Reportage

De stress van de hele tijd moeten opletten

Jongeren en corona Scholieren leven al bijna twee jaar zo goed mogelijk hun leven óm het virus heen. Sinds Omikron is dat bijna onmogelijk. En dan is ook nog de toetsweek begonnen.

v.l.n.r.: Bo (16), Magnus (17), Rinke (17), Jeroen (16)
v.l.n.r.: Bo (16), Magnus (17), Rinke (17), Jeroen (16) Foto Lars van den Brink

De kerstvakantie is voorbij, vrijwel iedereen zit in quarantaine. Alleen Magnus niet, want zijn thuistest is negatief. Bo is positief getest, haar zus ook. Jeroen had contact met Bo. Rinke voelt zich niet lekker, dus zij gaat testen bij de GGD.

De situatie van Rinke Koot (17), Bo Wessel (16), Jeroen Habes (16), Magnus van Noord (17) en hun vrienden verschilt niet van leeftijdgenoten. Ze leven al bijna twee jaar zo goed mogelijk hun leven – met maatregelen – zoveel mogelijk óm het coronavirus heen. Sinds Omikron is dat vrijwel onmogelijk geworden, het virus zit nu overal. „Die stress van de hele tijd moeten opletten”, zegt Rinke. „En dat je dan in spanning zit of de test wel negatief is. Dat vind ik echt naar.”

Al die besmettingen zijn bijzonder onhandig, want deze week is de toetsweek op school begonnen. Daar zat iedereen tegenaan te hikken. Als je dan in quarantaine zit, is het pas echt vervelend, want dan moet je de toetsen later inhalen en heb je geen herkansing meer. De toetsweek is sowieso lastig, zeggen ze, doordat de scholen al een week voor de kerstvakantie sloten, is niet alle stof behandeld.

Een kleine maand geleden stond de vriendengroep verveeld en somber naast een skatebaan in Leidsche Rijn bij Utrecht. Het was een koude maandagochtend. Dat weekend kwam het kabinet plotseling met het besluit dat de scholen per direct dicht zouden gaan. Zij hadden net hun kluisjes leeggehaald en de docenten een fijne Kerst gewenst. Wat nu? „We kunnen nergens meer heen”, zei Jeroen toen. „Toen we op het terras van de McDonald’s onze afhaalhamburger wilden opeten, werden we weggestuurd.”

NRC besluit contact met ze te houden, hoe zal het ze vergaan in deze lockdown?

Bijbaantjes zijn een zegen

De kerstvakantie was voor de een makkelijker dan voor de ander. Bijbaantjes zijn een zegen in lockdown, zeggen ze. Jeroen werkte de hele vakantie als maaltijdbezorger van Kings Valley in Vleuten. Elke dag van vier tot negen zat hij op de fiets. Jeroen: „Je kan wel zeggen dat mijn bijbaantje mijn vakantie heeft gered.” Als hij klaar was, ging hij nog even bij vrienden langs, de volgende ochtend kon hij uitslapen. „Mijn ouders jassen me om half elf mijn bed uit, dat is dan wel wat minder.”

Ook Magnus werkte de eerste week van de vakantie elke dag, bij het autopoetsbedrijf waar hij normaal alleen op zaterdagen is. „Sinds corona is de autoverkoop gestegen, het is superdruk.”

Rinke had pech, zij werkt in de horeca van een kinderspeelparadijs en die was dicht. Ze kon ook niet voetballen, de sportclubs waren ook dicht, of squashen met haar broer. „Ik heb er over gedacht om tijdelijk in de supermarkt te gaan werken, maar dan is de lockdown voorbij en zit je met twee bijbaantjes in je examenjaar.” Ze sliep lang. Haar moeder vroeg haar een wekker te zetten. Rinke: Waarvoor? „Ik ga soms de buren helpen met de was opvouwen. Ze hebben vier kinderen.”

Kerst vierden ze allemaal in Nederland, kleiner dan voor corona, maar bij de meesten iets groter dan het jaar ervoor. Bo: „Wel met opa en oma, die zijn geboosterd en daardoor wat minder angstig voor het virus. Maar helaas niet met alle neefjes en nichtjes. Dat zouden we weer met te veel mensen zijn.”

Lees ook: Hoe is het om een tiener te zijn tijdens de coronacrisis?

