Reportage

Hoe de buitenlandse krant verdwijnt uit Nederlandse kiosken

Internationale kranten Anderhalf jaar lang schreef een verkoopster van Athenaeum Nieuwscentrum in Amsterdam ‘liefdesbrieven’ aan The Guardian. Het mocht niet baten, deze en steeds meer andere buitenlandse kranten worden in Nederland niet meer geleverd.

Inger van Dongen, lerares Frans uit Bussum, wordt gelukkig van een Franse krant op papier.
Inger van Dongen, lerares Frans uit Bussum, wordt gelukkig van een Franse krant op papier. FOTO JENNIFER KNUCHEL

Het dreigt erg armoedig te worden, zegt Martin Smit. Hij wijst op het rek voor de buitenlandse kranten, dat op de stoep staat bij Athenaeum Nieuwscentrum in Amsterdam.

Vroeger puilde het rek uit van kranten uit heel Europa en daar buiten. Nu is het voor het merendeel gevuld met tijdschriften. „Om de gaten een beetje te verbergen”, zegt Smit, verkoper bij het Nieuwscentrum.

Het aantal buitenlandse kranten in zijn rek is de afgelopen jaren al danig geslonken. De Belgische en de Italiaanse kranten kwamen op een dag niet meer, ook The Guardian, El País en de Neue Zürcher Zeitung leveren al niet meer voor de Nederlandse markt. En vanaf 3 januari dreigen er op doordeweekse dagen helemáál geen buitenlandse kranten meer te krijgen te zijn.

Niet hier, op het Spui. Niet op Schiphol. Niet op treinstations. En ook nergens meer in kiosken, boekwinkels, hotels en andere verkooppunten in het land. In het noorden van het land is de levering in het eerste kwartaal van vorig jaar al gestaakt. En door de coronacrisis heeft de levering in heel Nederland van 15 december 2020 tot 22 mei dit jaar stilgelegen.

Economisch onverantwoord

Voor de enige importeur van buitenlandse kranten in Nederland, Betapress, is het „economisch niet meer verantwoord om een dagelijkse distributie voor buitenlandse dagbladen te blijven voeren”, schreef het bedrijf begin november aan zijn afnemers. „Wij zullen dan ook vanaf week 1 2022 stoppen met de leveringen van internationale kranten, van maandag tot en met vrijdag. De zaterdagdistributie blijft echter wel gehandhaafd.”

Een woordvoerder van moederbedrijf Audax spreekt van een „dramatische beslissing”, die genomen is tegen de achtergrond van „structureel oplopende verliezen”. De coronacrisis heeft het besluit versneld.

Aan het personeel van het Nieuwscentrum heeft het niet gelegen dat het aanbod van internationale kranten zo is verschraald. „Ik heb anderhalf jaar lang liefdesbrieven geschreven aan The Guardian, toen die stopte met de dagelijkse levering’’, zegt Smits collega Anneke Reijnders. „We zijn zulke grote fans, schreef ik, want we lezen de boekrecensies van jullie krant zelf ook, voor de boekhandels die ook deel van Athenaeum zijn.

„Ik kreeg alleen maar antwoord van Automatic Reply, dus schreef ik: Dear Automatic Reply, zit er ook een mens achter je? We hebben nooit antwoord gekregen.”

Ook de plaatsing van een print-on-demand-apparaat in de winkel („een soort gigantisch kopieerapparaat waarmee je kranten van over de hele de wereld kon uitprinten”) bood geen soelaas – het was duur en tijdrovend.

„De man van het Italiaanse restaurant hier om de hoek, die altijd de Gazzetta dello Sport kwam halen, zien we nu nooit meer. Terwijl je altijd hoopt dat zo iemand dan even doorloopt naar onze boekwinkel, die ook Italiaanse boeken verkoopt.”

Einde van een tijdperk

Martin Smit ziet het langzaam aan verdwijnen van de buitenlandse kranten als het einde van een tijdperk: misschien onvermijdelijk, maar ook erg jammer.

„Ik begrijp het wel. Veel mensen lezen digitaal, de kosten van transport en distributie per papieren krant nemen toe. Voor een Frankfurter Allgemeine betaal je vier euro, voor Le Monde en de International New York Times ook.

„Maar er zijn nog altijd mensen die niet op een tablet of telefoon willen lezen. Of die geen online-abonnement willen nemen, omdat ze een krant alleen op een bepaalde dag van de week willen hebben, op de dag dat de cultuurbijlage verschijnt bijvoorbeeld. Hier in de buurt zitten veel uitgeverijen. De zaterdagkrant van De Standaard, uit België, was hier heel populair vanwege de uitstekende literaire bijlage.

„In een stad met kosmopolitische pretenties verwacht je een buitenlandse krant te kunnen kopen, om met een kop koffie mee in een café te gaan zitten. Nu al komen hier toeristen langs die niet begrijpen dat er geen kranten uit hun land te koop zijn. Soms zijn ze al heel wat winkels afgelopen - ze weten niet dat er maar één importeur is.”

Na wat geneusd te hebben in het geslonken Franse aanbod neemt Inger van Dongen, lerares Frans uit Bussum, het weekblad l’Obs (voorheen Nouvel Observateur) en de krant Le Monde uit het rek. Libération, al lang niet meer te krijgen in Nederland, leest ze digitaal. „Maar papier vind ik lekker. Ik word er echt gelukkig van. En wat ik op papier lees dringt beter tot me door.”

Ze is teleurgesteld als ze hoort dat het straks vermoedelijk afgelopen zal zijn met haar gewoonte om, zoals op deze doordeweekse dag, bij een bezoekje aan Amsterdam meteen even een Franse krant te kopen. „Ik vind het belangrijk om te weten wat er in het buitenland gebeurt.” Maar met een laconieke glimlach zegt ze: „We zijn een uitstervende generatie.”