Opinie

Poetin heeft een punt

Geopolitiek Begrip voor wat Rusland beweegt draagt bij aan de veiligheid van Europa, schrijft .
President Poetin bij een gezamenlijke oefening van de Russische en Wit-Russische krijgsmachten.
President Poetin bij een gezamenlijke oefening van de Russische en Wit-Russische krijgsmachten. Foto Sergei Savostyanov/AP

Aangezien Rusland een groot aantal troepen stationeert aan de grens met Oekraïne en een invasie volgens Amerikaanse inlichtingen ophanden is, worden alle pijlen zoals gebruikelijk op Rusland gericht. De Amerikaanse president, Joe Biden, had al gezegd geen enkele „rode lijn” te accepteren en deed daar deze dinsdag in zijn videogesprek met zijn Russische ambtgenoot, Vladimir Poetin, een schepje bovenop door met de zwaarst mogelijke economische sancties te dreigen. Zo onderstreept hij nogmaals zijn steun voor de „soevereiniteit en territoriale integriteit van Oekraïne”. Dat is in lijn met het opinieartikel van Laura Starink, zaterdag in NRC: Oekraïne heeft recht op een eigen buitenlandse politiek (4/12). Daarin veegt zij de vloer aan met de Russische eis van garanties tegen verdere oostwaartse NAVO-uitbreiding en spoort zij de VS en Europa ertoe aan om „pal [te] blijven staan voor de onafhankelijkheid van de ex-vazalstaten van Moskou”. Ondertussen verkondigt NAVO-secretaris-generaal Jens Stoltenberg dat het een „dure fout” zou zijn als Rusland Oekraïne verder destabiliseert.

Een poging om te kijken wat Rusland beweegt en in hoeverre het Westen daar debet aan is, schittert door afwezigheid. Terwijl begrip van Rusland zou kunnen bijdragen aan een stabiel Europa. Aan Russische zijde is reële angst voor de plaatsing van NAVO-raketten in Oekraïne. Dit kan de Russische troepenopbouw langs de grens met het buurland verklaren: willen de Russen daadwerkelijk Oekraïne binnenvallen of wil Poetin zijn oproep tot dialoog en zijn ‘rode lijn’ ten aanzien van NAVO-expansie kracht bijzetten? En heeft de Russische president in het laatste geval misschien een punt?

Westerse politici en media bestempelen de Russische claim dat er aan het einde van de Koude Oorlog is beloofd dat de NAVO niet verder oostwaarts zou uitbreiden als een ‘mythe’. Historici zijn het er inmiddels echter over eens dat onder andere de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, James Baker, wel degelijk in het kader van gesprekken over de eenwording van Duitsland aan Gorbatsjov heeft voorgespiegeld dat de NAVO „would not shift one inch eastward”. En hoewel NAVO-expansie juridisch gezien geen gebroken belofte is, aangezien er niks formeel was vastgelegd, wordt het in een toonaangevend rapport van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) uit 2017 wel „a broken spirit of cooperation” genoemd. Ook dat heeft in de wereldpolitiek, waar vertrouwen zo broos is, verstrekkende gevolgen.

Westerse dreiging

Aan westerse zijde was hier halverwege de jaren negentig, toen NAVO-uitbreiding op de agenda stond, wél oog voor. Een groot aantal vooraanstaande Amerikaanse staatslieden schreven aan de toenmalige president, Bill Clinton, een brandbrief, waarin ze benadrukten dat zijn wens tot NAVO-expansie „a policy error of historic proportions” was. De invloedrijke staatsman en architect van de ‘containment’-politiek (het indammen van het communisme), George Kennan, stelde op 93-jarige leeftijd dat deze uitbreiding tot een nieuwe Koude Oorlog, zoals hij dat toen al noemde, zou leiden, waarin Rusland zich wel agressief op móest stellen om de dreiging van een westers bondgenootschap aan zijn grenzen het hoofd te bieden. De Amerikaanse topdiplomaat William Hill beargumenteert in zijn boek No Place for Russia dat de centrale positie van de NAVO en de EU in de Europese veiligheidsarchitectuur en diplomatie de integratie van Rusland in een Euro-Atlantisch veiligheidssysteem onmogelijk heeft gemaakt, met alle gevolgen van dien. In de NAVO en de EU is immers daadwerkelijk geen plaats voor Rusland. Hills analyse strookt met die in het genoemde OVSE-rapport, waarin de Oekraïnecrisis eerder als een symptoom dan als een oorzaak van de gespannen verhoudingen tussen Rusland en de rest van Europa wordt gezien.

In dat licht is ook de Russische troepenopbouw aan de Oekraïense grens veeleer symptomatisch. Wat Rusland nu doet, is niet wezenlijk anders dan de grootschalige NAVO-exercities, bijvoorbeeld in buurland Polen, gedurende de afgelopen jaren. Binnen diezelfde OVSE had de Russische minister van Buitenlandse Zaken, Sergej Lavrov, op donderdag 2 december een gesprek met zijn Amerikaanse collega, Antony Blinken. Terwijl Lavrov de aandacht wil voor Russische ideeën voor een nieuw Europees veiligheidspact, waar Rusland wél deel van uitmaakt, dreigt Blinken net als Biden met nog meer sancties. De uitsluiting van Rusland wordt beantwoord met nóg meer uitsluiting.

Lees ook dit opiniestuk: De NAVO brak zijn woord aan Rusland niet

Historisch besef

Het is des te ironischer dat dergelijke gesprekken in de marge van de OVSE plaatsvinden, terwijl die instelling juist het platform zou moeten zijn om zulke grieven in een multilaterale, pan-Europese dialoog in goede banen te leiden. Tijdens de Koude Oorlog lukte dat wél, toen de voorganger van de OVSE, de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, haar verbindingen benutte om de angel te halen uit het conflict over de Sovjetinvasie in Afghanistan in 1979 en de crisis in Polen in 1980-81, waarbij er Sovjettroepen langs de Poolse grens waren gestationeerd om de snel groeiende invloed van vakbeweging Solidarnosc te beteugelen. Het feit dat de West-Europese regeringsleiders zich toen juist verzetten tegen de Amerikaanse roep om sancties en met de Sovjet-Unie in gesprek bleven, droeg bij aan het vreedzame einde van de Koude Oorlog. Nu lijkt enig historisch besef of vermogen tot empathie aan westerse zijde te ontbreken. Dat zal Poetin cum suis er uiteindelijk toe nopen daadwerkelijk een rode lijn te trekken. En dat zal Europa pas écht destabiliseren.