Een kabinet dat moet scharrelen en sprokkelen om te kunnen overleven

Deze week: het dualisme-dilemma van Rutte IV, dansen op een vulkaan, JA21 stelt eisen, een intern coalitieconflict dat de start bemoeilijkt: ‘Zijn we wéér te laat.’ Ofwel: een coalitie die moet scharrelen en sprokkelen om te overleven.

Toen dinsdag duidelijk was dat de afloop van de kabinetsformatie eindelijk nabij was, had je ’s middags in de Tweede Kamer een curieus momentje. Het was tijdens de stemming over de Landbouwbegroting voor volgend jaar.

Al vroeg kwam zo in beeld hoe lastig Rutte IV het in 2022 kan krijgen (en niet alleen inzake corona).

Bij die stemming vroeg het Tweede Kamerlid Derk Jan Eppink (JA21) het woord. Hij zei dat zijn fractie de Landbouwbegroting zou steunen, maar ook dat JA21 „ten koste van alles” wil „voorkomen dat boeren onder dwang onteigend worden”.

Daarom kondigde hij aan dat JA21 bij het debat over de Landbouwbegroting in de Eerste Kamer, vermoedelijk over twee weken, hierover een motie zal indienen. Mocht die worden afgewezen, zei hij, dan stemt JA21 alsnog „tegen de begroting”.

En omdat de coalitie geen meerderheid heeft in de Eerste Kamer (32 van de 75 zetels), en partijen als PvdA en GroenLinks tegen deze Landbouwbegroting zijn, is het mogelijk dat de coalitie afhankelijk is van de zeven senaatzetels van het rechtse JA21.

„Politiek gaat om meerderheden”, vertelde Eppink me later in de week. „Al het andere is poëzie.”

En hoewel je in de coalitie hoorde dat de SP ze in de senaat mogelijk uit de brand helpt, was de timing van Eppink wel slim: het regeerakkoord dat volgende week naar buiten gaat, bevat passages over een gebiedsgerichte aanpak voor stikstofreductie, waarbij het rijk per regio de opgave voor stikstof, CO2 en waterbeheersing bepaalt.

Gevoelige materie voor boeren. Het kan, zei een coalitiebron, „best rumoer” in de landbouw geven.

En zo legde Eppink alvast een logica bloot die volgend jaar in principe alle nieuwe plannen kan bedreigen die Rutte IV komende week bekendmaakt: een kabinet zonder meerderheid in de senaat zal voortdurend moeten scharrelen en sprokkelen op zoek naar meerderheden in de Eerste Kamer.

En dan kan het net zo goed afhankelijk zijn van partijen links van D66 (PvdA, GroenLinks, etc.) als van partijen rechts van de VVD (JA21, etc.).

Hiermee krijgt het nieuwe kabinet precies wat aanhangers van meer dualisme tussen kabinet en Kamer – ook de coalitiepartijen zelf – eerder dit jaar zo graag zeiden te willen.

Alleen: weinig politici die dit vurig bepleitten hadden er ook praktische ervaring mee. En juist de laatste weken bleek binnenskamers hoe ingewikkeld dit kan uitpakken.

Want door datzelfde dualisme wijst alles nu op een ongemakkelijke start voor Rutte IV.

Uiteraard zal de aandacht volgende week uitgaan naar de coalitieplannen inzake klimaat, wonen, onderwijs, migratie, defensie, etc. En ongetwijfeld hebben pers en politiek de komende weken eindeloos belangstelling voor de invulling van kabinetsposten. Welk nieuw ministerie krijgt Hugo de Jonge? Wat is de partij van Ernst Kuipers? Welke politiek adviseur van een zittende minister is kandidaat-staatssecretaris? Etc.

Maar dat heeft allemaal ook iets van dansen op een vulkaan, want intussen kent de bevolking andere zorgen: corona.

12 november maakte het kabinet nieuwe coronabeperkingen bekend, twee weken later aangescherpt tot de avondlockdown vanaf 17.00 uur. Maar die twaalfde november vertelden Mark Rutte en Hugo de Jonge ook dat versoepelingen pas weer mogelijk zijn als de Kamers ook invoering van ‘2G’ wettelijk toestaan. In dat geval biedt de coronapas in een aantal sectoren – bijvoorbeeld de horeca – alleen nog toegang voor gevaccineerden of genezen coronapatiënten.

