Gregory Porter.

Foto Erik Umphery

Interview

Gregory Porter: ‘Als ik zing laat ik mijn pijn vrij’

Gregory Porter Hij verloor in 2020 zijn broer aan Covid-19. Op zijn nieuwe album ‘Still Rising’ vond Gregory Porter troost in duetten met grote (overleden) namen.

Warm en relaxed buigen ze de noten naar elkaar in ‘The Girl from Ipanema’, wereldhit uit de jaren zestig. Amicaal zingend, als twee oude vrienden. Losjes geraffineerd: Nat King Cole. Eronder, lager met een rijke, diepe stem: Gregory Porter. Baarde Natalie Cole in 1991 opzien door met moderne techniek een duet (‘Unforgettable’) met haar vermaarde overleden vader Nat King Cole te zingen. Nu zingt Porter, Amerikaanse topvocalist van nu in van soul en gospel doordrenkte jazz, op dezelfde manier een duet met haar vader. Als de in 1965 overleden Cole aan het einde zingt: „And when she passes I smile… But she doesn’t see”, zet Porter op het woord ‘smile’ die andere Cole- klassieker in. „Smile, though your heart is aching….”

Duetten met dode iconen, gebruikmakend van oude opnames. Op zijn nieuwe dubbeldikke album Still Rising - The Collection (met 33 tracks) zingt Gregory Porter er menig. Met jazzdiva Ella Fitzgerald, overleden in 1996, zingt hij de oude musicaltune ‘People Will Say We’re in Love’. ‘Raining in My Heart’ van rock-’n-roll-pionier Buddy Holly klinkt op klanken van de Royal Philharmonic Orchestra. En door een slimme mix is het net of Julie London in 1963 met Porter ‘Fly Me To The Moon’ opnam.

Mijn overleden broer, die altijd nauw betrokken was bij mijn opnames, vond ik terug in mijn eigen oude liedjes

Bij dit soort opnames is het maar een dun lijntje tussen smaakvol en corny. Gregory Porter (50) is een groot vocalist die bij elk concert bezielde kwaliteiten tentoonspreidt tussen Bill Withers en Nat King Cole. Hij maakt platen voor jazzlabel Blue Note en kreeg tweemaal de Best Jazz Vocal Grammy. Waarom hij deze duetten zingt heeft hij al vaker moeten uitleggen. Het gaat volgens hem om een grote mate van nederigheid en respect.

Om Ella Fitzgerald als voorbeeld te nemen. „In zo’n opname zing ik nog steeds mét haar, ondanks dat zij er niet echt is. Het timbre en de sensibiliteit moeten matchen. Het zou bijzonder stom van mij zijn om luid en overdreven te zingen over haar perfecte zang. Dat doe je gewoon niet! Het past enkel om bescheiden, in de geest van hoe de oude opnames zijn opgenomen, te zingen.

„De stemmen van Ella en Nat ken ik verder al mijn hele leven. Ik zing met ze mee, in de douche, in de auto. En toen ik kind was vulde Nat King Cole de leegte die mijn vader achterliet als een soort surrogaatvader die adviezen gaf in zijn liedjes.”

Broer

Hij lacht. De zanger wiens bebaarde gezicht altijd nauw omsloten is door skicap en pet, heeft net een optreden op het Festival of Remembrance in de Royal Albert Hall in Londen achter de rug. Heerlijk om weer te kunnen reizen voor muziek, zegt hij, nu genietend van het uitzicht op een Amsterdamse gracht. De ernst van de pandemie is de in New York woonachtige zanger op harde wijze duidelijk geworden. Vorig jaar mei, het begin van de pandemie, verloor hij zijn oudere broer, ze scheelden slechts een jaar, aan Covid.

Gregory Porter

Foto Erik Umphery

„Het was de tijd waarin de stad New York nog niet zeker wist wat ons te doen stond”, zucht Porter. „Met een ‘ziek maar thuis uit’, stuurde het ziekenhuis hem weg. Hij is steeds benauwder geworden. Hij stierf zes weken later.”

Hij slikt. „Ik kan je gewoon niet uitleggen hoe close we waren. We verloren onze vader vroeg, maar ik had altijd hém, weet je wel. Onze levens waren nauw verweven, al hadden we veel andere broers en zussen. Samen dealden we met racisme, vochten we onze battles.”

Porter groeide als zevende kind op in een gezin met drie zussen en vijf broers, in Bakersfield, Californië. De zwarte Afro-Amerikaanse kerksound, zijn moeder was dominee, heeft zijn muzikale kaders bepaald. Haar optimisme - „zij was zó onbaatzuchtig en barmhartig, ze gaf alles weg wat we konden missen” - heeft in Porters liedjes de overhand.

Zelfmedicatie

Meer dan ooit, merkte hij, was muziek dit jaar zijn krachtbron. „Als ik zing laat ik mijn pijn vrij. Meestal op het podium, maar toen er geen optredens meer waren ging ik tijdens mijn moeilijkste momenten van de pandemie, heftige periodes van rouw, angst en onrust, aan een soort zelfmedicatie van muziek. In nota bene mijn eigen, oude liedjes vond ik mijn broer, altijd nauw betrokken bij mijn opnames en producent van mijn videoclips, terug.”

In zijn ‘No Love Dying’ (2013) bijvoorbeeld. Aanvankelijk was het een liefdeslied, zegt hij. „Nu is het mijn ‘loslaat-song’. Het heeft met een eenvoudige vraag een andere betekenis voor me gekregen. Waar gaat de energie van liefde heen? Ze dooft niet uit na de dood.”

De energie van liefde dooft niet uit na de dood

Het is een van de vele heropnames van zijn eigen songs op Still Rising. Soms met andere instrumentatie, andere arrangementen of gezongen met een diepere intensiteit. Still Rising bevat echter ook nieuw werk, plus luchtiger nummers: een hele rits aan oude en nieuwe pop, soul en jazzsamenwerkingen, variërend van Dianne Reeves, Lalah Hathaway tot Ben L’Oncle Soul. Van kerstliedjes (met Renée Flemming en Paloma Faith) tot liefdesduetten (een fraai en ondanks dat het op afstand is opgenomen intiem klinkend Roberta Flack-nummer met Trijntje Oosterhuis).

De samenwerking met popmuzikant Moby is een opvallende. Met Porters stem in het bekende zinnetje „O Lord, trouble so hard” krijgt de Moby-hit ‘Natural Blues’ uit 1999 een zware gospelfeel. „Dat nummer zit in mijn dna. Al mijn hele leven grijp ik terug naar die sound van oudere, zwarte stemmen. Gospel is met jazz mijn fundament, via mijn broers elpees en de muziek in mijn moeders kerk. En over oudere stemmen die van invloed waren gesproken: ik leerde op zijn begrafenis dat mijn eigen vader ook fantastisch kon zingen.”

Dit album lijkt al met al een samenvatting van zijn carrière. Waarom was dat nodig? „Zo’n breed overzicht mag lijken dat ik rustiger aan wil doen, maar dat is niet zo. Still Rising borduurt voort op All Rise die vorig jaar verscheen. Ik had er gewoon behoefte aan een vlag te plaatsen in een zwaar jaar. ”

Lees ook Trijntje Oosterhuis: ‘De muziek van Bacharach past me als een handschoen’