‘Het avondeten is hét moment bij ons thuis’

Spitsuur Alisa en Jarno Timmermans vinden de dynamiek van Rotterdam heel leuk. Maar ze zijn toch vooral gehecht aan de vrienden en familie op Goeree-Overflakkee. Ook prettig voor zoontje Seph: oppas is er altijd.

Alisa: „We hebben het zó luxe, wat hulp betreft. We hebben nooit het probleem dat we geen oppas hebben. Er staan er altijd een heleboel klaar. Seph is het enige kleinkind van onze ouders.” Jarno: „We moeten af en toe zelfs mensen teleurstellen: dit keer niet bij jullie.”
Alisa: „We hebben het zó luxe, wat hulp betreft. We hebben nooit het probleem dat we geen oppas hebben. Er staan er altijd een heleboel klaar. Seph is het enige kleinkind van onze ouders.” Jarno: „We moeten af en toe zelfs mensen teleurstellen: dit keer niet bij jullie.”

Jarno: „Wij zijn echt áltijd overal te laat.”

Alisa: „Samen zijn we nog erger dan alleen. Vrienden van ons zeggen weleens: ‘hoe laat zijn jullie er? 16.00 uur? Is dat exclusief of inclusief het Timmermans-uurtje?’”

Jarno: „Als we 16.00 uur afspreken, zijn we er om 17.00 uur.”

Alisa: „Niet omdat we het niet belangrijk vinden.”

Jarno: „Als ik denk dat ik ergens twintig minuten voor nodig heb, blijkt het een half uur te zijn. Dan zou je denken: daar leer je van en zo, maar nee. Voordat onze zoon Seph kwam, had ik mijn ochtend op de minuut gepland. Er kon twintig minuten zitten tussen het moment van ogen opendoen en in mijn auto naar mijn werk zitten. Dan had ik gedoucht, gegeten, boterhammetjes gesmeerd, alles gepakt. Ik was superefficiënt. Dat kan niet meer met een kind.”

Drama in de ochtend

Alisa: „Seph is nu ruim een jaar oud. We bespreken de avond tevoren meestal wie hem uit bed haalt, en wie hem ontbijt geeft. Ik probeer er rond 07.00 uur uit te gaan. Ik ben marketingmanager bij een opleider voor zij-instromers in het onderwijs. Ik moet bekennen dat het, zeker met het thuiswerken, moeilijker is vroeg op te staan. Jarno heeft dat ook.”

Jarno: „Ik ben echt een drama in de ochtend. Ik probeer ieder minuutje dat ik langer op bed kan liggen, ook echt te pakken. Dan gaat mijn wekker en denk ik: nou nee. Vandaag is het woensdag en ik denk dat er weinig file is – weet je wat, ik blijf nog vijf minuten liggen.

„Ik ben leraar en leerjaarcoördinator op een middelbare school. Daar geef ik natuurkunde. Mijn lestijden variëren. Alisa is op woensdag vrij, ik op vrijdag. Op maandag gaat-ie naar Alisa’s moeder, op dinsdag naar de opvang en op donderdag komt mijn moeder hem hier thuis halen. Vaak haalt Alisa hem uit bed en zorgt dat-ie klaar is. Dan maak ik zijn eten klaar en breng ik hem weg. We hebben ’s ochtends geen moment samen. Da’s ook beter. Alisa is in de ochtend niet te genieten, en tegen mij moet je dan ook niet praten.”

Alisa: „Het avondeten is hét moment bij ons thuis. We proberen er voor Seph ook altijd aan tafel een momentje ervan te maken. Dus meestal is dat rond zessen. Soms geven we hem eerder te eten en gaan zelf pas rond20.00 uur aan tafel.

„We eten heel graag op maandag bij mijn moeder en donderdag bij mijn schoonmoeder. We hebben een grote familie. Zowel mijn ouders als Jarno’s ouders zijn gescheiden en hertrouwd, maar iedereen kan met elkaar overweg.”

Jarno: „Mijn ouders wonen in het dorp, Alisa’s ouders tien minuten verderop.”

Alisa: „Ik vind dat er liefde uit spreekt als je voor iemand met zorg en aandacht een maaltijd hebt bereid. Jarno doet dat vaak heel uitgebreid voor mij. Dat vind ik geweldig. Ik ben meer van het doordeweekse koken.”

Jarno: „Ik kom uit een familie die totaal niet culinair is. Bij Alisa is dat wel zo. Sinds dat ik met haar ga, heb ik een culinaire heropvoeding gehad. Ik vind het echt waanzinnig, koken. Ik kan de hele week uitkijken naar het moment dat ik weer kan gaan koken. Als ik tegen die gasten op school zeg: ga maar wat voor jezelf doen, keek ik vroeger naar artikeltjes op een autoblog en naar Dumpert. Nu kijk ik of er bij de Sligro of Hanos wat in de aanbieding is.”

Alisa: „Zijn favoriete winkel is de Sligro.”

Krijsen

Jarno: „De komst van Seph… Ik kan nou niet zeggen: wat een life changing experience is dat geweest. Natuurlijk is het anders, maar we blijven leuke dingen doen, kunnen nog steeds op vakantie.”

Alisa: „Nou, het was het eerste halfjaar wel echt ‘life changing’, omdat hij eigenlijk niet sliep en alleen maar huilde. Echt krijsen.”

Jarno: „Hysterisch.”

Alisa: „Dat-ie alleen maar in de draagzak wilde en we om de beurt liepen te hupsen door het huis. Dat was heel erg afzien. Je doet het voor het eerst, dus je hebt überhaupt geen flauw idee. Zo’n minimens dat afhankelijk van jou is, is klaarblijkelijk doodongelukkig. We zijn tot in het ziekenhuis geweest om te kijken of er fysiek iets met hem was. Dat was niet het geval.”

Jarno: „Hij zat gewoon niet zo lekker in zijn vel. We hebben geluk gehad, er zijn mensen die het jaren hebben.”

Alisa: „Toen dat eenmaal ging settelen, pakten we ons normale leven weer op. Maar het is niet alsof we voor zijn komst totaal andere dingen deden ofzo. De tijd van feesten hadden we überhaupt een beetje achter ons gelaten.”

Jarno: „Het echte stappen dan, maar feestjes doen we nog wel, met vrienden.”

Alisa: „Wij wonen in Middelharnis op Goeree-Overflakkee en zijn hier opgegroeid, maar we zijn niet de typische Flakkeënaren. We vinden de stadse dynamiek heel leuk. En we komen graag overal en nergens. Naar Rotterdam gaan we regelmatig. Maar toch zijn we héél honkvast, omdat we gehecht zijn aan die familie en vrienden. Vroeger zei ik altijd dat ik weg wilde, maar we wonen hier heel fijn.

„We hebben het zó luxe wat hulp betreft. We hebben nooit het probleem dat we geen oppas hebben. Er staan er altijd een heleboel klaar. Seph is het enige kleinkind van onze ouders.”

Jarno: „We moeten af en toe zelfs mensen teleurstellen. Dit keer niet bij jullie.”

Alisa, lacht: „Daarom gaat-ie ook naar de opvang, dan leert hij ook dat hij niet overal heer en meester is.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl