NFT’s zijn de hype van 2021 en zijn miljoenen waard. De vraag is nu: leveren ze al goede kunst op?

Wereldkunst #24 Opeens is er een parallel artistiek universum op internet, dankzij blockchain en NFT’s. Harm van den Dorpel maakte een NFT die steeds verandert. „Het heeft sommige verzamelaars gek gemaakt.”

Harm van den Dorpel, Mutant Garden Autobreeder, 2021
Harm van den Dorpel, Mutant Garden Autobreeder, 2021 Foto Gert Jan van Rooij/Upstream Gallery

Harm van den Dorpel is een huis in Berlijn aan het kopen. Dat is op zich weinig nieuwswaardig, ware het niet dat hij het geld voor dit huis grotendeels met NFT’s heeft verdiend. NFT is het nieuwe toverwoord binnen de kunstwereld, een nieuw, parallel artistiek universum dat in 2021 voor het grote publiek schijnbaar zomaar, báng, naast de klassieke kunstwereld landde. Alsof de kunst rustig in een ruimteschip zat, schilderijen, beelden, installaties, en ineens tegen een melkwegstelsel aanbotste waar nét even andere wetten en regels gelden – NFT’s bevinden zich vooral in cyberspace, en dat moet bij de traditionele kunstwereld, gewend aan tastbare objecten, nog even bezinken.

De grote botsing tussen deze werelden vond plaats op 11 maart toen kunstenaar Beeple (pseudoniem van Mike Winkelmann) zijn kunstwerk Everyday: The First 5000 Days op een veiling bij Christie’s verkocht voor ruim 69 miljoen dollar. Daarmee lanceerde ‘Beeple’ zichzelf in de top drie van duurste levende kunstenaars, naast Jeff Koons en David Hockney, qua artistieke relevantie toch wel van een andere orde. Dat was op zich al schokkend, maar waar het voor de meeste mensen ronduit onbegrijpelijk werd, was toen duidelijk werd wat Beeple’s werk inhield: The First 5000 Days bestaat uit 5000 digitaal vervaardigde illustraties die hij over een periode van veertien jaar vervaardigde – een per dag. Van al deze afbeeldingen had hij nu een collage gemaakt, die voor iedereen op het internet zichtbaar was, en ook te downloaden. Desondanks had iemand er 69 miljoen dollar voor over gehad om zich de eigenaar van het werk te kunnen noemen. Waar was je in vredesnaam eigenaar van, vroeg iedereen zich af, als het werk al publiek toegankelijk was? Wat kocht je eigenlijk met een NFT?

Blockchain

Blockchain is het sleutelwoord. Tot voor enkele jaren kon je alles op internet plaatsen wat je wilde, films en beelden konden vrijelijk worden rondgepompt én veranderd, zonder dat iemand daar verantwoording over hoefde af te leggen. Dit verandert met de blockchain: een netwerk van duizenden computers waarop decentraal wordt geregistreerd wie de eigenaar is van een bestand. Dit bestand staat zelf niet op de blockchain, daarvoor is het aanpassen van gegevens binnen die keten veel te duur, maar je kunt wél zien wie de eigenaar is.

Dit veranderde iets cruciaals: plotseling was er een autoriteit op het internet. Elke verandering van eigendom wordt namelijk geregistreerd op alle blockchain-computers (ook wel ‘miners’ genoemd), en is voor iedereen zichtbaar. Daarmee veranderden verschillende dingen tegelijk. Makers binnen de virtuele wereld kunnen nu het eigendom van een bestand of een kunstwerk claimen én vastleggen. Ze kunnen het verkopen. En, niet onbelangrijk: iedereen kan na elke transactie zien wie de nieuwe eigenaar is. Dat zou al snel onverwachte repercussies krijgen – maar daarover later.

Lees ook: NFT’s zijn een digitale revolutie in de kunstwereld

Door de blockchain ontstaan zo allerlei nieuwe handelsvormen, die worden geborgd door de gedeelde autoriteit. Bitcoin en Ether, bekende ‘assets’ zijn er twee, maar ook NFT’s: non-fungible (ondeelbare) tokens, stukjes codes of bestanden die alleen op internet bestaan en waarvan het eigendom vastligt in de blockchain. Aanvankelijk, in de vroege jaren tien, waren hier alleen mensen in geïnteresseerd die met computerkunst of net-art bezig waren, vaak tamelijk idealistisch – zoals Harm van den Dorpel. Zijn werk bestond op dat moment, naar eigen zeggen, uit digitale video’s, animaties en collages. „Die zette ik online en dan kon ik in m’n server-statistieken zien hoeveel mensen het hadden bekeken. Dat vond ik leuk, maar dat was ook alles – voor m’n geld werkte ik als docent en programmeur. Veel vrienden deden hetzelfde. We waren een kleine, alternatieve gemeenschap. Dat we met deze kunst ooit geld zouden kunnen verdienen leek onmogelijk.”

