Opinie

Sportwassen aan zee

Carolina Trujillo

Afgelopen week was ik een stukje aan het tikken over sportevenementen die door dubieuze regeringen worden gebruikt om hun imago’s op te poetsen. Driftig wees ik met mijn goed ingeburgerde vingertje naar China, Qatar en landen die niet zoals wij in Nederland het braafste jongetje van hun klas zijn of die hun milieuzaken niet op orde hebben, laat staan hun mensenrechten, et cetera. U kent de teksten waar we ons mee poederen al langer dan ik, maar ook ik ging lekker, tot het voelde of iemand op mijn schouder tikte. Het was Wijk aan Zee.

Het Tata Steel-toernooi was begonnen of, zoals de Nederlandse media het steevast noemen: het prestigieuze Tata Steel-toernooi. Met dertien speelrondes is het in ieder geval het zwaarste internationale schaaktoernooi.

De hoofdsponsor had het druk, want een dag voor ons grootste nationale sportwassen-evenement begon, had Milieudefensie een brief bij Tata laten bezorgen. Witte loper naar F5. Of ze hun klimaatplannen serieus wilden nemen en of Milieudefensie die mocht inzien. Dezelfde brief werd bij nog 29 bedrijven neergelegd. De milieubeschermers willen kennelijk op 29 borden simultaan schaken tegen onze landelijke grootmeesters in vervuilen. Een andere milieuorganisatie, MOB, kondigde vorige week aan via de juridische weg Tata te pogen te sluiten.

Het eerste Hoogovenstoernooi werd in 1938 gehouden. Sindsdien poetst het staalbedrijf met schaken zijn voorkant schoon. Tata haalt tijdens het toernooi klanten binnen voor hotels en lokale ondernemers, maar achterlangs flikkert het al veel langer lood, nikkel en grafietregens over hun omgeving en hun kinderen.

Het sportwassen, waar we landen als Rusland, Qatar en China van beschuldigen, hebben we in Nederland zo’n beetje uitgevonden. Benito Mussolini was ons net voor toen hij in 1934 het WK voetbal naar Italië bracht. De nazi’s kwamen als tweede sportwassers binnen toen ze zich in 1936 met de Olympische Spelen populair maakten. Daarna komt, als je louter naar de jaartallen kijkt, Hoogovens met het schaaktoernooi.

Bij de editie 2022 is Nederland, met twee spelers in een veld van veertien deelnemers vertegenwoordigd. Zondagmiddag speelde Magnus Carlsen, de nummer één van de wereld, tegen de nummer zeven: de Nederlander Anish Giri. Ik hoorde analisten zeggen dat Giri de best voorbereide speler was. Hij antwoordde met een paard op de pionopening van Carlsen en ik vroeg me af of schakers wel eens op de schouder waren getikt met het verzoek zich uit te spreken tegen de sponsor van hun bezoedelde toernooi. Bij voetballers doen we dat moeiteloos.

Volgens de voorschriften van de FIDE moet de kleding van de spelers vooral netjes zijn. De Europese schaakbond benoemt dat lichaamsgeuren ook niet mogen, maar regels tegen opschriften op nette overhemden heb ik niet gevonden. Van deze hyperintelligente sporters mogen we hoop ik wel, als ze besluiten zich uit te spreken, betere teksten verwachten dan het ‘Footbal supports change’ waar de voetballers mee kwamen.

Met nog twee minuten bedenktijd op zijn teller verloor Giri van Carlsen, die nog ruim veertig minuten had staan. Het toernooi duurt tot 30 januari, de schakers zullen dan vertrekken. Tata Steel zal voorlopig nog blijven.

Carolina Trujillo is schrijfster.