Er is volop kritiek op deze aanpak, ook op de effectiviteit ervan. Maar intern bleef het demissionaire kabinet werken aan wetgeving die invoering van 2G mogelijk maakt. Motivatie: het is de beste manier om de samenleving relatief veilig te heropenen zodra de avondlockdown is ingetrokken.

Maar in de Tweede Kamer had coalitiepartij ChristenUnie, eerder al aarzelend over de coronapas, principiële bezwaren: de partij wil niet polariseren met ongevaccineerden. Alleen: de ministerraad stemde in met 2G als principe, waarbij ook de CU-bewindslieden het voorstel steunden.

Toen stond alleen de CU-Kamerfractie de kansen van 2G nog in de weg. En die hield indachtig het nieuwe dualisme stand.

Ook het CU-congres keerde zich er eind november tegen, mede op aandringen van de afdeling Urk. De partij stelde 1G voor: iedereen testen. Volgens VWS een onuitvoerbaar alternatief.

In de Haagse binnenkamer voegde de CU daaraan volgens betrokkenen toe dat de discussie de partij zwaar valt: ‘Wij verliezen leden aan de coronapas.’ In het CDA zeiden sommigen lichtvoetig: ‘En wij verliezen leden aan corona.’

De tegenstellingen verhardden zich, zeker toen de CU vorige week donderdag óók een FVD-motie steunde tegen (Europese) vaccinatieplicht. Er kwamen geluiden uit de PvdA bij, waaruit bleek dat die partij niet automatisch met 2G instemt (GroenLinks was al sceptisch), waarna duidelijk werd dat JA21 in de senaat er ook weinig in ziet.

Zo stond het demissionaire kabinet vorig weekeinde, vlak voor de beslissende formatieweek, voor een stevig dilemma: zette het zijn 2G-voorstel door?

Sommige CDA- en D66-ministers wilden dat, maar De Jonge zag er, bleek zondagavond, met Ruttes instemming vanaf. In hun redenering is het beter de avondlockdown te verlengen tot na 1 januari, zodat het ongeduld hierover alsnog de geesten rijp maakt voor 2G in het nieuwe jaar.

Maar het inzichtelijke was: het besluit wekte behoorlijk veel wrevel binnen de coalitie.

Gezegd werd: stel dat we in de tweede helft van december in een structurele daling van de besmettingen terechtkomen, dan moet de huidige lockdown in januari nóg gecontinueerd worden: zonder 2G is het land immers niet veilig te heropenen.

„Zijn we wéér te laat”, zei een coalitiebron. „Is iedereen wéér boos.”

En de kans dat die nationale gemoedstoestand zich rond half januari voordoet, als het nieuwe kabinet op het bordes wordt verwacht, betekent volgens een andere coalitiebron dat corona Rutte IV zelfs kan ondermijnen als het nieuwe kabinet van start gaat.

„Ze zeggen dat de twee mooiste dagen van het ministerschap de eerste en de laatste dag zijn”, zei een coalitiebron. „Bij dit kabinet kunnen we daar de eerste dag al vanaf halen.”

Zo dreigt Rutte IV wel heel vroeg de gevangene van de eigen goede bedoelingen te worden.

Verder viel me deze week op dat partijen, net als onder Rutte III, veel maatschappelijke tegenactie van hun plannen verwachten, met name op het snijvlak van ruimtelijke ordening, klimaat en stikstof.

Maar ik sprak ook een ervaren coalitiepoliticus die me één feitje aan de hand deed om te zeggen: overdrijf het belang van actievoerders nou niet.

Hij wees op de uitslag van recente gemeenteraadsverkiezingen in het Brabantse Land van Cuijk (‘de agrifoodtechregio van Nederland’), waar een bekende boerenleider kandidaat stond.

Het was Mark van den Oever, voorzitter van Farmers Defence Force, die de laatste jaren zoveel nationale media-aandacht kreeg met zijn vaak omstreden uitlatingen. Hij bezette 24 november plaats vier van de lokale lijst Keerpunt, en haalde ondanks zijn nationale bekendheid in zijn thuisbasis slechts 103 stemmen. Nul zetels.

Verwacht geen wonderen van het nieuwe kabinet, zei de ervaren politicus. „Maar misschien ook niet meer van al die mensen die zo goed zijn in ‘nee’ schreeuwen.”