Wat doet een booster precies en moet je telkens blijven bijprikken?

Corona De booster vijzelt de dalende bescherming op tegen een Covid-infectie. En zo’n derde prik prikkelt ons immuunsysteem zelf.

Ouderen bij aankomst in vaccinatielocatie in Rijswijk voor hun boosterprik.
Ouderen bij aankomst in vaccinatielocatie in Rijswijk voor hun boosterprik. REMKO DE WAAL/ ANP

Eén op de honderd Nederlanders heeft een boosterprik gekregen – fors minder dan in onze buurlanden. Het priktempo roept veel discussie op, zeker nu de Gezondheidsraad álle 18-plussers adviseert zo’n prik te halen. Wat doet een booster, wat zit erin, hoe vaak is hij nodig? Vijf vragen en antwoorden.

1 Wat is een booster eigenlijk en waarom is bijprikken nodig?

In feite is de boosterprik een gewone vaccinatie. Hij geeft het afweersysteem opnieuw een seintje om antistoffen te maken tegen het virus. De antistoffen binden aan virusdeeltjes die het lichaam binnendringen en voorkomen zo een infectie. Een booster prikkelt ook andere delen van het immuunsysteem, dat zich daardoor verder ontwikkelt.

Inmiddels is duidelijk dat de concentratie antistoffen in het bloed na de laatste coronavaccinatie binnen een half jaar afneemt. De bescherming tegen infectie neemt in vier tot vijf maanden tijd af van 88 procent naar 47 procent, blijkt uit onderzoek onder 3,5 miljoen Amerikanen. De bescherming tegen ziekenhuisopname was na zes maanden overigens nog altijd 93 procent.

De Gezondheidsraad adviseert de booster dus voor alle meerderjarigen, te beginnen met ouderen. Zo’n derde prik brengt de hoeveelheid antistoffen in het bloed weer op het niveau van vlak na de tweede vaccinatie. De gevaccineerde is daardoor weer optimaal beschermd: gemiddeld beschermen de vaccins direct na vaccinatie voor 60 tot 90 procent tegen infectie, voor 94 procent tegen ziekenhuisopname en voor 97 procent tegen IC-opname, volgens de laatste cijfers van het RIVM.

2 Helpt een booster alleen individuen, of gaat hij ook verspreiding tegen?

Gevaccineerde mensen kunnen het virus nog wel oplopen en verspreiden, ook als zij er zelf niet ziek van worden. Doordat ze het virus sneller uitschakelen, zijn ze waarschijnlijk minder besmettelijk, maar hoeveel minder is nog niet duidelijk. Recent Amerikaans onderzoek suggereert dat gevaccineerde mensen die het virus oplopen een even hoge piek aan virusdeeltjes hebben, maar dat die wel gemiddeld twee dagen korter duurt. Dit suggereert dat zij ook minder lang besmettelijk zijn. In dat geval zou vaccinatie – en dus ook een boosterprik – niet alleen individuen beschermen tegen ziekte, maar ook helpen het virus in de samenleving in te dammen.

3 Wat zit er in zo’n boosterprik?

De boosters zijn ‘gewone’ coronavaccinaties van Pfizer of Moderna. De Gezondheidsraad adviseert één van deze twee vaccinaties te geven, wat iemands eerdere vaccin ook was. Uit diverse onderzoeken, onder meer een nog niet gepubliceerde Nederlandse studie, blijkt dat ook een boosterprik met een ander vaccin dan waar iemand al mee is ingeënt, de afweerrespons versterkt.

De bescherming tegen infectie neemt in vier tot vijf maanden tijd af van 88 procent naar 47 procent

In het Nederlandse onderzoek kregen ruim vierhonderd gezondheidsmedewerkers die volledig gevaccineerd waren met Janssen (één prik), een booster met Janssen, Pfizer, Moderna of een placebo. Diegenen die een mRNA-booster hadden gekregen (Pfizer of Moderna), hadden duidelijk hogere concentraties antistoffen in hun bloed. Veel mensen in zorginstellingen zijn gevaccineerd met Janssen, en die kunnen nu extra worden beschermd met een booster met een van de mRNA-vaccins.

4 Zijn de boosterprikken al aangepast aan de nieuwe virusvarianten?

Nee. Alle fabrikanten zijn bezig vaccins te testen die zijn aangepast aan verschillende combinaties van varianten, waaronder Bèta en Delta. Maar die aanpassingen zitten nog niet in de vaccins die nu worden toegediend. Dat is voorzover bekend ook niet nodig: de huidige vaccins werken nog goed genoeg, óók tegen andere varianten.

Of dat ook opgaat voor Omikron is nog niet bekend. Alle fabrikanten onderzoeken nu hoe effectief hun bestaande vaccins daartegen zijn. Dat zal naar verwachting de komende weken duidelijk worden.

Lees ook: In het lab proberen wetenschappers de Omikronvariant te ontrafelen

5 Hoe vaak moeten mensen een boosterprik krijgen?

Dat is nog niet duidelijk. Voor Nederlanders die nu een booster krijgen, zit er een half jaar tot een jaar tussen de eerdere en deze vaccinatie. Naar verwachting zal de hoeveelheid antistoffen ook na de booster-vaccinatie geleidelijk dalen. Maar hoe erg dat is, is nog niet te zeggen. Niet alleen de afweer dankzij antistoffen is van belang, maar ook de werking van witte bloedcellen. Die cellulaire afweer wordt door het vaccin „getraind” om het coronavirus te bestrijden. Zogenoemde B-cellen produceren grote hoeveelheden antistoffen zodra er een corona-infectie plaatsvindt. Daarnaast zijn er verschillende soorten T-cellen die geïnfecteerde cellen herkennen en snel opruimen.

Een volledig gevaccineerd persoon kan dus na enige maanden weliswaar minder antistoffen hebben, maar dat betekent niet dat alle immuniteit verdwenen is: de getrainde afweercellen kunnen een binnendringend virus effectief bestrijden.

Het kan dus goed zijn dat iedere zes maanden boosten niet nodig is. Wellicht kan een jaarlijkse prik helpen, net zoals de griepprik, of is zelfs dat niet nodig, omdat ons immuunsysteem na drie vaccinaties voldoende is getraind. Dat zal de komende jaren moeten blijken.

Met medewerking van Sander Voormolen en Niki Korteweg