Opinie

Democratie steunt op kritische benadering van het verleden

Historisch besef Pogingen om de geschiedenis met decreten en opgelegde canons vast te leggen ondermijnen de toegang tot kritische kennis, schrijft . Want van een gestold verleden leer je niets.
Bloemen worden neergelegd bij het graf van Jozef Stalin op zijn 142ste geboortedag.
Bloemen worden neergelegd bij het graf van Jozef Stalin op zijn 142ste geboortedag. Foto Alexander Zemlianichenko / AP

In zijn fraaie maar onheilspellende artikel over de ontbinding van de historische organisatie Memorial door de Russische president Poetin, stelt Hubert Smeets (NRC, 30/12/2021) aan het eind: „Wee het land waar de roep om een nationale canon zo dwingend wordt, dat er uiteindelijk maar één bewustzijn overblijft.” De opheffing van Memorial is bedoeld om kritiek op het Sovjetverleden en huidige ondemocratische beslissingen te smoren. De censuur in Rusland gaat zelfs nog een stap verder: die betreft ook het verbod op de toepassing van historische vaardigheden in geschiedenislessen, bedoeld om leerlingen kritisch te leren denken over het verleden.

Ondanks een voorgeschreven tijdvakkenkader en een canon zijn historische vaardigheden in het Nederlandse geschiedenisonderwijs nog steeds belangrijk, al is de lestijd beperkt en duikt de valse tegenstelling tussen kennis en vaardigheden in discussies regelmatig op. De erkenning van het belang van historische vaardigheden is een kenmerk van Nederland als democratie. Terwijl in Rusland het onderwijs bestaat uit het memoriseren van feiten en het overbrengen van bepaalde (van staatswege gedicteerde) opvattingen, leren Nederlandse jongeren aan de hand van historische teksten over het onderscheid tussen continuïteit en verandering, het verschil tussen feiten en ideologieën, en het formuleren van hun beargumenteerde analyse over historische kwesties. Docenten begeleiden hen ook bij hun zoektocht op internet, zodat leerlingen enigszins in staat zijn om nepnieuws en fake histories te ontmaskeren.

Lees ook dit interview met Maria Grever: ‘Kijk uit dat je niet alles omvertrekt’

Verheerlijking

De invoering van de didactiek van historisch denken in het geschiedenisonderwijs en museumeducatie in landen als Nederland, België, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Canada, is vrijwel onmogelijk in totalitaire systemen. Dat geldt niet alleen voor Rusland maar bijvoorbeeld ook voor Polen. Daar werd in 2017 de directeur van het Museum van de Tweede Wereldoorlog in Gdansk, Pawel Machcewicz, door de rechts-conservatieve regering ontslagen. De reden: zijn museum was niet patriottisch genoeg omdat hij in de exposities ook ruimte gaf aan ervaringen en perspectieven van andere landen. De nadruk moest liggen op het Poolse verhaal van nationale trots, helden en martelaren. Het resultaat is een vorm van gelijkschakeling die de Polen in feite hun geschiedenis ontneemt.

Met de toepassing van historische vaardigheden kunnen jongeren zich bewust worden van de veranderende interpretaties van het verleden. In Nederland kun je leerlingen in het voortgezet onderwijs laten ontdekken dat de polarisatie tussen katholieken en protestanten rond 1900 in de geschiedschrijving tot tegengestelde interpretaties van de Tachtigjarige Oorlog leidde. Vanaf circa 1970 verdween deze verzuilde benadering van de geschiedbeoefening en werd over de nationale geschiedenis afstandelijker geschreven en gedoceerd. Tegenwoordig is Nederlandse geschiedenis weer belangrijk maar bestaan er andere strijdpunten, zoals de interpretatie van slavernij en het koloniale verleden. Juist deze permanente geschiedenis van nieuwe interpretaties – door filosoof Gadamer wirkungsgeschichtliches Bewußtsein genoemd – ondermijnt het idee van vaststaande historische feiten en vormt een grote bedreiging voor autoritaire leiders die hun positie op basis van een bepaalde voorstelling van het verleden legitimeren. Het gezag van Poetin steunt in toenemende mate op een verheerlijkende weergave van het Russische verleden. Net als onder Jozef Stalin wordt de Russische geschiedenis tegenwoordig regelmatig herschreven maar steeds vanuit slechts één perspectief, dat van het Kremlin.

Lees ook dit artikel van Gert Oostindie: De toekomst van het koloniale verleden

Keurslijf

Het beste dat we in onderzoek en onderwijs kunnen nastreven is een dialoog over het veranderende verleden met goede argumenten en bewijs. Dit type geschiedenisonderwijs is onmisbaar voor een democratie. Het verkennen van verschillende historische interpretaties vergroot namelijk de kennis van mensen waarop zij zich beroepen als ze oordelen vellen. Daarentegen leiden wettelijke decreten over publieke herinneringen en topdown opgelegde canons tot een verstening van de geschiedenis. Het zijn allemaal pogingen om aan de werking van het verleden te ontsnappen: de uitbanning van het levende, productieve aspect van het interpreteren. Het verleden laat zich echter niet eenvoudig in een keurslijf persen. Het is illusoir dat Poetins canon en de ontmanteling van het door Andrej Sacharov opgerichte Memorial de Russen geheel kunnen afsnijden van Stalins geschiedenis. Mensen blijken vaak via allerlei wegen verbonden met overgeleverde verhalen die hun denken en gedrag beïnvloeden. Vandaar dat een reflectie op de permanente werkingsgeschiedenis van interpretaties zo belangrijk is voor onze kennis over de huidige wereld.