Kabinet wil Kamer tegemoetkomen qua AOW – maar hoe?

Kabinetsplannen AOW De oppositie wil dat AOW’ers niet achteruitgaan in koopkracht. Dat leidde tot debat over de ‘koppeling’. Een oplossing is lastig.

SP-fractievoorzitter Lilian Marijnissen tijdens het debat over de regeringsverklaring. „Het kabinet laat ouderen in de kou staan”, zei ze over de kabinetsplannen.
SP-fractievoorzitter Lilian Marijnissen tijdens het debat over de regeringsverklaring. „Het kabinet laat ouderen in de kou staan”, zei ze over de kabinetsplannen. Foto David van Dam

Over in ieder geval één ding lijken oppositiepartijen in de Tweede Kamer het eens: in de nieuwe kabinetsplannen komen ouderen er bekaaid af. Tijdens het debat over de regeringsverklaring was er van links tot rechts veel kritiek op het voornemen een geplande verhoging van het minimumloon niet te laten doorwerken in de AOW-uitkeringen. Het kabinet laat ouderen „vallen als een baksteen” (Joost Eerdmans, JA21) en „in de kou staan” (Lilian Marijnissen, SP) met deze ‘ontkoppeling’. Is dat zo? En waarom is die koppeling er eigenlijk?

1Hoe zijn AOW en minimumloon met elkaar verbonden?

De Algemene Ouderdomswet uit 1956 geeft iedereen recht op een basispensioen. Aanvankelijk ging het om een heel laag bedrag, tegenwoordig is het meer dan een bijstandsuitkering: ruim 1.200 euro per maand voor een alleenstaande, ruim 1.700 euro voor een paar. Sinds 1980 is de AOW gekoppeld aan het minimumloon: als dat wordt verhoogd, stijgt de AOW mee, zodat ook ouderen profiteren van de welvaartsstijging. Dat gebeurt doorgaans twee keer per jaar, aan de hand van de gemiddelde stijging van cao-lonen. Volgens de laatste CBS-cijfers ontvangen 3,5 miljoen personen AOW. De meeste mensen krijgen daar bovenop een aanvullend pensioen.

2Waarom wil het kabinet de AOW-koppeling uitzetten?

Het nieuwe kabinet wil „de armoedeval” verkleinen en het bestaansminimum „verstevigen”, zo valt te lezen in het onlangs gesloten coalitieakkoord. Dat gebeurt onder meer door het minimumloon stapsgewijs extra te verhogen, met in totaal 7,5 procent. En door de bijstandsuitkering, ook gekoppeld aan het minimumloon, te laten meestijgen. Het kabinet ziet af van eenzelfde verhoging van de AOW. „Die koppeling kost heel veel geld”, zei premier Mark Rutte woensdag tegen de Kamer en moet daarom eenmalig worden „uitgezet”.

Een stijging van de AOW zou op de schouders van werkenden komen

Het zou naar schatting meer dan twee miljard euro kosten om de AOW mee te laten stijgen, en dat zou op de schouders van werkenden komen: zij moeten dan meer premie gaan betalen. Dat wil het kabinet niet. Daar komt bij dat de AOW een ander karakter heeft dan bijstand en minimumloon: ook de rijkste gepensioneerden profiteren van een AOW-verhoging.

In plaats daarvan is in het coalitieakkoord afgesproken het belastingvoordeel voor gepensioneerden, de ouderenkorting, te verruimen. Maar ook dat plan kent bezwaren. Want juist de gepensioneerden met de laagste inkomens – die alleen AOW hebben – betalen geen of nauwelijks belasting. Daardoor kunnen zij dit belastingvoordeel niet ‘verzilveren’. Dat zien ook coalitiepartijen als dilemma.

Lees ook: De miljarden zijn voor Rutte IV óók een vloek

3Gaat de AOW nu alsnog omhoog?

Wat een groot deel van de oppositie betreft wel. Rutte wil tegemoetkomen aan die „duidelijke wens” van de Kamer, maar wil eerst zoeken naar andere manieren om ouderen te compenseren. En de vraag is dus ook of álle ouderen daarvoor in aanmerking moeten komen. Het kabinet wil nu kijken of de kleine groep die alleen rondkomt van AOW en verder geen of weinig aanvullend pensioen heeft, specifiek kan worden geholpen.