Necrologie

Lawrence Weiners kunst gaf de kijker denkruimte

Conceptueel kunstenaar (1942-2021) Met zijn talige kunst was de Amerikaan Lawrence Weiner een van de belangrijkste grondleggers van de conceptuele kunst. Donderdag overleed hij op 79-jarige leeftijd.

Kunstenaar Lawrence Weiner in 2013 op zijn overzichtstentoonstelling ‘Written on the Wind’, in het Stedelijk Museum in Amsterdam.
Kunstenaar Lawrence Weiner in 2013 op zijn overzichtstentoonstelling ‘Written on the Wind’, in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Foto David van Dam

In Amsterdam aan het Spui kun je erover struikelen als je niet oplet: de stenen tableaus in het trottoir. Iets verhoogd boven straatniveau liggen daar sinds 1986 deze gestileerde boekvormen met de tekst ‘Een vertaling van de ene taal naar de andere’, die in verschillende talen op de verschillende bladzijden staat. Ze zijn gemaakt door de Amerikaanse kunstenaar Lawrence Weiner, die vooral in New York woonde maar ook in Amsterdam, waar hij een woonboot had.

Donderdag overleed hij op 79-jarige leeftijd. Zijn IJslandse galerie i8 maakte zijn overlijden bekend.

Aan beide kanten van de oceaan werkte hij sinds de jaren zestig aan een oeuvre waarin tekst het hoofdbestanddeel was. Maar omdat je tekst in een bepaalde vorm moet kunnen lezen, werd ook de uitvoering ietwat noodgedwongen onderdeel van zijn werk. „Ik heb niets tegen objecten, maar ik heb er geen belangstelling voor om ze te maken”, zei hij in 2005 tegen Frieze Magazine. Toch was hij teksten in materiële vorm gaan omzetten, in steen, brons, soms ook op affiches of lucifersdoosjes – als de tekst maar in de gedachten van de beschouwer kon uitgroeien tot een visuele voorstelling.

Het was altijd een eenvoudig en schreefloos lettertype, zoals de bronzen letters in Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. ‘Worn down enough by erosion to allow the flow of all but that which through damming is closed off’, is daar te lezen op het marmer van een trappenhuis in de oudbouw. Al bedacht Weiner werken niet per se voor een omgeving, deze speelt wel mee. Zo kun je de glooiing van de marmeren muur meenemen in je gedachten bij die zelfbedachte voorstelling over water en erosie.

Cryptische zinnen

Een werk kunnen afmaken in je gedachten, was waarom Weiner taal het belangrijkst vond. Daarmee gaf hij een nieuwe draai aan de relatie tussen kunstenaar en beschouwer. „Op het moment dat je een werk van mij kent, dan bezit je het. Ik kan op geen enkele manier in iemands hoofd kruipen en het verwijderen”, zei hij daarover in 2007. De uitleg ligt bij de beschouwer, ook als het cryptische zinnen zijn, wat niet direct eenvoudig is. Maar, zei hij daarover tegen Metropolis M in 2013: „De kans dat het werk verkeerd geïnterpreteerd wordt is niet heel groot; er kan maar weinig misgaan.”

Lees ook dit interview met Lawrence Weiner: ‘Het Stedelijk is een bedrijf’

De waarde van het kunstwerk zit hem dus in de gedachte, sinds de jaren zestig al, en dat maakte hem een van de vroege conceptueel kunstenaars. Niet dat zijn ouders daar meteen vertrouwen in hadden. Hij was in 1942 geboren in de Bronx, New York. „Lawrence, je breekt je eigen hart”, zou zijn moeder gezegd hebben toen hij aankondigde kunstenaar te willen worden, iets wat hij goeddeels autodidact zou doen. Gezien zijn talent voor logica had zijn familie verwacht dat hij die kant uit zou gaan, de filosofie. Maar het werd kunst, hoewel talig – ook een soort logica.

Zonder richting

Zijn kunst ging de wereld over. Vier maal deed hij mee aan de Documenta in Kassel, vanaf 1972, vier maal aan de Biënnale van Venetië. In 2007 opende een groot retrospectief in Los Angeles en New York, waarbij de zin ‘As far as the eye can see’ op de gevel van het Whitney Museum werd bevestigd. Zijn werk bevindt zich in tal van Amerikaanse en Europese musea, in Nederland vooral in het Stedelijk Museum Amsterdam, al sinds de jaren zestig een thuishaven voor Weiners werk.

Daar opende in 2013 de tentoonstelling Written in the Wind met zo’n driehonderd werken op papier en enkele navigaties (ook video, geluid, boeken en zelfs opera behoorden tot zijn werkterreinen). In deze tentoonstelling waren navigatie en zeeën terugkerende elementen, maar een duidelijke richting gaven ze niet. Ze herinneren aan zijn bijbaantjes van vroeger in de haven en op olietankers. Nu op papier wezen pijlen vooral naar elkaar of richting het grotendeels wit gelaten vel met teksten als ‘Lo & behold’ of ‘Quo vadis’. Niet richtinggevend scheppen ze vooral denkruimte, zodat je nadenkt over de woorden en de ontstane leegte, bevrijd van dogma’s of regels, opdat je mentaal weg kunt varen.