Bo en Magnus gingen na Kerst naar het buitenland. Bo met haar ouders, haar zus (18) en nog een tweede familie skiën in Frankrijk, Magnus met zijn ouders en zus op familiebezoek in Engeland. Het was fijn om tijdelijk aan de lockdown te ontsnappen, vinden ze. Al gaf het voor vertrek wel stress. Bo moest vooraf extra goed opletten niet besmet te raken. „Hier is alles open”, vertelt ze later opgetogen vanuit de sneeuw. „Winkel en restaurants. Je moet wel je QR-code laten zien en een mondkapje op als je ergens naar binnen wil.” Ze zijn voorzichtig, benadrukt ze. In een restaurant was het vol, druk en warm. „Toen hebben we iets anders gezocht.

De moeder van Magnus komt uit Engeland en was daar al twee jaar niet meer geweest. Ze waren er net een paar dagen, toen zijn moeder op nieuwjaarsdag positief testte. Magnus: „Misschien kwam dat door de boosterprik die ze net voor vertrek kreeg. We schrokken wel. We zijn als een gek de daar geldende maatregelen gaan doorlezen. Maar het bleek dat alleen mijn moeder binnen moest blijven. Voor mijn moeder was dat minder leuk maar ik ben met mijn vader en zus naar een rugbywedstrijd geweest en een paardenrace. Ik heb mijn Engelse oma gezien, mijn Engelse opa. Heel fijn.”

Een saai Oud en Nieuw

De thuisblijvers vierden Oud en Nieuw met leeftijdgenoten, met in grootschaliger gezelschap dan met Kerst. Jeroen vond het saaier dan normaal. Hij bezocht met drie vrienden verschillende feestjes bij mensen thuis. „Maar je kunt nergens lang blijven omdat het dan te vol wordt. Dus dan gingen we naar het volgende feestje.”

Rinke was bij vrienden in Harmelen, waar ze woont. „We waren met een man of tien, we stonden vooral buiten rond een vuurkorf. Daarna ben ik nog naar tweede feestje gegaan, waar mijn broer was. Er was nog een ánder feestje in Harmelen. Iedereen die daar was, heeft nu corona. Ik denk dat zij nu denken; we hebben in elk geval lekker Oud en Nieuw gevierd.”

Vanaf het laatste weekend van de vakantie druppelen de berichten over positieve testen bij de vrienden binnen. Rinke en Magnus zijn op school als ze een berichtje krijgen: Bo is positief, besmet geraakt op haar ski-vakantie in de sneeuw.

De moeder van Rinke vroeg het haar laatst: herinner je je de tijd voor corona nog? Ja, ze weet het nog natuurlijk. Maar het voelt heel ver weg. Ze vindt dat met corona nog best redelijk te leven valt. „Dat ik een mondkapje op moet op school in de gang of in de winkel vind ik niet zo erg.” Maar dat er geen feestjes zijn en dat nu ze in het testcircus terecht kwam, is echt „behoorlijk balen”.

Lees ook: Papa en mama moeten werken dus opa en oma passen de hele week op

Rinkes thuistest is negatief, maar ze blijft in quarantaine want zij voelt zich totaal niet lekker. Ze gaat testen bij de GGD. Magnus is negatief en voelt zich prima. Jeroen zit in quarantaine. Rinke krijgt woensdag de uitslag van de GGD: negatief. Rinke: „Mag je dan naar school? Je moet toch ook rekening houden met incubatietijd? Ik raak soms helemaal de weg kwijt in alle regels.”

Allemaal afgelast

Magnus: „Ik leef vanaf mijn vijftiende met corona. In het begin dacht ik: wat een ellende. Ik hou van auto’s en ga graag met mijn vader en een vriend naar auto-evenementen – in Ahoy en in de RAI en zo. Allemaal afgelast. Maar afgelopen zomer kon er weer best veel. Dan heb je een tijdje het gevoel dat het leven weer normaal is.”

Bo: „Ik was veertien toen corona begon.” Ze mist in elk geval de gezelligheid van afspreken met veel vrienden. „Dan zit je met een klein groepje bij elkaar, appen andere vrienden dat ze ook komen, moet je ‘nee’ zeggen.” En hoewel ze niet bang is om corona te krijgen, vindt ze het stressvol dat je besmet kan raken of iemand anders kan besmetten.

Ik heb het idee, zegt Rinke, dat steeds minder mensen zich aan de maatregelen houden. Jongeren vooral, maar ook volwassenen. Eerst zeiden wij alleen in onze vriendengroep tegen elkaar: ‘We zijn er klaar mee’. Nu hoor ik dat ook allemaal volwassenen zeggen.”

Correctie: (18 januari 2021). In een eerdere versie van dit artikel stond dat de broer van Jeroen positief testte. Dat klopt niet en is hierboven aangepast.