Coronavirus heeft veel mutatiekansen in hiv-patiënt

Virusontwikkeling Mogelijk geeft nieuw onderzoek antwoord op de vraag hoe de Omikron-variant kon ontstaan.

Wetenschappers onderzochten de virusevolutie bij één hiv-patiënt.
Wetenschappers onderzochten de virusevolutie bij één hiv-patiënt. Foto Jerome Delay/AP

Het coronavirus SARS-CoV-2 kan heel veel immuunontwijkende mutaties verzamelen als het gedurende langere tijd blijft sluimeren in een patiënt met een vergevorderde hiv-infectie. Dat blijkt uit onderzoek van Zuid-Afrikaanse wetenschappers dat vervroegd als kladversie (journal pre-proof) gepubliceerd is door het wetenschappelijke blad Cell Host & Microbe. Zo’n scenario werd eerder geopperd als een van de mogelijke verklaringen voor het plotseling ontstaan van de Omikronvariant. Met dit onderzoek bij één patiënt is niet het definitieve bewijs geleverd dat het ook daadwerkelijk zo gegaan is, maar dit maakt het wel plausibeler.

Het bijzondere van het nu gepubliceerde onderzoek is dat het eigenlijk al was uitgevoerd voordat de Omikronvariant voor het eerst werd gezien. De onderzoekers leverden de eerste versie van hun manuscript al op 30 september vorig jaar aan bij het tijdschrift, ruim anderhalve maand voor de ontdekking van Omikron, eveneens in Zuid-Afrika.

Een hiv-besmetting kan de afweer tegen andere infecties verzwakken. Dat wordt toegeschreven aan de uitputting en ontregeling van T-helpercellen door hiv, waardoor vervolgens de reactie van antistoffen tegen andere ziektekiemen minder effectief is. De combinatietherapie van virusremmers tegen hiv herstelt dit voor een groot gedeelte, maar wanneer hiv resistent wordt tegen deze middelen of de therapie niet trouw wordt ingenomen krijgt het virus toch weer een kans en wordt het afweersysteem onderdrukt.

De onderzoekers onder leiding van Alex Sigal van het Africa Health Research Institute in Durban onderzochten de evolutie van het virus bij een vrouw van achter in de dertig. Zij was al sinds 2006 onder behandeling met hiv-remmers en werd in september 2020 positief getest op SARS-CoV-2. In een gerelateerde preprint beschrijven de onderzoekers de karakteristieken van deze patiënt in meer detail.

De vrouw had al twaalf dagen ziekteverschijnselen voordat zij zich in het ziekenhuis meldde met benauwdheidsklachten. Na een behandeling met zuurstof en dexamethason kon zij na negen dagen weer naar huis. Als deelnemer aan een studie naar de ontwikkeling van een SARS-CoV-2-infectie bij hiv-patiënten werd bij de vrouw regelmatig onderzoek gedaan naar het verloop van haar beide virusinfecties en de reactie van haar afweer daarop. De patiënt bleef ruim een half jaar lang positief testen op corona, ondanks dat zij daar nauwelijks last van had. Op zeven momenten in die periode namen de onderzoekers monsters van het virus en bepaalden de genetische volgorde ervan. Ze zagen een hele stoet aan mutaties (genetische veranderingen) voorbijkomen die soms verschenen en soms ook weer verdwenen, een teken dat de evolutie van het virus op de vrije loop was geraakt.

Sommige van die mutaties waren bekend van zorgwekkende virusvarianten als Alfa, Delta en Gamma, terwijl de vrouw geïnfecteerd was met een vroege variant van het coronavirus. Dat doet denken aan Omikron, ook voortgekomen uit een vroege virusvariant maar „bewapend” met allerlei mutaties die soms ook bij andere zorgwekkende varianten werden gezien. De patiënt maakte zo weinig antistoffen aan dat het virus telkens de ruimte kreeg eraan te ontsnappen.

De steeds verder evoluerende virusvariant in de hiv-patiënt bleek in een nieuwe serie proeven ook te kunnen ontsnappen aan antistoffen van anderen die een corona-infectie hadden doorgemaakt. Ook de antistoffen van iemand die gevaccineerd was met Pfizer bleken het virus van de hiv-patiënt minder goed te kunnen neutraliseren. Dat beeld past bij het gegeven dat Omikron als een duveltje uit een doosje tevoorschijn kwam en meteen in staat bleek door de afweer te breken van mensen die eerder corona hebben doorgemaakt of die volledig gevaccineerd zijn.