Hersenmist bij long covid komt mogelijk door overactieve immuuncellen

Infectieziekte Veel covidpatiënten houden lang problemen met hun concentratie en geheugen. Na onderzoek met muizen lijkt een oorzaak gevonden.

Een covidpatiënt tijdens de revalidatie. Klachten na de infectie kunnen soms lang aanhouden.
Een covidpatiënt tijdens de revalidatie. Klachten na de infectie kunnen soms lang aanhouden. Foto Robin Utrecht

Sterk reagerende afweercellen in het brein, microglia, zouden een rol kunnen spelen bij het concentratiegebrek en geheugenverlies waarmee mensen met langdurige Covid-19 (long covid) soms kampen. De afweercellen remmen mogelijk de vorming van nieuwe hersencellen en van myeline, het isolerende laagje rondom zenuwuitlopers, wijst onderzoek bij muizen en covidpatiënten uit.

Amerikaanse onderzoekers ontdekten immunologische overeenkomsten met de ‘hersenmist’ die bij kankerpatiënten optreedt na een chemokuur. Ze publiceerden hun onderzoek vorige week als preprint, het moet nog door onafhankelijke wetenschappers worden beoordeeld.

Sommige mensen houden na een infectie met SARS-Cov-2, zelfs al was die maar mild, nog weken of maanden gezondheidsklachten, waaronder extreme moeheid, benauwdheid of pijn. Ook hardnekkige cognitieve klachten worden gemeld. Pakweg een kwart van hen heeft problemen met aandacht, concentratie, informatieverwerking en met het geheugen. De oorzaak ervan is nog niet duidelijk.

Beschadigde hersencellen

De Amerikanen pasten labmuizen zó aan dat hun longcellen de toegangspoort bezaten voor het coronavirus (de menselijke ACE 2-receptor), en infecteerden ze met SARS-CoV-2. In hun hersenweefsel troffen ze tot zeven weken lang reactieve microglia aan in de witte stof onder de hersenschors (waarin de zenuwuitlopers zitten), en niet in de grijze stof (die de hersencellen bevat). Microglia ruimen beschadigde hersencellen en ziekteverwekkers op, maar kunnen ook de vorming van myeline remmen. Dat leek bij de muizen het geval: de myelinelaag rondom zenuwuitlopers was minder dik.

De onderzoekers zagen ook minder aanmaak van nieuwe zenuwcellen in de hippocampus, die cruciaal is voor het geheugen. Ook hadden de diertjes tot zeven weken lang meer ontstekingsstoffen in het hersenvocht. Eén van die stoffen was CLL11, dat al eerder in verband is gebracht met cognitieve achteruitgang en een verminderde aanmaak van hersencellen in de hippocampus.

Ook bij negen overleden covidpatiënten waren in het hersenweefsel meer reactieve microglia te zien in de witte stof, dan bij vijf niet-geïnfecteerde overledenen.

De gevonden effecten zijn niet erg groot

Debby van Riel Erasmus MC

Om uit te vinden of de ontregelde afweer ook bij longcovidpatiënten een rol zou kunnen spelen, testten de onderzoekers of CLL11 in hun bloedplasma aanwezig was. In het bloed van 48 mensen met long covid en cognitieve problemen was de hoeveelheid CLL11 inderdaad gemiddeld genomen licht verhoogd, in vergelijking met 15 mensen met long covid-klachten maar zónder cognitieve symptomen.

„Een mooi onderzoek,” vindt viroloog Debby van Riel van het Erasmus MC in Rotterdam. „Het bevestigt eerdere bevindingen dat een coronavirusinfectie invloed kan hebben op het brein.” Wel houdt ze een slag om de arm. „Het is een muizenmodel, de groepen onderzochte mensen zijn klein.” Ze zou graag meer onderzoek zien, in betere diermodellen en vooral in mensen. „De vraag is of deze activatie van microglia en de andere bevindingen kunnen bijdragen aan de longcovidsymptomen die mensen rapporteren. De gevonden effecten zijn niet erg groot. De vertaalslag naar wat het betekent voor patiënten is lastig.”

Lees ook: Wat we wél weten over long covid

Het is nog niet duidelijk of de langdurige klachten, ook wel post-acute Covid-19 syndrome (PACS) genoemd, ook daadwerkelijk worden veroorzaakt door het coronavirus. Frans onderzoek onder ruim 25.000 mensen toonde in november 2021 aan dat mensen die dachten dat ze Covid-19 hadden gehad, vaker aanhoudende klachten rapporteerden dan mensen die meenden dat ze geen Covid-19 hadden gehad. Wanneer de groep werd verdeeld op basis van bewezen Covid-19, aangetoond door antistoffen tegen het coronavirus in het bloed, viel dit verschil weg: alleen reukverlies kwam vaker voor bij mensen die aangetoond Covid-19 hadden gehad. Sommige symptomen komen dus wellicht niet door SARS-CoV-2 en moeten worden toegeschreven aan een andere oorzaak, waarschuwen de auteurs.

Vaccinatie beschermt

Ook na een ernstige griepinfectie of een andere virusinfectie kan het herstel langer duren, zegt Van Riel. „De langdurige klachten die gemeld worden na een corona-infectie, overlappen deels met de klachten die we kennen van het post-viraal syndroom na andere virusinfecties.” Zo is ook na een infectie met het griepvirus activatie van microglia en minder myeline wel eens waargenomen, zegt ze. Hoe vaak dat voorkomt is tot nu toe niet onderzocht. „Het is erg lastig om te onderzoeken wat er gebeurt als een infectie niet meer acuut is. Je kunt dan de bevindingen niet duidelijk koppelen aan de aanwezigheid van een ziekteverwekker.”

Op de vraag of vaccinatie beschermt tegen longcovidklachten na een corona-infectie kwam maandag een opbeurend antwoord in een preprint uit Israël. Deze eerste resultaten suggereren van wel. Mensen die Covid-19 kregen na twee doses Pfizer meldden langdurige klachten even vaak als mensen die geen infectie met het virus hebben opgelopen. Dat onderzoek is gedaan toen de Deltavariant rondwaarde. Of ook de Omikronvariant voor langdurige klachten kan zorgen is nog niet bekend, de variant is nog maar twee maanden onder ons.

Lees ook dit artikel: Covid waar geen einde aan komt