Reportage

In Nantes rukt de lokale variant van Deliveroo op. ‘De toekomst is aan de ethische bezorgdienst’

Platform-economie In Nantes en tal van andere Franse steden proberen lokale bezorgdiensten een alternatief te bieden voor Uber Eats en Deliveroo. Met respect voor de rechten van de werknemers én het klimaat. „Wij zijn verwikkeld in een gevecht tegen reuzen.”

Bezorger Gregory Cardon van Naofood haalt zijn bestelling op bij restaurant Le Comptoir à Poutine in Nantes.
Bezorger Gregory Cardon van Naofood haalt zijn bestelling op bij restaurant Le Comptoir à Poutine in Nantes. Foto Benjamin Girette

Het is een koude winterdag vlak voor Kerst, en bezorger Gregory Cardon komt een bestelling ophalen bij Le Comptoir à Poutine in het centrum van Nantes. Cardon wordt hartelijk verwelkomd door eigenaar Anthony Bayard. Zijn restaurant, gespecialiseerd in street food uit Quebec, behoort tot een handvol zaken in de stad die uitsluitend werken met bezorgdienst Naofood, een lokaal alternatief voor de giganten Uber Eats, Deliveroo en co.

„Met Naofood weet ik waar ik aan toe ben,” zegt Bayard (47). „Het zijn jongens van hier, ze praten Frans, en als er een probleem is, weet ik wie ik moet bellen.” Bayard heeft Uber Eats en Deliveroo eruit gegooid. „Je weet niet of hun bezorgers wettelijk in orde zijn, of zij legaal in het land zijn, of ze soms minderjarig zijn.”

Zoals in elke Europese stad is het in het centrum van Nantes een komen en gaan van bezorgers op de fiets of de scooter. De logo’s op hun ‘messenger bags’ verraden voor wie zij aan de slag zijn. Maar in Nantes en in steeds meer Franse steden zijn dat niet langer altijd de logo’s van Uber Eats en Deliveroo. Die van Naofood zijn behalve aan hun eigen logo en oranje tassen ook herkenbaar aan hun péluches, pluchen beertjes in alle soorten en maten die het handelsmerk zijn geworden van de Naofood-bezorgers.

Bezorger Gregory Cardon (36) was persfotograaf in Parijs toen hij in januari 2021 een opdracht kreeg om een reportage te maken over fietsbezorgers. Hij kwam uit bij Guillaume Blanchet, die in Nantes was begonnen met Naofood. „Ik zat in Parijs al in de fietscultuur. Wedstrijden met fixies [een speciaal soort racefietsen], dat soort dingen”, zegt Cardon. „De cultuur bij Naofood beviel mij, ik ben gebleven.”

Alternatieve bezorgdiensten

Naofood is onderdeel van een trend van alternatieve bezorgdiensten in Frankrijk die het quasi-monopolie willen doorbreken van Uber Eats en Deliveroo, die samen 88 procent van de Franse markt controleren. Zo zijn er Sicklo in Grenoble, Les Coursiers Bordelais in Bordeaux, Les Coursiers Rennais in Rennes, Les Coursiers Montpelliérains in Montpellier, de Riders Social Club in de noordelijke buitenwijken van Parijs.

Zij maken allemaal deel uit van de federatie CoopCycle, die een app heeft ontwikkeld voor haar leden. CoopCycle probeert het concept ook internationaal uit te dragen. Hoewel Frankrijk met 45 leden dominant is, heeft CoopCycle ook al voet aan de grond gekregen in Spanje, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Nederland ontbreekt nog.

CoopCycle werd geboren na het faillissement van de Belgische start-up Take Eat Easy in 2016, waar veel bezorgers een financiële kater aan overhielden. Met CoopCycle zouden de bezorgers hun eigen lot in handen nemen. „Het statuut van loondienst verdedigen tegen dat van valse zelfstandigen, de dictatuur van de platformen bestrijden, en bewijzen dat de logistiek ook CO2-neutraal kan zijn”, vat medeoprichter Adrien Claude de filosofie van CoopCycle samen.

Wie zich aansluit bij CoopCycle bezorgt alleen met de fiets. Elektrische fietsen zijn toegestaan, gezien de geografische uitdagingen van sommige steden – maar scooters, ook elektrische, zijn dat niet.

Naofood-directeur Guillaume Blanchet was zelf anderhalf jaar lang fietsbezorger bij Uber en Deliveroo. „In de begindagen was dat geweldig”, vertelt hij in een kantoor van Naofood in het centrum van Nantes, gezeten op een zitbal. „Wij verdienden goed geld met wat wij graag deden: fietsen. Bezorgers waren een subcultuur, voor Deliveroo rijden, dat was klasse.”

Maar geleidelijk aan groeide volgens Blanchet (30) een „algemene afkeer” van het verdienmodel van Uber en Deliveroo. De marges werden kleiner, de jachtigheid groter. Scooters traden in concurrentie met de fietsbezorgers. Bezorgen werd iets voor nieuwkomers, er ontstond een handel in het onderhands verhuren van nepaccounts aan mensen zonder papieren of minderjarigen.

Guillaume Blanchet, die in 2019 begon met Naofood.

Foto Benjamin Girette

„Het was gewoon niet leuk meer”, zegt Blanchet. „Met een aantal copains hadden wij toen rond een biertje het idee: als we nu iets geheel nieuws creëren, iets waar iedereen beter van wordt?”