Dat veranderde in 2015. In april van dat jaar werd Van den Dorpel even nieuws toen het MAK in Wenen als eerste museum ter wereld een kunstwerk aankocht met bitcoin: Van den Dorpels screensaver Event Listeners (2015) – het museum beschouwt hem als een pionier. Zelf begon Van den Dorpel de left gallery, een online-NFT-galerie avant-la-lettre: kunstwerken, animaties, beelden, die alleen bestonden op het internet. „Maar geleidelijk werd het daarna stiller – af en toe verkocht ik een werk via de left gallery. Tot ik dit jaar op een ochtend wakker werd en mijn mailbox vol zat met wel honderd aankopen.”

Veel NFT-verzamelaars zijn nauwelijks geïnteresseerd in de klassieke kunstgeschiedenis

Die dag, begin augustus, besefte Van den Dorpel dat de kunstwereld er voor hem héél anders bij lag. NFT’s waren een hype geworden. Dat kwam volgens Van den Dorpel door twee dingen. „Allereerst was door corona de angst verdwenen om dingen online te kopen – dat was onderdeel van het dagelijks leven geworden. En mensen verveelden zich. Vroeger, vóór corona, zat je zaterdagavond op de bank, was je moe en wilde je thuisblijven. Maar je kreeg FOMO – straks mis ik iets! – en ging toch uit. Dat gevoel kwam nu terug met de drops van NFT’s: morgen om 14.00 uur dropt kunstenaar X of Y een nieuw werk – dat mag ik niet missen! Die opwinding, het gevoel ergens deel van uit te maken, daar hadden mensen behoefte aan.”

Zo begonnen twintigers en dertigers die veel geld hadden verdiend, vaak met internet-gerelateerd werk, (variërend van programmeerbedrijven tot bitcoinhandel) NFT’s te kopen – mensen die, met een verwijzing naar de prachtige Wintergasten-uitzending met Yuval Noah Harari, het NFT-verhaal bovendien heel goed konden gebruiken om hun leven zin en verheffing te geven. Veel NFT-verzamelaars zijn nauwelijks geïnteresseerd in de klassieke kunstgeschiedenis (die noemen ze volgens Van den Dorpel ‘legacy’); ze zijn opgegroeid met street art en zien kunst als een middel om verbinding te zoeken, meer geld te verdienen en status te verwerven. NFT’s voorzien in dat álles – en in die zin verschilt de NFT-wereld eigenlijk weinig van de traditionele kunst. Maar daar komt nog iets bij: doordat elke transactie in de blockchain zichtbaar blijft, kan iedereen zien hoeveel je voor je NFT’s hebt betaald. En dat benadrukken succesvolle NFT-kopers graag: niet voor niets bestaan de populairste NFT’s op dit moment uit simpele, cartoonachtige ‘portretten’ (of ‘PFP’s’) waarvoor de eigenaars veel geld uitgeven om ze vervolgens gretig als avatar te installeren op twitter of op NFT-platforms als OpenSea en Nifty Gateway.

Lees ook dit nieuws: Voor bijna 2 mln euro aan NFT’s gestolen

Neem de Bored Ape Yacht Club: een verzameling van tienduizend cartoonachtige plaatjes van verveeld kijkende apen. Bij de drop, op 25 april van het afgelopen jaar, deden ze slechts een kleine tweehonderd dollar per stuk. Vijf maanden later, begin september, werd er al een ‘Ape’ verkocht voor een kleine drie miljoen dollar. Of neem de CryptoPunks: doodsimpele, pixel-achtige portretten, door het Canadese duo Larva Labs gecreëerd in 2017 (waarmee ze gelden als ‘oer-NFT’s) en destijds gratis weggegeven. Begin december van dit jaar bracht één CryptoPunk echter al ruim tien miljoen dollar op. Als je erop gaat letten wordt het bijna grappig: soms lijken bepaalde NFT-kringen, waarin geld gretig wordt rondgepompt, wel winkelstraten vol CryptoPunks.

