die zijn kabinet nog dringend nodig zal gaan hebben in de Eerste Kamer. Daar komt de coalitie van VVD, D66, CDA en ChristenUnie zes zetels tekort voor een meerderheid.

Lilianne Ploumen, zei Rutte, kon nog wel ‘aan het langste eind trekken’ met haar kritiek

En dus kan PvdA-leider Lilianne Ploumen, zegt Rutte, „aan het langste eind trekken”. Ze eist dat de AOW, anders dan het kabinet van plan is, wél meestijgt met de verhoging van het minimumloon, dat de bezuinigingen in de jeugdzorg en de verpleeghuiszorg niet doorgaan en huurders worden ontzien.

Maar de onderhandelingen moeten nog helemaal beginnen, Rutte geeft nog niets toe. In het debat over de regeringsverklaring belooft hij alleen dat het kabinet met voorstellen komt waardoor ouderen met alleen AOW of een klein pensioen níét minder te besteden krijgen, zoals het Nibud begin deze week had berekend. Maar de AOW, zegt hij ook, zal zeker niet gaan meestijgen met de laagste lonen. Dat zou 2,4 miljard euro kosten.

Volgens Joost Eerdmans van JA21, met zeven zetels in de Eerste Kamer, komt Rutte heel snel „van een koude kermis thuis”. Zijn partij, zegt hij, gaat net als de linkse partijen tégen het plan stemmen waarvan de AOW’ers niet mee profiteren. „Hoe zit het met uw politieke antenne? Dit wordt een sof in de Eerste Kamer. Een afgang.”

Groenrechts

Zover is het nog lang niet, vindt Rutte. „We praten nu nog over de uitwerking van onze plannen. Daar hoort bij dat we heel precies kijken hoe we de verhoging van het minimumloon vormgeven.” De partijen waarvan zijn kabinet het vooral zal moeten hebben, naast JA21 ook PvdA en GroenLinks, krijgen in het debat veel aandacht van Rutte.

En bijna de hele dag door maakt hij grappen. Nu dus ook weer tegen Ouwehand. Hij vertelt haar hoe de VVD in 2008 was geschrokken van zijn ‘groenrechtse pamflet’ over het klimaat. Het werd in zijn partij gezien als een grote fout. „Bij groen”, zegt hij vrolijk, „dachten ze aan links. Dat heb ik daarna maar aan de heer Klaver gelaten.”

Als Farid Azarkan van Denk de 100.000 woningen noemt die het kabinet per jaar wil bouwen – „al doet u dat vast niet zelf” – begint Rutte over de Britse oud-premier Winston Churchill die kon metselen en zijn eigen huis had gebouwd. En als hij beseft dat hij de fractievoorzitters steeds maar weer doorverwijst naar al zijn ‘vakministers’ die alle problemen heel graag willen oplossen, moet hij hard lachen en zegt hij tegen vicepremier Sigrid Kaag die naast hem zit: „Delegeren hè, delegeren!”

Ondergrens van beschaving

Al was Rutte de dag heel anders begonnen: met een verhaal over de spanningen tussen Rusland en Oekraïne. „Het moet duidelijk zijn”, zei hij in zijn rol als staatsman en nu níét meer demissionair, „aan Moskou, aan Poetin, aan het Russische leiderschap, dat een eventuele actie vanuit Rusland tegen Oekraïne ernstige politieke en economische consequenties zal hebben. Dat de kosten van agressie dus hoog zijn.”

Lees ook:Linkse oppositie zoekt eendracht tegen nieuw kabinet

Ook door de felle uithalen van PVV-leider Geert Wilders, de dag ervoor tegen collega-Kamerleden, ministers, moslims en journalisten, krijgt Rutte op woensdag de kans te laten zien dat hij weer voluit minister-president was. In de Tweede Kamer is het stil als hij van Wilders excuses eist en zegt dat Wilders „door de ondergrens van gevoel voor stijl en beschaving” is gezakt.

Aan het eind, op woensdagavond, spreekt Rutte de fractievoorzitters nog even toe. Hij vindt dat ze „voor het grootste deel” met veel onderling respect hebben gedebatteerd. „En dit was dus het échte sluitstuk van de formatie.”

Hij kijkt naar Sigrid Kaag en zegt: „We gaan het nog missen!”