Donderwolken boven Juventus - boekhoudkundige creativiteit of een misdrijf?

Italiaans voetbal Bij Juventus loopt het sportief niet. Daarnaast is er het gerechtelijk onderzoek naar onregelmatigheden bij transfers. „Het Italiaanse voetbal is moreel ziek.”

Vice-voorzitter Pavel Nedved (tweede van links) met voorzitter Andrea Agnelli aan zijn zijde, vorige maand in Turijn.
Vice-voorzitter Pavel Nedved (tweede van links) met voorzitter Andrea Agnelli aan zijn zijde, vorige maand in Turijn. Foto Isabella Bonotto/AFP

‘All or nothing’ heet de documentaire over de Italiaanse topclub Juventus, die vorige week op Amazone Prime in première is gegaan. De makers mochten tijdens het voetbalseizoen 2020-2021 meer dan veertig weken achter de schermen bij ‘Juve’ gaan filmen. Dat levert in de eerste afleveringen vooral slim gemaakte marketingtelevisie met enkele glimlachmomenten op. Bijvoorbeeld als de jonge Texaan Weston McKennie besluit op te scheppen over de smaak van Amerikaans eten, tot hilariteit van zijn Italiaanse teamgenoten.

Veel relevanter voor de penibele toestand waarin de club uit Turijn zich nu bevindt, is wat Fabio Paratici in de documentaire zegt over de aankoop van Cristiano Ronaldo. Paratici, inmiddels aan de slag bij Tottenham maar vorig seizoen nog sportief directeur bij Juventus, verzocht het bestuur om „niet te gaan lachen” toen hij voorstelde Ronaldo over te nemen van Real Madrid.

Juventus betaalde in de zomer van 2018 meer dan 115 miljoen euro voor de Portugese superster, een recordbedrag in de Italiaanse Serie A, en zeker een exuberante som voor een voetballer van toen toch al 33 jaar oud.

Met die aankoop sneed Juventus diep in het eigen vel, vindt sportsocioloog en onderzoeksjournalist Pippo Russo. Voor het blad Domani en de website Calciomercato maakt Russo al jaren financiële analyses over de Italiaanse voetbalmarkt. „De club kon zich die aankoop echt niet veroorloven. Bovendien heeft het ook sportief niet gerendeerd. Ronaldo kwam naar Turijn om de club aan de Champions League-overwinning te helpen, maar Juve kwam niet eens in de buurt.”

Prisma-onderzoek

Voormalig sportief directeur Fabio Paratici is nu een van de topmanagers naar wie de rechtbank van Turijn een onderzoek is gestart. De andere bekende namen in het onderzoek, dat Prisma is gedoopt, zijn Juventus-voorzitter Andrea Agnelli en vicevoorzitter Pavel Nedved. Het gerecht vermoedt onregelmatigheden met de boekhouding en neemt daarom de drie boekjaren 2019, 2020 en 2021 nader onder de loep. De rechtbank van Turijn verdenkt Juventus ervan de transferwaarde van spelers hoger te hebben ingeschat en facturen te hebben uitgegeven voor niet-bestaande transacties.

Recente huiszoekingen in de kantoren van de club wekten ophef in voetbalminnend Italië, waar het nieuws van het onderzoek breed wordt opgepikt. Die ophef leidt ook tot veel speculatie, bijvoorbeeld over wat de clubbonzen tijdens afgeluisterde gesprekken tegen elkaar zouden hebben gezegd. Maar de inhoud daarvan is nog niet bekend.

Juventus is, net als de Serie A-clubs AS Roma en Lazio, een beursgenoteerd bedrijf. De politie wachtte tot de beursdag voorbij was om de kantoren van Juve te doorzoeken, om het aandeel van de club niet te beïnvloeden. „Omdat Juventus op de beurs zit, overstijgt dit onderzoek de voetbalwereld en weegt het nog zwaarder”, zegt Pippo Russo. De bal kwam overigens aan het rollen door de beurswaakhond Consob, die als eerste besloot de financiële transacties van Juventus nader te bekijken.

Negatief imago

Het onderzoek beschadigt het imago van Juventus, dat sportief ook niet lekker draait met een zevende plaats in de Serie A, maar straalt daarnaast ook negatief af op het hele Italiaanse voetbal, vindt Russo. „Internationaal gezien gaat het niet goed met het Italiaanse clubvoetbal, maar inzake creatieve boekhouding bekleden onze clubs een leiderspositie”, klinkt het hard. „Andere voetballanden, zoals Spanje en Portugal, beginnen het Italiaanse systeem al te kopiëren.”

Russo duikt al jaren in financieel creatieve constructies van voetbalclubs, die hun boekhouding volgens hem rooskleuriger voorstellen om zo hun licenties voor de Serie A en bij de Europese voetbalbond UEFA te behouden. Hij spreekt van een systeem van „gekruiste meerwaarde tussen clubs”, wat erop neerkomt dat twee clubs onderling afspreken om voetballers met ongeveer dezelfde marktwaarde, en ongeveer even ver in de looptijd van hun contract, aan elkaar te verkopen. „Beide clubs vermeerderen hun vermogen, terwijl er geen euro wordt betaald.”

Clubs zeggen snel ter verdediging dat de waardebepaling van voetballers subjectief is, en dat elke verdenking zou moeten ophouden zodra een club bereid is een bepaalde som te betalen. Maar volgens Russo worden bij zulke deals tientallen miljoenen euro’s verschoven, terwijl dat geen euro oplevert in de kas van de club, met het enige doel om de financiële huishouding op papier te doen kloppen: „In het Italiaanse voetbal is dat een wijdverspreid systeem.”

Serie B

Omdat Juventus een beursgenoteerde topclub is, zouden de onderzoekers weleens verder kunnen gaan, en ook bij andere clubs kunnen belanden. „Het calcio staat op financieel, maar bovenal op moreel gebied dicht bij het bankroet”, zegt de sportsocioloog. Volgens hem is de zaak-Juventus dé kans om schoon schip te maken op de Italiaanse voetbalmarkt.

Mogelijke sportieve straffen zijn puntenaftrek in de Italiaanse competitie. Veel minder waarschijnlijk ditmaal lijkt degradatie naar de Serie B, de tweede divisie, zoals de club wel in 2006 overkwam. Na een groot matchfixing-schandaal raakte de ‘Oude Dame’ toen ook twee landstitels kwijt. De gerechtelijke onderzoekers moeten nu kunnen bewijzen dat bestuurders bij Juventus moedwillig de marktwaarde van spelers opdreven, als fictieve steroïden voor hun boekhouding. Een legale vorm van boekhoudkundige creativiteit, of een misdrijf? Aan justitie om die vraag te beantwoorden.