Interview

‘De achterban van Boris Johnson vindt het tijd dat hij vertrekt’

Aeron Davis socioloog

Een premier die liever naar feestjes gaat dan zich aan zijn eigen beleid te houden, een prins met een aanklacht wegens misbruik aan zijn broek. De Britse elites, betoogt hoogleraar Davis, zijn niet meer wat ze geweest zijn. „Het is een soort survival of the fittest geworden.”

Op de voorkant van het boek bungelt Boris Johnson aan een touw in een tuigje, met een helm op en twee Britse vlaggetjes in zijn hand. Het is een beroemd beeld uit 2012, als Johnson in dat tuigje is vast komen te zitten in een tokkelbaan.

Johnson is dan nog geen premier, maar als burgemeester van Londen is hij ook niet vies van vreemde acties om aandacht te trekken. En toen was hij ook al een typisch voorbeeld van het soort leiders dat Aeron Davis in zijn boek Reckless Opportunists, Elites at the end of the Establishment omschrijft. „Een journalist, een netwerker, zo iemand die nergens veel van weet. Geen grote denker en flexibel in zijn opvattingen omdat dat hem hogerop brengt”, zegt Davis nu over Johnson in een videogesprek.

Aeron Davis is socioloog en hoogleraar politieke communicatie. Hij volgt de Britse gevestigde orde al decennialang. In zijn boek uit 2018 beschreef Davis hoe de Britse elite zich in de loop der jaren heeft ontwikkeld en vooral: uit elkaar is gevallen, is afgetakeld. Davis woont in Nieuw-Zeeland, maar nog steeds houdt het VK hem sterk bezig. Hij is bijna klaar met een nieuw boek over de geschiedenis van het Britse ministerie van Financiën. Voor zijn boeken interviewt hij vooraanstaande leden uit de upper class: bankiers uit de Londense City, politici, hoge ambtenaren en vertegenwoordigers van de media.

Nu premier Boris Johnson onder grote druk staat vanwege een lijst schendingen van lockdownregels in Downing Street en steeds meer partijgenoten het vertrouwen in hem opzeggen, lijkt zijn aftreden met de dag dichterbij te komen. Aeron Davis ziet zijn bevindingen bevestigd: „We zitten met leiders die weten hoe ze aan de top moeten komen, maar niet hoe ze daar moeten blijven.”

Het VK zit volgens u in een leiderschapscrisis. Waar komt dat door?

„Die afbrokkeling van de gevestigde orde is al tientallen jaren gaande, als gevolg van onder andere globalisering en immigratie. Waar vroeger iedereen in topposities standaard van dezelfde particuliere scholen kwam en daarna in Oxford of Cambridge ging studeren, is dat nu anders. Van de bestuursvoorzitters en topmanagers is ongeveer de helft helemaal niet naar zulke privéscholen gegaan, zij komen van buiten. En we zien dat elitaire clubs in Londen minder leden hebben. Het ging in het VK altijd vooral om wie je kent, niet om wat je weet. Nu niet meer.”

Dat is toch een positieve ontwikkeling, dat iedereen nu aan de top kan komen?

„Zeker, veel mensen die ik daarover interview zeggen ook dat ze niet terug willen naar die zeer ongelijke situatie. Globalisering, de komst van internet en een soort turbo-kapitalisme hebben de afgelopen jaren destabiliserend gewerkt op allerlei fronten en daar zien we goede en slechte gevolgen van. Eén van die gevolgen is dat de moraal, dus wat de elite als hun gezamenlijke set waarden zag, verloren is gegaan in het VK.

„Kijk bijvoorbeeld naar de financiële wereld: in de jaren tachtig opende toenmalig premier Margaret Thatcher de Londense effectenbeurs. Als gevolg daarvan zijn internationale bedrijven naar Londen gekomen die minder op hadden met de belangen van het VK als geheel. Zo veranderde een beschermd, gesloten systeem in een open systeem waar Amerikaanse bankiers geld wilden verdienen, terwijl ze helemaal niet geïnteresseerd waren in de belangen van de Britse samenleving.”

En de druk om te presteren nam intussen ook toe?

„De blik van topbestuurders en van het establishment is steeds meer op de korte termijn gericht, op kwartaalresultaten of zelfs weekresultaten. Van de bestuursvoorzitters die ik sprak, zit ongeveer een derde maar drie jaar of korter op hun plek, en twee derde vijf jaar of korter, uitzonderingen daargelaten natuurlijk. Diezelfde trend zie je bij sportcoaches en dus ook bij politici en ministers. Ze hebben korter de tijd om te presteren, zijn daardoor meer op hun eigenbelang gericht en om er zelf goed op te staan ondermijnen ze het langetermijnbelang van hun bedrijf.

„Rond de onderhandelingen over de Brexit hoorde ik het ook: grote bedrijven hebben achter gesloten deuren bij Britse politici steeds om een zachte Brexit gevraagd, met zo min mogelijk beperkingen tussen het VK en de Europese Unie, omdat dat op de lange termijn beter is voor hun bedrijf. Maar ze durfden dat niet publiekelijk te zeggen, omdat ze op de korte termijn de helft van hun consumenten niet boos wilden maken.”

