Reportage

Met slagwapens en vuurwerk gingen leden van het Rotterdams studentencorps los in Delft

Inval Delftse sociëteit Zo’n 40 leden van het Rotterdamse corps zijn geschorst na een uit de hand gelopen ‘ludieke actie’ bij de zustervereniging in Delft.

Op 19 november stormden leden van het Rotterdamse corps binnen bij sociëteit Phoenix, waar het Delftse corps zit.
Op 19 november stormden leden van het Rotterdamse corps binnen bij sociëteit Phoenix, waar het Delftse corps zit. Foto Walter Herfst

Zwarte asresten zijn nog zichtbaar op de vloer van sociëteit Phoenix in Delft, thuisbasis van het Delftsch Studenten Corps (DSC). De plek is veroorzaakt door een brandende fakkel, legt voorzitter Olivier Abbenhuis uit. Hij loopt door naar de hal. Hier kwamen ze op 19 november met vuurwerk binnenstormen, vertelt hij. Het gebroken glas is inmiddels opgeruimd en de voordeur heeft een nieuwe ruit.

Zo’n 40 leden van zustervereniging Rotterdamsch Studenten Corps (RSC), onder wie drie bestuurders, drongen hun verenigingsgebouw binnen, voorzien van een knuppel, hockeystick en vuurwerk. Aanleiding was een stevige, witte fauteuil, die de week ervoor was gestolen door twee eerstejaars van het Delftse corps.

Hectiek

In de hectiek van het moment hadden Abbenhuis en de andere leden aanvankelijk geen idee wat er gebeurde. „Al snel stond het helemaal blauw door de fakkels.” Toen de binnendringers ‘duften’ (een andere benaming voor Delftse corpsstudenten) begonnen te schreeuwen, realiseerden ze zich dat het om Rotterdamse studenten ging. „Vervolgens ging het brandalarm af, omdat een tafelkleed kort in brand stond.” Abbenhuis ervoer het als erg stressvol.

De politie was snel ter plaatse en heeft de studenten staande gehouden. „De daders droegen slagwapens en vuurwerk bij zich en hebben het pand van binnen vernield”, laat een woordvoerder van de politie weten. „Daarbij is een persoon die in het gebouw aanwezig was, mishandeld.”

Leden werden bekogeld met ons eigen servies

Olivier Abbenhuis voorzitter Delftsch Studenten Corps

Het gaat inmiddels weer goed met de student en hij heeft aangifte gedaan, zegt Abbenhuis over zijn belaagde medebestuurder. „Precies op het moment dat hij de menigte weer naar buiten probeerde te krijgen, viel de Rotterdamse delegatie onze sociëteit voor een tweede keer binnen, waarbij hij naar de grond werd gewerkt en in de verdrukking kwam. Andere leden werden daarbij bekogeld met ons eigen servies, dat we in de gang hadden gestald.”

Onderzoek

Een object vervreemden of weer ophalen bij een andere studentenvereniging, zoals een stoel of wapen, gebeurt vaker. „We hadden daarom niet verwacht dat het stelen van een stoel door een aantal eerstejaars zo’n impact zou hebben”, zegt Abbenhuis.

Friso van der Werf, voorzitter van het Rotterdamsch Studenten Corps, erkent dat „helaas grenzen zijn overschreden bij de actie. Dergelijk ongepast en primitief gedrag willen wij uitbannen van onze vereniging.”

Dit kan niet zonder gevolgen blijven, stelt hij. De betrokken leden zijn tot nader order geschorst en de drie aanwezige bestuurders hebben hun functie neergelegd. Zowel de politie als de commissie van beroep, het interne rechtsorgaan van het RSC dat bestaat uit enkele juristen, onderzoekt het voorval.

Het pand van het Delftsch Studenten Corps aan de Phoenixstraat in Delft. Foto Walter Herfst

De Landelijke Kamer van Verenigingen heeft als koepelorganisatie van studentenverenigingen contact gehad met de verenigingen en betreurt het voorval. „De traditie van invallen bij andere studentenverenigingen is over het algemeen gewoon vriendschappelijk”, zegt voorzitter Eize Atzema. „Het meenemen van vuurwerk en slagwapens gaat dan ook te ver: voor geweld is geen plaats bij studentenverenigingen.”

Dat stelt ook de Erasmus Universiteit. „Geen enkele studentikoze ‘traditie’ rechtvaardigt dit geweld”, zegt een woordvoerder. De universiteit neemt het incident „heel serieus”. „Onze rector magnificus Annelien Bredenoord heeft zowel telefonisch als face to face met een deel van het bestuur gesproken en heeft daarin een toelichting gekregen.” De universiteit vraagt het RSC nu „een plan van aanpak te maken voor cultuurverandering”.

Dat verzoek deed de universiteit ook in 2018, toen het corps negatief in het nieuws kwam vanwege misstanden bij de ontgroening. De relatie met het RSC werd aanvankelijk opgeschort en vervolgens weer hersteld: er was voldoende vertrouwen in het proces van cultuurverandering.

Lees ook dit interview met de leiders van het Rotterdams studentencorps uit 2018: Hier heerst een Rotterdamse cultuur: Hard

Welke consequenties deze inval heeft voor de band tussen de universiteit en het RSC is nog onzeker. De afspraken over de cultuurverandering zijn besproken en verdere stappen worden bekeken, aldus de woordvoerder van de universiteit.

‘Voorbeeldfunctie ouderejaars’

Het staat „buiten kijf” dat die cultuurverandering er moet komen, zegt RSC-voorzitter Van der Werf. „Daar zijn we al enkele jaren mee bezig, het gaat niet vanzelf. Ouderejaars hebben een voorbeeldfunctie.” Ook DSC-voorzitter Abbenhuis ziet ruimte voor verbetering. „We moeten als corpora meer beseffen dat er grenzen zitten aan wat wij in onze ‘studentenbubbel’ kunnen doen.”

De twee voorzitters van de corpora zijn met elkaar in gesprek gegaan. Het RSC heeft aangeboden de schade te vergoeden en het DSC heeft de stoel teruggebracht naar Rotterdam.

„Het is heel vervelend wat er is gebeurd, vooral omdat er drie bestuurders bij betrokken waren, maar we proberen dit samen met het RSC goed af te handelen”, zegt Abbenhuis. „Wat een ludieke actie had moeten zijn, is helaas enorm uit de hand gelopen.”