Reportage

Onrust, soms chaos – maar alles is beter dan dat leerlingen weer naar huis moeten

Onderwijs Sinds deze week zijn er strengere coronaregels voor scholen. Ze leiden, naast alle besmettingen, tot chaotische situaties en enkele boze ouders.

Basisscholieren op de Haagse De La Reyschool. Voor alle leerlingen geldt: bij klachten naar huis en testen.
Basisscholieren op de Haagse De La Reyschool. Voor alle leerlingen geldt: bij klachten naar huis en testen. Foto Arie Kievit/ANP

Angel rent over het schoolplein naar de straat waar haar vader in een bestelbus met draaiende motor staat te wachten. Het is woensdagmiddag kwart over twaalf en basisschool de Witte Vlinder in Arnhem stroomt leeg. Angel (11) draagt een mondkapje dat ze pas afzet als ze in de auto zit. Dat moet, zegt ze. Ze zit er niet mee; de hele klas draagt er een. Haar vader Patrick had liever gezien dat de kerstvakantie deze week alvast was begonnen. „Veel veiliger.” Nu Angel tóch naar school moet, dan wel graag veilig: ze doen thuis twee keer per week een zelftest. Ook geen probleem, vindt ze. De stokjes doen heus geen pijn en je doet het voor een goed doel. Haar opa kreeg corona en lag twee weken in coma op de intensive care, zegt Patrick. „Dan weet je dat het geen griepje is.”

Sinds deze week zijn er nieuwe coronaregels voor scholen, ouders en leerlingen. Leerlingen uit groep zes, zeven en acht dragen voortaan een mondkapje in de gangen – net als leerlingen in het voortgezet onderwijs. Ouders worden geacht om twee keer per week een zelftest te doen bij hun kinderen en voor alle leerlingen geldt: bij klachten naar huis en testen. Ook is het ‘snotneuzen-beleid’ aangescherpt: ook wie licht verkouden is, moet naar huis. Wat misschien wel het meest ingrijpend is, want welk kind heeft géén snotneus in november en december?

Besmettingshaarden

De regels zijn zo streng omdat scholen, met name de basisscholen, zich de afgelopen weken ontpopten als de grootste besmettingshaarden. Maar scholen opnieuw sluiten, dat wil vrijwel niemand meer. Ook het kabinet en het OMT niet. De schade van lockdowns is te groot, blijkt uit verschillende onderzoeken naar leerachterstanden en emotionele problemen bij kinderen en jongeren.

Lees ook: Leerachterstanden door lockdowns op vmbo veel groter dan op het vwo

Welk kind heeft géén snotneus in november en december?

In de praktijk leiden de vele besmettingen en de strengere regels tot chaotische situaties. Honderden scholen stuurden de afgelopen weken klassen naar huis omdat leerlingen besmet bleken, tientallen scholen sloten zelfs helemaal de deuren op last van de plaatselijke GGD’s. En dus zitten duizenden leerlingen en hun ouders alsnog thuis.

Neem Floor Broekman uit Broek in Waterland. Haar zoon Tobias (7) testte op 22 november positief, nadat twaalf klasgenootjes besmet bleken. Broekman, haar man en hun dochter Noa (10) testten negatief, maar Noa bleek deze week alsnog besmet. Ze heeft, anders dan haar broertje, klachten: keelpijn, moe.

„We zitten nu op dag tien vanaf de eerste test van Tobias”, zegt Broekman woensdag aan de telefoon. „En we zijn er nog niet. Volgens de GGD mogen de kinderen vijf dagen na een positieve test weer naar school. Tobias mag dus weer naar school en als het goed is, mag Noa maandag weer. Maar als zij dan nog steeds klachten heeft, komen er dagen bij. En stel dat mijn man of ik alsnog positief test, dan komen er wéér vijf dagen bij. En zelf in isolatie gaan is niet te doen met jonge kinderen.”

Broekman kan als gz-psycholoog niet goed vanuit huis werken. „We beseffen nu pas wat een geluk we hebben gehad. Tijdens de eerdere schoolsluitingen konden onze kinderen naar de noodopvang vanwege mijn beroep.” Nu moet ze afspraken met haar cliënten verplaatsen.

Broekman wil haar situatie „absoluut relativeren”. Er zijn ergere dingen. „Maar gisteren brák er iets bij Noa. Ze had zich zo verheugd op sinterklaas op school. Dat wordt haar nu door de neus geboord. En ze heeft straks twee weken school gemist. Ze doet thuis wel haar taken en kan prima zelfstandig werken, maar ze mist de uitleg die ze hard nodig heeft.”

Regelrechte woede

De nieuwe regels zorgen ook voor onrust en soms regelrechte woede bij ouders. Ze zijn boos omdat de school in hun ogen niet streng genoeg is. Of ze zijn boos omdat ze het belachelijk vinden dat hun kind een mondkapje moet dragen en twee keer per week moet worden getest.

