Recensie

Recensie Beeldende kunst

Paula Rego is raadselachtig maar nooit intimiderend

Tentoonstelling Ze schiep de afgelopen decennia een intense, grimmige fantasiewereld. Het Kunstmuseum heeft nu het gedroomde overzicht van dat droomachtige werk. Niets in Paula Rego’s composities is onbeduidend.

Paula Rego, The Dance (1988)
Paula Rego, The Dance (1988) Foto Tate

Na gedenkwaardige tentoonstellingen over Francis Bacon (in 2001) en Lucian Freud (in 2008) brengt het Kunstmuseum in Den Haag opnieuw – en wederom als eerste museum in Nederland – een overzicht van een grootheid uit de naoorlogse Britse schilderkunst. In de ruime daglichtzalen op de bovenverdieping is een retrospectief ingericht van het werk van Paula Rego, geboren in 1935 in Lissabon, opgeleid en al bijna haar hele leven woonachtig in Londen. Doordat het Kunstmuseum voor de tentoonstelling kon samenwerken met Tate Britain is het een overweldigend overzicht geworden, met veel belangrijke schilderijen en tekeningen uit Rego’s carrière.

Paula Rego, Angel (1998)

Foto particuliere collectie

De eerste twee zalen zijn gewijd aan de decennia voorafgaand aan haar internationale doorbraak, die halverwege de jaren tachtig plaatsvond. Je ziet hoe Rego, zoekend naar een eigen vorm, vanaf haar academietijd speelt met elementen van art brut, Portugese volkskunst, graffiti, collage, strips en tekenfilms. Ze wisselt een paar keer van stijl, maar inhoudelijk doet ze al wat ze later blijft doen: persoonlijk of maatschappijkritisch werk maken. Of allebei tegelijk.

Paula Rego legt vast wat ze ziet, maar haar voorstellingen zijn niet realistisch

Paula Rego levert in haar werk kritiek op de politieke situatie in haar geboorteland – aanvankelijk op de fascistische dictatuur en het kolonialisme, later op de abortuswetgeving – en ze vindt beeldende vertalingen voor seks, geboorte, huwelijksproblemen en andere intermenselijke ingewikkeldheden. Best interessant om kennis van te nemen, dat vroege werk, maar je kijkt er toch wat ongeduldig naar als je weet wat je in de rest van de tentoonstelling ongeveer te wachten staat.

Lees ook de reportage over Rego’s atelier in Londen: In haar atelier schept Rego een eigen droomwereld

Vier grote zalen en een stel kleinere kabinetten zijn gereserveerd voor Rego’s latere en beste werk, eerst nog geschilderd in olieverf of acryl en vanaf 1994 vooral getekend in pastelkrijt. Omstreeks 1986 ging ze voor het eerst sinds dertig jaar weer naar de waarneming in plaats van uit het hoofd werken en ontwikkelde ze in korte tijd haar signature style. Sindsdien vertelt ze haar verhalen in composities die op een veel klassiekere manier figuratief zijn.

Paradox

De paradox van Paula Rego’s late werk is dat ze fantasieën schildert en tekent naar de waarneming. Ze legt vast wat ze ziet, maar haar voorstellingen zijn niet realistisch. Dat komt doordat ze opstellingen in haar atelier bestudeert, grote stillevens met zelfgemaakte poppen, maskers en rekwisieten, waarin ze meestal een of meer levende modellen laat poseren. Het zijn een soort levensgrote kijkdozen met figuranten erin, stills uit theaterstukken die tegelijk levensecht en volkomen toneelmatig aandoen. De mensen zijn echt, de belichting is consequent, de hele setting heeft een scherpte en intensiteit die meer werkelijkheid dan droom is – en toch zijn het droomachtige scènes.

Vrouwelijke modellen omhelzen een grote, uit kussens gemaakte ‘Pillow Man’. Een klein duiveltje speelt banjo voor drie grote groene kolen. Een figuur met een wit konijnenmasker draagt een pop in een jurk, ook met een konijnenmasker maar dan bebloed. Het is met poppen spelen voor gevorderden, wat Rego doet. Als een volwassen geworden kind, niet in een speelkamer maar in een atelier, schept ze een vreemde, volle fantasiewereld – „grimmig weliswaar, maar grimmig als in een kinderboek”, zoals de schrijvende schilder Toine Moerbeek het in 1993 formuleerde in het tijdschrift Tirade. Daarmee vatte hij de sfeer goed samen.

Paula Rego, The Pillowman (2004, driemaal pastelkrijt op papier op aluminium, 180 x 120 cm)

Foto collectie Ostrich Arts Limited

Op een expositie van Rego’s werk in Musée de l’Orangerie in Parijs werden drie jaar geleden ook poppen en decorstukken getoond die ze voor haar pastels gebruikt had. Dat werkte zeer verhelderend. Bezoekers van de tentoonstelling in Den Haag moeten het zonder die props stellen, maar wie iets over haar werkwijze wil weten kan op NPO Start kijken naar een ingekorte versie van Paula Rego – Secrets and stories, de documentaire die haar zoon Nick Willing in 2017 over haar maakte. (De film wordt op 11 december ook herhaald op NPO2.)

Uit de documentaire komt Rego naar voren als een temperamentvolle, soms pijnlijk eerlijke vrouw, die in haar werk zowel het kind als het beest in zichzelf onder ogen ziet. „Het is een opluchting dat ik de angst in het beeld kwijt kan”, zegt ze. „Ik ben altijd op zoek naar verhalen en spullen die me die mogelijkheid geven.”

In haar werk ziet Paula Rego zowel het kind als het beest in zichzelf onder ogen

Psychiatersofa

Elk element in haar intense, volle composities heeft een persoonlijke, politieke of literaire betekenis; in de film en de tentoonstellingscatalogus wordt af en toe zo’n betekenis prijsgegeven. Maar de raadselachtigheid van haar werk is niet intimiderend. Het is genoeg om verklaringen te vermoeden, om te begrijpen dat Rego de betekenissen nodig heeft om haar schilderijen en tekeningen hun volheid en intensiteit te geven. Als je bijvoorbeeld niet weet dat ze de leren sofa in haar atelier van haar psychiater heeft gekocht, nadat ze jarenlang bij hem in therapie was geweest, zie je nog altijd een meubel dat voor haar blijkbaar zo belangrijk was dat ze zich kon verliezen in de diverse tinten bruin, de rimpels in het leer en de glimlichtjes naast de naden.

Niets in Rego’s composities is onbeduidend. Stoelpoten, gordijnen, schoenen en dingen die ergens in een hoekje nog net achter andere dingen vandaan steken, krijgen dezelfde aandacht als de hoofdzaken op de voorgrond. Behalve vreemd en grimmig is haar late werk verbluffend mooi van kleur, lijnvoering, verf- en krijthuid. Die visuele rijkdom maakt dat je in Den Haag urenlang kunt blijven kijken. En eigenlijk moet je dan nog een keer terug voor een tweede bezoek, want de wereld van Paula Rego is maar een paar maanden in ons land.

Paula Rego, Possession VI (2004)
Foto Filipe Braga/ Museu de Arte Contemporânea, Porto
Paula Rego, Love (1995)
Foto particuliere collectie
Paula Rego, Sleeping (1986)
Foto Arts Council
Paula Rego, The Little Murderess (1987)
Foto particuliere collectie