Terug naar de problemen van Boris Johnson. Terwijl de rest van het VK in lockdown zat en afstand moest houden van vrienden en familie, werden in Downing Street met regelmaat flessen drank aangevoerd. Borrels werden bijgewoond door ambtenaren, politiek adviseurs van de premier en soms ook door Johnson zelf. Ook op andere ministeries werden af en toe feestjes gehouden.

Een hoge ambtenaar, Sue Gray, doet onderzoek naar alle bijeenkomsten en zou mogelijk eind deze week al met haar conclusies komen. In de tussentijd wijzen critici op een problematische onderliggende cultuur. Het is kennelijk geen punt voor ambtenaren om regels te schenden die ze zelf hebben opgesteld – aangespoord door een premier die daar zelf weinig problemen mee heeft.

Zijn die feestjes inderdaad een gevolg van Johnsons leiderschapsstijl?

„Dit is ongemakkelijk om te zeggen, maar hoe erg is zo’n borrel nou echt? Ambtenaren en adviseurs maken lange werkdagen en werken heel nauw samen. Als dan iemand vertrekt, wil je toch fatsoenlijk afscheid van elkaar nemen? Al denk ik tegelijk zeker dat Johnson en zijn omgeving er invloed op hebben gehad. Ze cultiveren dat idee van ‘één regel voor hen en een andere voor ons’. Dat past bij zijn stijl, kijk ook naar de renovatie van zijn appartement. En hij zet naaste medewerkers aan de kant als ze niet meer nuttig voor hem zijn, dat heb ik veel teruggehoord. Als je niet doet wat hij wil, lig je eruit.”

„Dit continue druppelen van nieuws over steeds een ander feestje lijkt sterk op de verhalen over sleaze in de jaren negentig. Toen kwamen ook steeds nieuwe verhalen over foute declaraties van Lagerhuisleden naar buiten, tot de Tories na jaren van wanbestuur uit de regeringsmacht werden gezet door grote winst van Labour bij de verkiezingen. We weten ook al jaren dat Johnson incompetent is, maar het lijkt erop dat het publiek en zijn achterban het nu tijd vinden dat hij vertrekt en daarom ligt de focus nu zo op deze feestjes. Hij heeft de Brexit erdoor gekregen, oud-Labourleider Jeremy Corbyn onschadelijk gemaakt, zijn werk zit erop.”

Voorlopig ziet Johnson dit zelf anders. Afgelopen weekend gingen hij en zijn regering in de tegenaanval. Hij zou een ronde ontslagen van hoge ambtenaren voorbereiden om „een cultuuromslag” te bewerkstelligen. En afgelopen weekend kondigden ministers maatregelen aan die in de smaak moeten vallen bij de conservatieve achterban. Het kijk- en luistergeld voor nationale omroep BBC wordt bevroren en uiteindelijk stopgezet. Ook wil Johnson het leger inzetten om migranten die het Kanaal in bootjes proberen over te steken terug te duwen.

Werken zulke aankondigingen om kiezers weer aan zijn kant te krijgen?

„Het gaat nu vooral om de steun in zijn partij, en daar haten ze de BBC, zeker in de rechtervleugel. Johnson wil aan de macht blijven en zijn instinct is om hen tegemoet te komen. Maar op andere structurele punten gaat hij tegen de kernwaarden van de Conservatieven in: hij verhoogt de belastingen en wil veel geld uitgeven om delen van het land die achterblijven erbij te trekken. Dat is alleen interessant voor de partij als het ook stemmen oplevert, dus veel zal afhangen van hoe zijn waarderingscijfers bij het publiek zich ontwikkelen.”

Aan de top van de Britse elite staat het koninklijk huis. Vorige week heeft Buckingham Palace prins Andrew zijn titels ontnomen vanwege een misbruikzaak. Hoe past dat in de afbrokkeling van de Britse gevestigde orde?

„Het koningshuis heeft in de loop der jaren altijd ups and downs gekend in aanzien en hun invloed neemt al jaren geleidelijk af. Aan de andere kant kun je zeggen dat de niet langer vanzelfsprekende onderlinge samenwerking binnen de Britse elite ook betekent dat de koninklijke familie minder wordt beschermd dan vroeger. Niemand heeft er kennelijk belang bij hen te verdedigen. Ik moet ook aan Harry en Meghan denken. Een prins die met een ‘buitenstaander’ trouwt volgens de opvattingen van de Britse gevestigde orde, want een Amerikaanse, en dan ook nog snel daarna het koningshuis verlaat. Ook zij kunnen de rest van de wereld niet meer buiten houden.”

Zou u de Britse gevestigde orde al dood willen verklaren?

„Lastig om dat zo hard te zeggen. Er komen altijd weer nieuwe elites op, dus in die zin verandert het establishment vooral van vorm. Maar als je kijkt naar tradities, gedeelde gedachten over samenhang, integriteit en het belang van het land vooropstellen, dan is dat allemaal grotendeels verdwenen en dat is zorgelijk. De Brexit heeft daarbij ook polariserend gewerkt. Het belang van moraal is vervangen door een soort survival of the fittest – met het idee dat je verliest als je het spel volgens de regels speelt.”