Spaarders kunnen geld terugvragen van de fiscus, voor wie geldt dit?

Vermogensrendementsheffing Een deel van de spaarders kan geld terugvorderen, omdat er op een verkeerde manier belasting over hun vermogen is geheven.

Beeld Getty Images

Nederlandse spaarders hebben een onverwacht kerstcadeau gekregen van de Hoge Raad. De hoogste rechter oordeelde vrijdag dat een deel van de spaarders geld van de fiscus kan terugvorderen, omdat de methode die wordt gebruikt om belasting te heffen niet deugt.

Dát de Hoge Raad kritiek had op de wet, was al bekend. Maar dat mensen die zich door de ‘spaartaks’ benadeeld voelen nu mogelijk geld terugkrijgen, is nieuw. De uitspraak kan de schatkist miljoenen kosten en zet de afspraken in het nieuwe coalitieakkoord over een nieuw belastingstelsel onder druk. Drie vragen over de uitspraak van de Hoge Raad.

1 Wat gaat er mis bij het geld van spaarders?

De kern is de zogeheten vermogensrendementsheffing in box 3 van de inkomstenbelasting. Het rendement waar de overheid van uitgaat om belasting over te heffen, is ‘fictief’. Dat komt dus niet overeen met het bedrag dat spaarders en beleggers jaarlijks daadwerkelijk verdienen aan hun vermogen, bijvoorbeeld doordat ze rente krijgen. Wie pech heeft gehad met beleggingen, of juist zijn geld met de huidige lage rente op zijn spaarrekening heeft staan, wordt zo benadeeld. „Met de huidige rentestanden kom je niet in de buurt van het fictieve rendement”, constateert Koos Boer, hoogleraar belastingrecht aan de Universiteit Leiden.

De Bond voor Belastingbetalers, die de zaak aanspande, strijdt al jaren tegen de manier waarop de vermogensheffing is geregeld. Voorzitter Jurgen de Vries: „Nederland is een van de weinige landen die werken met een fictief rendement. De meeste vermogensbelastingstelsels van omringende landen zijn gebaseerd op werkelijk behaald rendement.”

De Hoge Raad oordeelde in 2019, na een bezwaarprocedure van de Bond voor Belastingbetalers, dat de vermogensheffing te hoog was, en dat de regeling in strijd was met het Europese recht op persoonlijk eigendom. Maar aan het fictieve karakter van de ‘spaartaks’ veranderde daarna niets. De hoogste rechter verbond toen nog geen consequenties aan zijn uitspraak: gedupeerden konden geen geld terugvorderen. Met het nieuwe arrest kan dat wel.

„De Hoge Raad zegt hiermee: de maat is vol”, aldus de Leidse hoogleraar Koos Boer. „De wetgever belooft beterschap, maar komt telkens niet over de brug met een nieuw stelsel.”

Lees ook: Hoge Raad: belasting op vermogen moet anders

2 Wie kan er allemaal geld terugvragen bij de Belastingdienst?

Iedereen die vanaf 2017 tijdig bezwaar heeft gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting, komt volgens De Vries en Boer in aanmerking voor compensatie. Volgens de Bond voor Belastingbetalers gaat het om ongeveer zestigduizend mensen. Dat zou de schatkist vele miljoenen kunnen kosten. Hoogleraar Boer schat dat het per zaak per jaar om honderden tot mogelijk duizenden euro’s aan te veel betaalde belasting kan gaan.

Maar volgens De Vries hebben mogelijk nog veel meer mensen te veel belasting betaald. „In Nederland zijn er ongeveer 1,3 miljoen mensen van wie het vermogen alleen bestaat uit spaargeld. Voor hen is het evident dat ze minder rendement behalen dan ze belasting betalen.”

Omdat de Hoge Raad op stelselniveau kritiek heeft op de wet zou de politiek de uitspraak volgens De Vries breder moeten toepassen. „Het zou raar zijn als alleen mensen die bezwaar hebben gemaakt nu gecompenseerd worden, terwijl de groep gedupeerden veel groter is. Ik kan me voorstellen dat de wetgever zegt: deze uitspraak is zo principieel, dat we die ook van toepassing achten voor iedereen met spaargeld. Maar dat ligt bij de nieuwe bewindspersoon op Financiën.”

3 Gaat het belastingstelsel nu op de schop?

In het onlangs gepresenteerde regeerakkoord van het nieuwe kabinet-Rutte IV is afgesproken dat het kabinet nu toch echt het belastingstelsel gaat hervormen. Vanaf 2023 zouden de eerste wijzigingen voor box 3 worden ingevoerd, vanaf 2025 zou er een stelsel moeten komen waarbij de fiscus gaat werken met een reëel rendement.

Maar zowel Boer als De Vries betwijfelen of het kabinet daar nog zo lang mee kan wachten, na de uitspraak van de Hoge Raad. „De eerste conclusie die ik trok, is dat de afspraak die gemaakt is in het coalitieakkoord feitelijk achterhaald is”, zegt De Vries. „Je kunt niet meer zeggen: we wachten tot 2025 met invoering van een nieuw stelsel. Dan roep je over jezelf af dat de komende vier jaar miljoenen mensen bezwaar maken.”

De voorlopige oplossing is volgens Boer om dit arrest snel uit te voeren. „Dan heb je klagers gecompenseerd, dan is de angel eruit. Maar het toekomstperspectief zou een heffing over het werkelijk rendement zijn.” Ook voor De Vries staat vast: in een nieuw stelsel moet alleen het werkelijk behaalde rendement worden belast.

Hoe nu verder met de zestigduizendmensen die in aanmerking komen voor compensatie? Dat wil De Vries zo snel mogelijk bespreken met het ministerie van Financiën en de Belastingdienst. „We vragen iedereen nog heel even geduld te hebben.”

Correctie (dinsdag 28 december 2021): In een eerdere versie van dit artikel stond geciteerd dat Liechtenstein lid is van de OESO. Dat klopt niet en het citaat is hierboven aangepast.