De definitie van 'groen' leidt in Brussel tot fel debat

Europese Commissie Mag je kernenergie in sommige gevallen ‘groen’ noemen? En kolen? Een handleiding die nu wordt voorgesteld door Brussel zorgt voor fel debat.

De belangrijke Matra-elektriciteitscentrale in Visonta, Hongarije, geldt als verouderd en moet worden uitgefaseerd.
De belangrijke Matra-elektriciteitscentrale in Visonta, Hongarije, geldt als verouderd en moet worden uitgefaseerd. Foto ZSOLT SZIGETVARY / EPA

Al in de eerste uren van 2022 werd duidelijk: het pad naar Europa’s groene toekomst begint modderig te worden. Op Oudejaarsavond lanceerde de Europese Commissie een vuurpijl die een gevoelige discussie in de Europese Unie op de spits drijft. Vanuit Berlijn kwam bij monde van de nieuwe economieminister Robert Habeck op Nieuwjaarsdag direct een opvallend kritische reactie.

Even voor middernacht stuurde de Commissie vrijdagavond haar langverwachte voorstel rond om investeringen in bepaalde vormen van gas- en kernenergie in de toekomst als ‘groen’ te kwalificeren. Juist over die twee vormen van energie woedt binnen de EU een hevige, vaak ideologisch geladen, discussie. Als het aan Frankrijk ligt, wordt kernenergie een belangrijke pijler onder de klimaatneutrale EU. Dat stuit op fel verzet in Duitsland, dat juist afscheid neemt van zijn kerncentrales, maar zich achter de schermen wel voor gas inzette. Als compromis stelt de Commissie nu onder voorwaarden een ‘groen etiketje’ voor beide energievormen voor – tot grote verontwaardiging van groene politici en ngo’s.

Lees ook: Is er nog wel toekomst voor de Europese boer na de ‘Green Deal’?

De discussie gaat in Brussels jargon over de zogeheten ‘groene taxonomie’: een nieuw classificatiesysteem dat een duidelijke standaard moet worden voor duurzame investeringen. Dat systeem lijkt wel een beetje op de labeltjes die producten in de supermarkt kunnen krijgen, als een ‘bewuste’ of ‘eerlijke’ keuze. Steeds meer grote investeerders, bijvoorbeeld pensioenfondsen, zijn op zoek naar een duurzame bestemming voor hun beleggingen. Uit ideologische overwegingen, maar ook in het besef dat het financieel verstandig is aansluiting te houden bij de groene toekomst die Europa voor zichzelf wettelijk heeft vastgelegd. Talloze miljarden aan private investeringen wachten zo op een richtingaanwijzer uit Brussel. Op dit moment zorgt een wirwar aan verschillende groene en duurzame labels voor onduidelijkheid en ligt ‘greenwashing’ steeds op de loer – investeringsproducten die wel groen heten, maar dat in werkelijkheid niet zijn.

Lees ook: Over aardgas bestaat binnen de EU explosieve discussie

Reden waarom de EU al enkele jaren werkt aan een eigen, op wetenschappelijke gronden gestoelde, groene ‘goudstandaard’ die beleggers duidelijkheid én een duwtje in de juiste richting moet geven. De uitgangspunten zijn in theorie eenvoudig: investeringen moeten in lijn zijn met de doelen van het Parijs-akkoord, en daarnaast geen schade toebrengen aan onder meer water, lucht en biodiversiteit. Over een deel van de uitwerking werd men het al eerder eens, waardoor bijvoorbeeld de aanleg van een windpark of de productie van elektrische auto’s onder bepaalde voorwaarden ‘groen’ mag heten.

Aanvankelijk gebeurde dat in relatieve rust, als een van de vele technische exercities die in Brussel weinig aandacht trekken. Maar het afgelopen jaar politiseerde de discussie in hoog tempo, werd een besluit over gas- en kernenergie steeds uitgesteld, en kwamen lidstaten, waaronder grootmachten Duitsland en Frankrijk, recht tegenover elkaar te staan. „Het is volledig ontspoord”, verzuchtten EU-ambtenaren de afgelopen tijd.

Aasgieren

Toch is het niet gek dat landen als aasgieren rond de nieuwe groene beleggingsgids cirkelen. Over het klimaatneutrale doel in 2050 zijn ze het weliswaar eens, maar over de weg daarheen lopen de opvattingen binnen de EU nog altijd sterk uiteen. Juist omdat de impact van het nieuwe label naar verwachting groot is, vrezen overheden dat de route die zíj kiezen door een gebrek aan vers geld een stuk ingewikkelder wordt. Een land als Polen wil tenminste tijdelijk sterk op gas gaan leunen als ze haar kolencentrales sluit. Frankrijk wil niet alleen in eigen land meer kerncentrales neerzetten, maar hoopt ook flink te gaan verdienen aan de verkoop van reactoren aan andere EU-landen in vooral Oost-Europa.

De nieuwe regels verbieden weliswaar niets, maar de impact kan ver reiken. Grote kans dat ook de Europese Centrale Bank de nieuwe standaard gaat gebruiken, net als de Europese Investeringsbank. En als er straks een groene gids ligt, dan zou het raar zijn als niet ook de Commissie er zelf gebruik van gaat maken voor Europese fondsen. Of om lidstaten ruimte te geven voor ‘groene’ investeringen die buiten de strenge Europese begrotingsnormen vallen, zoals sommige overheden en economen bepleitten.

Lees ook: EU steggelt over wat wel of niet ‘duurzaam’ is

En dus liep de discussie over de precieze rol van gas- en kernenergie de afgelopen maanden steeds hoger op – resulterend in felle maar vruchteloze onderhandelingen tijdens de laatste EU-top in december. Een taxonomie zonder kernenergie is onbespreekbaar voor Frankrijk – daarbij gesteund door Oost-Europese landen die in één ruk de rol van gas willen veilig stellen. Vooral de positie van Duitsland is pikant. De vorige regering onder leiding van Angela Merkel leek akkoord te kunnen gaan met een ‘uitruil’ van ‘kern voor gas’. Maar nu de Groenen zitting hebben genomen in de nieuwe regering, is de houding verhard. Kernenergie is voor die partij traditioneel onacceptabel. Over gas laat ook de nieuwe, groenere, coalitie zich opvallend milder uit – ook voor Duitsland blijft gas op weg naar klimaatneutraliteit een belangrijke energiebron.

Groene politici en ngo’s in Brussel waarschuwen dat de standaard door de opname van gas- en kernenergie van groen naar bruin verkleurt en zo steeds minder waard wordt. „Als er duurzaam staat, moet het ook duurzaam zijn, anders verliest de hele set van regels zijn geloofwaardigheid”, aldus de Duitse Groene Europarlementariër Michael Bloss.

Definitief is het nieuwste voorstel nog niet, maar het tegenhouden is wel ingewikkeld. Een ruime meerderheid van lidstaten moet het daarvoor blokkeren – een coalitie die zelfs Duitsland waarschijnlijk niet rond krijgt. Een absolute meerderheid van het Europees Parlement kan het voorstel wegstemmen, maar ook dat lijkt in de huidige verhoudingen moeilijk te worden.

Atomstrom pagina S10-11