Voorkeur

De coronacrisis komt voor Naofood als geroepen. Wanneer Blanchet in september 2019 met Naofood begint, is het heel bescheiden: er worden een tiental maaltijden per dag besteld. Wanneer in maart 2020 de eerste lockdown ingaat, gaat het in één klap van driehonderd naar zesduizend bestellingen per maand. Vandaag schommelt het tussen de drie- en de vijfduizend bestellingen per maand, goed voor een omzet van 437.000 euro in het eerste jaar.

„De lockdown is voor ons precies op het goede moment gekomen”, zegt Blanchet. „Het stadsbestuur is ons komen opzoeken, of ze ons konden helpen? Wat ook meespeelde: er deed op dat moment een petitie de ronde tegen de geluidsoverlast van de scooters in het stadscentrum.”

Een van de eerste dingen waar Blanchet op botste toen hij eind 2019 met Naofood begon, was paradoxaal genoeg dat veel bezorgers helemaal geen zin hadden in een vast contract. Vandaag heeft Naofood twaalf mensen in vaste dienst, en dertig in auto-entrepreneuriat, de Franse versie van het Nederlandse zzp-statuut.

Bezorger Gregory Cardon bijvoorbeeld geeft de voorkeur aan het auto-entrepreneuriat. Wanneer hem dat uitkomt, pikt hij ook bestellingen van Uber en Deliveroo op. „Ik hou van de vrijheid om te werken wanneer het mij uitkomt.”

Drogargument

De Franse leden van CoopCycle zijn zogeheten scops, coöperatieve vennootschappen waar de vaste werknemers de meerderheid van de aandelen in handen hebben, en ook delen in eventuele winstuitkering. Maar Blanchet kwam er al snel achter dat het statuut van vaste werknemer — de zogeheten ‘CDI’ die voor veel Fransen de heilige graal is — een te log instrument is voor de bezorgersmarkt.

„De typische 35-urenweek bleek al snel te duur voor ons. Dat werkte gewoon niet. Dus voor wat de vaste werknemers betreft zijn wij al teruggevallen op een 24-urenweek: het minimum voor een vast voltijdcontract. Het is zoeken naar een evenwicht. Wie liever zzp’er blijft, is vrij om dat te doen.”

Blanchet weet dat dit precies het argument is van de grote platforms om zich te verzetten tegen nationale of supranationale wetgeving die hen wil verplichten bezorgers en chauffeurs in dienst te nemen. „Alleen is het bij hen een drogargument”, zegt Blanchet. „Want veel van hun medewerkers hebben geen papieren, zij hebben niet de keuze om werknemer te worden of niet.”

Begin december lanceerde de Europese Commissie een wetsvoorstel waardoor de medewerkers van platformen als Uber en Deliveroo die weinig ondernemersvrijheid hebben, automatisch als werknemers worden beschouwd. Het voorstel sluit niet helemaal de deur voor zelfstandige bezorgers, maar die moeten dan ook echt zelfstandig zijn, geen schijnzelfstandigen.

Volgens Adrien Claude van CoopCycle hoeft het geen binaire discussie te zijn. „Het werknemersstatuut is niet heiligmakend. Het gaat ook om het creëren van iets wat ons collectief toebehoort.”

Lees ook dit artikel: De platformwerker wordt werknemer, zegt Brussel in vergaand wetsvoorstel

Welgestelde mensen

Blijft de vraag of de alternatieve bezorgdiensten kunnen concurreren met de grote internationale spelers die bereid zijn om veel geld te verliezen om uiteindelijk de grootste te worden. Guillaume Blanchet zegt dat hij Uber en Deliveroo niet langer als concurrenten beschouwt. „Wij zijn verwikkeld in een gevecht met reuzen, dat klopt. Maar tegelijk: zonder hen hadden wij nooit bestaan. Je kan zeggen dat wij meesurfen op de golf die zij gecreëerd hebben. Maar wat wij bieden dat zij niet hebben, is het ethische aspect, het menselijke aspect, het klimaataspect. Wij kunnen perfect naast mekaar bestaan.”

Naofood-bezorger Gregory Cardon op weg door Nantes.

Foto Benjamin Girette

De verleiding is dan groot om dat ethische aspect te vertalen in een toeslag waarmee de klant zijn of haar geweten kan afkopen. Dat is niet de bedoeling, zegt Claude. „Wij willen niet een bezorgdienst zijn voor alleen welgestelde mensen. Dat werkt economisch gezien ook niet. Je moet een zeker volume hebben om overeind te kunnen blijven, en met dat soort publiek alleen bereik je dat niet.”

In de problemen

In Nantes is Naofood juist net iets goedkoper dan de grote jongens: de restaurants betalen een commissie van 24 procent op de bestelling, bij Uber en Deliveroo is dat rond de 30 procent.

„De toekomst is aan de ethische bezorgdienst”, maakt Blanchet zich sterk. „Maar we moeten wel even goed zijn als de grote jongens.”

Daarom heeft Naofood via fundraising 21.000 euro opgehaald om een eigen app te ontwikkelen. Momenteel moet je in de Apple- en Google-stores eerst CoopCycle intikken om dan pas bij Naofood uit te komen: een concurrentieel handicap.

Wat in het voordeel van de alternatieve bezorgdiensten werkt, meent Blanchet, „is dat veel mensen echt heel graag willen dat wij slagen in onze opzet”.

Restauranthouder Anthony Bayard van Le Comptoir à Poutine bevestigt dat. „Zij willen het systeem veranderen, en ik sta daar helemaal achter. Als zij ooit in de problemen komen, ben ik zelfs bereid om hen financieel te helpen. Alles liever dan mijn geld te zien wegvloeien naar multinationals.”