‘De grappigste taalfoutjes uit de klas’ is een feest van herkenning voor iedere volwassene die nog weet hoe het is om kind te zijn

Iedereen leest Op deze plek schrijft NRC over de populairste boeken van dit moment. Deze week de verzameling grappige taalfoutjes en ‘kinderlogica’ van meester Mark.

‘Lieve mama! En papa! Ik ga jullie verlaten. Omdat ik geen cavia mag. Ik neem afschijt half 6. Dan ga ik maar dakloos zijn”, schrijft Mara van acht. Wie heeft er in zijn jeugd niet overwogen van huis weg te lopen vanwege dergelijke grove misstanden? Ik weet nog goed dat ik zelf besloot in het bos te gaan wonen, verkommerd, in een nat en donker hol, omdat ik van mijn moeder met mijn nichtje buiten moest spelen terwijl ik wilde lezen. De grappigste taalfoutjes uit de klas van Mark van der Werf, alias ‘meester Mark’, is een feest van herkenning voor iedere volwassene die nog enige weet heeft van het kind dat hij was.

Van kinderen zijn allerlei kattebelletjes opgenomen, maar ook delen van schoolopgaven, van dictee tot topografie, in hun eigen handschrift. Van der Werf kreeg ze via zijn daarvoor ingerichte Facebookpagina en Instagramaccount cadeau van collega’s en ouders uit het hele land. Zijn verzameling vormt een opwekkende staalkaart van hoe het gaat met de jeugd van tegenwoordig; thuiszitten vanwege coronamaatregelen komt ook voorbij.

Van der Werf deelde de oogst losjes in op onderwerp, te beginnen met pregnante vragen over, jawel, de liefde. „Hebe we nog ferkiring?”, vraagt het ene kind aan het andere. Eronder tekende het twee rondjes, een met ‘ja’ en een met ‘nee’, om het juiste antwoord in te kunnen kleuren. Jammer genoeg staat hier niet bij hoe oud de schrijver is. Een eveneens naam- en leeftijdloze ander biedt „Tips als je fekiring heb”: „1. leuke dingen doen. 2. gewoon jezelf doen. 3. feel praten.” Ik vind het goede wenken. Een enkeling denkt nog verder door over wat precies te doen in het geval van firkiring en stelt de meester een stoutmoedige vraag: „Is het moeilijk om de vagina in de penes te stoppen?”

Ook over andere onderwerpen biedt De grappigste taalfoutjes uit de klas slimme tips. Yarno (7) antwoordt op ‘Hoe kom je aan spaargeld?’ met „1 werken, 2 sparen, 3 seuren”. Weer een ander antwoordt op de vraag uit een schoolboek ‘Wat wil je wel’: „vissen, laat naar bed, pannenkoeken, patat”. Bij ‘Wat wil je niet’ luidt het, verrassender: „dood zijn, poep in mij gesicht, groente en kaas, hondevoer eten”.

Tussendoor vertelt Van der Werf het een en ander over zichzelf en zijn lespraktijk. In de ‘Inlijding’ schrijft hij: „[Ik] sta in dit boek ook stil bij wat ik van al die ‘kinderlogica’ heb opgestoken. Dat leerlingen onomwonden zeggen waar het op staat, bijvoorbeeld.” Nou, inderdaad. Een jongetje schrijft: „Lieve mama Ik vint dat je lekker kookt alleen ik lust het niet.”

Een jongetje schrijft: ‘Lieve mama Ik vint dat je lekker kookt alleen ik lust het niet’

Van der Werf zelf schrijft ook bondig op wat hij vindt. Op zijn sociale media blijkt dat veel ouders het tegenwoordig niet kunnen hebben als een leerkracht iets fout rekent, ongeacht of het fout is. Veel mensen vinden spellingsregels klaarblijkelijk van geen enkel belang. Van der Werf maant tot kalmte en relativering. Af en toe schemert er wat frustratie door. Over zijn Pabo-tijd schrijft hij: „Ik reflecteerde mezelf drie slagen in de rondte, maar hield voor mijn leerlingen en lessen amper tijd over.” Je zou elk kind zo’n schoolmeester wensen.

Reacties: boeken@nrc.nl