Rotterdams bedrijf koopt Amsterdamse afvalverwerker voor 450 miljoen euro

Afval De gemeente Amsterdam heeft afvalverwerker AEB voor 450 miljoen euro verkocht aan het Rotterdamse afvalbedrijf AVR.
Afvalverwerking bij het Amsterdamse afvalbedrijf AEB.
Afvalverwerking bij het Amsterdamse afvalbedrijf AEB. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Het Rotterdamse afvalbedrijf AVR heeft de Amsterdamse afvalverwerker AEB voor 450 miljoen euro gekocht. Dat meldt de gemeente Amsterdam woensdag. De gemeente heeft met de verkoop afstand gedaan van haar aandelenbelang van 100 procent. Toezichthouder Autoriteit Consument & Markt moet de verkoop nog goedkeuren.

De keuze is op AVR gevallen vanwege de ervaring in de Nederlandse markt met „een uitstekende reputatie” op het gebied van duurzaamheid, aldus de gemeente. Bovendien heeft het Rotterdamse bedrijf de hoogste prijs geboden. Het financiert de koop „volledig uit eigen middelen”, zo schrijft Amsterdam. Na aflossing van alle schulden die AEB heeft gemaakt, houdt de gemeente met de verkoop een winst over van ongeveer 60 miljoen euro.

Lees ook: Hoe solistisch Amsterdam het AEB maar niet kwijtraakt

Het Amsterdamse afvalbedrijf belandde in de zomer van 2019 in de financiële problemen, nadat vier van zijn zes verbrandingsovens uit veiligheidsoverwegingen werden gesloten. De gemeente Amsterdam besloot datzelfde jaar, als enige aandeelhouder, dat het bedrijf in particuliere handen moest komen. Het verkoopproces liep echter vertraging op vanwege de coronacrisis. NRC onthulde eerder dat de moeizame verkoop ook te maken had met grote meningsverschillen tussen stadsbestuurders.

Afvalcrisis

De sluiting van de Amsterdamse verbrandingsovens zorgde voor een landelijke afvalcrisis. Ook werd gevreesd voor een faillissement van het bedrijf. In dat geval zou de gemeente Amsterdam honderden miljoenen euro’s verlies hebben gemaakt. Het faillissement werd afgewend dankzij noodkredieten die door meerdere banken aan Amsterdam werden verstrekt. Nu heeft AVR het noodlijdende bedrijf in de hoofdstad gered.

Een belangrijke verkoopvoorwaarde is dat de komende twee jaar geen gedwongen ontslagen als gevolg van de overname vallen. Ook blijft het bestaande sociaal plan van kracht tot 1 juli 2024. AVR werd acht jaar geleden voor bijna 1 miljard euro gekocht door een Chinees consortium. De Nederlandse marktleider wekt energie uit afval, die vervolgens wordt geleverd aan de Rotterdamse haven en stadsverwarming door heel Nederland.