Opinie

Waarom Israël wel oorlog wil, maar niet zal voeren met Iran

Naftali Bennett bezocht als eerste Israëlische premier de Emiraten. De landen hebben een prima relatie. Behalve wat Iran betreft, ziet .

Dwars

In kerst- en coronatijd is het u misschien ontgaan, maar het was best een veelzeggend bezoek dat de Israëlische premier Naftali Bennett vorige week aan de Verenigde Arabische Emiraten bracht. Ik weet wel, de Emiraten normaliseerden alweer een jaar geleden hun betrekkingen met Israël, en daarvóór onderhielden hun veiligheidsdiensten en andere instanties niet eens zo heimelijk contacten. Maar dit was het eerste officiële bezoek van een Israëlische premier aan de Golfstaat en denk even met me terug: jaren zestig, zeventig, tachtig, tot vorig jaar eigenlijk, was er geen sprake van dat Israël openlijk breed zou worden geaccepteerd in de Arabische wereld zonder dat maar een centimeter vooruitgang was geboekt richting Palestijnse staat. En die is eerder verderaf geraakt.

Inhoudelijk was het ook een erg interessant bezoek. Niet om wat erover naar buiten kwam, dat wil zeggen een verder aanhalen van de economische banden die al met de dag verbeteren – want op dit gebied zijn de twee landen voor elkaar gemaakt. Maar om wat er na afloop niet naar buiten werd gebracht: hun standpunten over Iran.

Bennett c.s. roepen steeds harder dat wat zij zien als het Iraanse nucleaire gevaar, moet worden geëlimineerd. Niet door terug te keren naar het door Trump gemaltraiteerde nucleaire akkoord dat het Iraanse programma aan banden legde, waarover nu in Wenen wordt onderhandeld. Maar desnoods, of misschien zelfs beter, zo verluidt in Jeruzalem, met Israëlisch (maar wat Israël betreft liever Amerikaans) militair geweld.

Maar de Emiraten varen een heel andere koers. Ze hebben in 2019 gezien hoe Iran met goedkope drones grote schade kon aanrichten aan Saoedische olieinstallaties, en dat Amerika, Trump nog, werkeloos toekeek. De Emiraten en andere Golfstaten moeten niet dénken aan een Israëlische aanval op Iran. Ze weten dat zij ruim binnen Iraans drone- en rakettenbereik liggen en dat ze collateral damage worden als Israël in die aanval zou gaan. Dat het buitenlandse bedrijfsleven hard zou weglopen, en ze niks aan Amerika zouden hebben. Biden heeft even weinig interesse in het Midden-Oosten als Trump. „Het staat niet altijd bovenaan de koppen deze dagen”, zo verwoordde een hoge Amerikaanse regeringsfunctionaris dat vrijdag in een eindejaars-achtergrondbriefing.

Dus zoekt sterke man Mohammed bin Zayed sindsdien toenadering tot alle oude vijanden, inclusief Iran. Een week vóór Bennetts bezoek aan de Emiraten, ging MbZ’s broer en zeer invloedrijke veiligheidsadviseur Tahnoon bin Zayed in Teheran langs. Volgens Iraanse media nodigde Tahnoon president Raisi uit voor een tegenbezoek (maar daarover hebben de Emiraatse media tactisch stilzwijgen bewaard). Toen Iran in 2015 met de P5+1, de permanente leden van de VN-Veiligheidsraad plus Duitsland, overeenkwam zijn nucleaire programma in te perken, hadden de Emiraten nog felle kritiek op het akkoord. Nu zei Anwar Gargash, ex-minister en een belangrijke publieke stem van de Emiraten, vorige week dat hij uitkijkt naar succes in Wenen. Uitkijkt! Zelfs nieuwe sancties, waarmee Amerika dreigt als het in Wenen niet goed zou aflopen, zag Gargash niet zitten: „er zijn al genoeg sancties tegen Iran” – 1.500, las ik. De Emirati’s zijn overigens lang niet de enigen die achteraf spijt hebben van Trumps vertrek in 2018 uit het nucleaire akkoord, dat Iran immers in staat heeft gesteld zijn nucleaire programma naar een veel hoger niveau te tillen.

De Emiraten zijn een goede reden waarom Israël in de aanval wil, maar uiteindelijk niet zal gaan tegen Iran.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.