Scholen kunnen dit overigens niet afdwingen, zegt een woordvoerder van de PO-raad, de vereniging van basisschoolbesturen. Het leek aanvankelijk wel zo, omdat in een eerste versie van het nieuwe advies het woord ‘dwingend’ werd gebruikt. „Dat is snel veranderd in ‘dringend’.”

Scholen kunnen er wél voor kiezen om mondkapjes op te nemen in hun eigen veiligheidsbeleid, zegt een woordvoerder van het ministerie van onderwijs. „Zoals ze ook kunnen zeggen dat leerlingen geen petje mogen dragen in de klas.”

Lobke Vlaming, directeur van belangenorganisatie Ouders&Onderwijs heeft de afgelopen dagen heel wat „vervelende gesprekken” moeten voeren met ouders „die er extreem in zitten.” Maar, zegt ze, dat zijn de uitersten. „We weten uit eerdere peilingen dat zo’n 80 procent van de ouders zich niet zo druk maakt over het coronabeleid. Zo’n 10 procent maakt zich zorgen over de veiligheid van hun kind en wil het liefst dat de scholen sluiten en nog eens 10 procent gelooft niet in corona en is nu woedend vanwege de aangescherpte maatregelen.”

Boze ouder

Interim-directeur Piet Stuivenvolt van De Witte Vlinder kreeg deze week één telefoontje van een boze ouder. „Hij zei: ‘Als er nog geen mondkapjes zijn, hou ik mijn dochter thuis. Goedemiddag’. Tja.”

„Die man is wel vaker boos”, zegt leerkracht Berrie van den Bovenkamp van groep acht.

Stuivenvolt: „De meeste ouders vinden het geen probleem.”

Van den Bovenkamp: „Dat is best bijzonder. Er zijn hier veel ouders niet gevaccineerd en tegen het coronabeleid.”

Stuivenvolt: „Als het van de overheid komt, is het sowieso al verdacht. Maar ze vertrouwen de school.”

Drie kinderen uit zijn klas zitten nu thuis, zegt Van den Bovenkamp. Ook in de andere klassen gaat het om een handjevol leerlingen. De piek in het aantal besmettingen was hier al in oktober. Van den Bovenkamp raakte zelf ook besmet en werd, ondanks vaccinaties, „best ziek”. Irma Schouten, de ‘plus-leerkracht’ van De Witte Vlinder, sprong in. Op de dag dat zij niet kon werken, moest de klas naar huis: geen vervangers.

Van den Bovenkamp is blij dat de scholen open kunnen blijven. Ondanks de nieuwe regels. Ach, zegt hij, soms is het lastig. De leerlingen mogen bijvoorbeeld niet meer op de gang werken, om te voorkomen dat leerlingen uit verschillende klassen elkaar tegenkomen. „Terwijl dat juist de plek is waar ze even rustig kunnen zitten.”

En het aangescherpte snotneuzen-beleid? „Sorry”, zegt Van den Bovenkamp, „Daar let ik niet zo goed op. Ik ben geen arts. Vergeet niet dat kinderen in deze tijd van het jaar altijd ziek of verkouden zijn.”

Schouten: „En met Sinterklaas is iedereen weer beter.”

Gespreid buitenspelen

Om het risico op besmetting zo klein mogelijk te houden, past de school weer regels uit de vorige coronagolven toe: er zijn eigen ingangen voor de verschillende klassen en de leerlingen spelen gespreid buiten.

„We zijn echt wel weer strenger”, zegt Schouten. Maar, benadrukt ze, álles is beter dan dat leerlingen weer naar huis moeten.

Van den Bovenkamp: „Dat willen ze zelf ook niet.”

Schouten: „Ze hebben in de vorige lockdowns gemerkt wat ze missen.”

Van den Bovenkamp: „Ze maken zich al druk als ze een paar dagen in quarantaine moeten, omdat ze bang zijn dat ze dan lagere cijfers halen.”

Schouten: „Het zijn achtstegroepers, hè. Die denken na over de Cito-toets en naar welke school ze volgend jaar mogen.”

Lees ook: Sluiten van scholen is nu niet aan de orde

De mondkapjes vinden z’n leerlingen „irritant”, zegt Van den Bovenkamp. „Maar ze dragen ze trouw en corrigeren óns. Als ik ’m even vergeet, roepen ze meteen: ‘Meester! Uw mondkapje!’”

Omdat de verslaggever vanwege de regels niet in de klas met leerlingen mag praten, nam Van den Bovenkamp hun reacties op de nieuwe regels op met zijn telefoon.

Jayden vindt het „wel goed” dat iedereen op school mag blijven, zegt hij in het geluidsfragment. „Want bij de online lessen kunnen veel kinderen niet meedoen. Omdat hun wifi het bijvoorbeeld niet doet.”

Iphrahim moest in oktober in quarantaine en miste daardoor een paar belangrijke rekenlessen. „Daardoor scoorde ik heel slecht op de rekentoets. Dat is irritant.”

Benjamin: „Als we weer in lockdown gaan, krijgen we misschien een lager schooladvies. Dan kun je later niet meer worden wat je wilt.”