Traditionele kunstwereld

Maar zijn NFT’s ook kunst? Hoe pijnlijk dat ook is voor de traditionele kunstwereld, het valt niet te ontkennen dat ze in sociaal opzicht net zo functioneren als kunstwerken: ze worden verzameld, er wordt een hoge status aan toegekend en door het verhaal eromheen wordt er (heel af en toe) veel geld mee verdiend. Alleen: volgens de inhoudelijke normen van de traditionele kunst halen de CryptoPunks en de Bored Apes niet eens het niveau van kunstenaars als Banksy of KAWS. Dat leidt tot narrigheid bij ‘traditionele’ kunstenaars, zeker als ze, net als Van den Dorpel, al jaren werken met net art. Soms worden ze er ook beter van: zowel Rafael Rozendaal als Jan Robert Leegte, twee van Nederlands bekendste net art-kunstenaars, verkochten het afgelopen jaar een NFT voor een recordprijs. Zelf wachtte Van den Dorpel met het uitbrengen van een NFT. Hij wilde, zoals hij zelf zegt, goed nadenken over wat hij ging maken, „en daarbij ook een beetje de irritante kunstenaar blijven uithangen”.

Harm van den Dorpel, Mutant Garden Autobreeder, 2021

Foto Gert Jan van Rooij/Upstream Gallery

Zo ontstond Mutant Garden Seeder, een ‘muterende NFT’. Die bestaat uit 512 ‘mutants’ die elk een levend organisme zijn – mede gebaseerd op Van den Dorpels fascinatie voor biologie en genetica. Bij ‘geboorte’ kreeg elke ‘mutant’ van Van den Dorpel een ‘genenset’ mee die bepaalt hoe en onder welke omstandigheden de mutant verandert, afhankelijk van de stand van de blockchain. Maar die valt nooit volledig te voorspellen, net als het echte leven. „Ik wilde een ongrijpbare NFT maken,” zegt Van den Dorpel, „die laat zien dat dingen altijd blijven veranderen, zelfs op de blockchain – dat was toch altijd een beetje de essentie van net art. Die geest wil ik graag behouden. Het heeft sommige verzamelaars wel gek gemaakt: kochten ze een prachtige, complexe compositie, veranderde die al snel in een egaal grijs vierkant.”

Inhoudelijke rijkdom

Voor de lancering van Mutant Garden Seeder werkte Van den Dorpel, redelijk opmerkelijk, alsnog samen met zijn ‘brick and mortar gallery’ Upstream in Amsterdam. Ze gaven verschillende NFT-workshop aan verzamelaars die niks van het medium wisten (de meesten) en verkochten de eerste 64 exemplaren exclusief via de galerie, daarbij hopend op Van den Dorpels reputatie als oudgediende en de inhoudelijke rijkdom. Het werkte. Mutant Garden werd op 23 juli gedropt; kopers in de galerie betaalden 425 euro – de overige exemplaren gingen weg voor 0,4 Ether, op dat moment zo’n 850 euro – en binnen 2,5 uur waren ze allemaal weg. En het succes bracht nog een bonus mee: op een NFT-platform als OpenSea ontstond een levendige handel in Van den Dorpels Mutants, en doordat zulke platforms vaak in hun contracten hebben staan dat de kunstenaar bij elke transactie een percentage van zo’n tien procent van de wederverkoopprijs krijgt, liepen de opbrengsten voor Van den Dorpel behoorlijk op, zeker toen zijn Mutants op een gegeven moment stegen tot rond de 75.000 euro.

„Het was een ‘perfect storm’”, zegt Van den Dorpel. „Alles kwam bij elkaar: het juiste moment, de Ether stond goed, de galerie en ik hadden het goed voorbereid en ik had geweldige medewerkers. Ik had alleen onderschat hoeveel werk het zou zijn: ik zeg wel eens spottend dat ik op 23 juli van kunstenaar tot boekhouder ben getransformeerd.” En hopelijk dus snel tot huiseigenaar – ware het niet dat de huizenmarkt in Berlijn ook niet meer is wat ie ooit was. Van den Dorpel: „Hoe groot NFT ineens ook lijkt, het is goed om te beseffen dat deze ontwikkeling nog maar aan het begin staat. Het beste moet nog komen. Het slechtste ongetwijfeld ook.”