Opinie

Zemmour cultiveert dezelfde bodem als Baudet

Extreem-rechts Met zijn kandidatuur als outsider voor het presidentschap wil Zemmour de Fortuyn van Frankrijk worden, schrijft . Maar met zijn extreme ideeën lijkt hij meer op Baudet.
Éric Zemmour staat de pers te woord tijdens een bezoek aan Marseille.
Éric Zemmour staat de pers te woord tijdens een bezoek aan Marseille. Foto Nicolas Tucat / AFP

Het ‘geval Zemmour’, zoals we in Frankrijk zeggen, nodigt de Europese observator uit om zijn blik te richten op Nederland, waar in de afgelopen twintig jaar meerdere leiders van populistisch-rechts op het toneel zijn verschenen. Ian Buruma heeft eerder in NRC een biografische parallel getrokken tussen Éric Zemmour en Geert Wilders. Maar een intellectuele en politieke vergelijking met Pim Fortuyn en Thierry Baudet ligt meer voor de hand.

Net zoals Fortuyn is Zemmour de razendsnel opgekomen ‘outsider’ die de ‘politieke correctheid’ te lijf gaat en houdt van de directe confrontatie. Hij heeft een sterke drang om rekeningen te vereffenen met het ‘establishment’. En last but not least is er de obsessie met de islam – en niet alleen het islamisme – die als een „dodelijk gevaar” wordt gezien. In zekere zin probeert Zemmour te bereiken waar Fortuyn twintig jaar geleden in Nederland in is geslaagd: het doorbreken van het maatschappelijke taboe op de ideeën van ‘hard rechts’. Jean-Marie Le Pen, oprichter van het Front National, heeft dat nooit kunnen of zelfs willen doen in Frankrijk. Zijn dochter Marine is begonnen met de ‘dédiabolisation’ (ont-demonisering) van haar partij, maar haar ideeën en haar retoriek verwaterden ermee. Met haar meer gematigde toon zette ze de deur open voor Zemmour die zo de positie van ‘rechtser dan rechts’ in kon nemen.

Ideeënstrijd

In vergelijking met Fortuyn en Zemmour is Thierry Baudet een zondagskind. Maar net als Zemmour is ook hij een buitenstaander en een politieke nieuweling. Zemmour en Baudet hebben regelmatig contact en vinden zelf dat ze veel met elkaar gemeen hebben. Ze zijn beiden intellectueel en ze stellen dezelfde diagnose: onze samenlevingen verkeren in een proces van zelfvernietiging (Zemmour: „de Franse zelfmoord”; Baudet: „oikofobie”) en de elites zijn daarvoor verantwoordelijk. Om deze ontwikkeling te keren, nemen zij Gramsci’s idee van ‘culturele hegemonie’ over dat ze tegen links willen gebruiken. Doel is de ideeënstrijd te winnen, in het bijzonder op het terrein van de geschiedenis, een gebied dat beide mannen obsedeert. Opvallend daarbij is dat Baudet vaak aan Frankrijk refereert, uitzonderlijk voor zijn generatie in Nederland en mede te danken aan zijn Franstalige en francofiele familie.

Lees ook Ian Buruma: Extreem-rechtse presidentskandidaat Zemmour sluit aan bij lange Franse traditie

Dit alles uit zich in hun gedeelde ideeën over de natie die voortvloeien uit de theorie van de Franse denker Ernest Renan. Voor Renan is de natie de plaats waar het collectieve geheugen en de politieke wil samenkomen (het is overigens nauwelijks bekend, zowel in Frankrijk als in Nederland, dat Renan zijn ideeën over de kwestie in 1877 voor het eerst in Leiden uiteenzette). Renan wordt gebruikt om het primaat van de ‘nationale loyaliteit’ en de behoefte aan ‘grenzen’ te verdedigen: het zijn kernthema’s zowel bij Baudet als bij Zemmour, beiden soevereinisten en felle tegenstanders van zowel multiculturalisme als immigratie.

De ‘Zemmouriaanse sprong’

Maakt dit alles hen tot vertegenwoordigers van ‘extreem-rechts’, of zelfs ‘fascisten’, een kwalificatie die door hun tegenstanders gretig wordt gebruikt? We moeten hier waken voor een militante neiging die alles wat zich rechts van extreem-links bevindt als extreem-rechts brandmerkt.

De betekenis van begrippen en de geschiedenis van politieke ideeën lijken in die verhitte strijd verloren te gaan.

Soevereiniteit, nationalisme, assimilatie van immigranten, vijandigheid tegen de islam – bij Renan komen we dat al tegen; of zelfs seksisme, een eigenschap die Zemmour en Baudet delen, staan echter niet synoniem voor extreem-rechts. Het zijn begrippen die lange tijd deel uitmaakten van de software van klassiek rechts en zelfs van links, tot de grote ‘multiculti’-revolutie van de jaren 70 en 80 toe. De theorie van de natie van Renan blijft trouwens de doctrine van alle Franse Republikeinen.

Verontrustender is de aanwezigheid van reactionairen, antisemieten en andere notoire racisten rondom Zemmour en Baudet. En nog belangrijker is dat extreem-rechtse thema’s wel degelijk aanwezig zijn in het denken van beide mannen. Een goed voorbeeld hiervan is de Baudet zo dierbare „boreale wereld” die verwijst naar de gedroomde ‘noordelijke’ afkomst van de Europese cultuur, om te beginnen met het oude Griekenland en het antieke Rome, onder de nazi’s heel populair. Zemmour veroordeelt de begrafenis in Israël van de Joodse kinderen van Toulouse, slachtoffers van de islamitische terrorist Mohammed Merah: volgens hem is „het vaderland daar waar de doden worden begraven”. Hier spreekt niet langer Renan maar Barrès, icoon van uiterst rechts Frankrijk tijdens de Derde Republiek, met een nationalisme dat geworteld was in de cultus van ‘de bodem en de doden’.

Lees ook: De nicht van Marine Le Pen wil conservatief Frankrijk verenigen

Dit is het moment in zijn redenering dat ik de ‘Zemmouriaanse sprong’ noem: het moment waarop de toon agressief wordt en de feitelijke analyse verwisseld wordt voor ideologie. Men ziet die ‘sprong’ als Zemmour het heeft over de Dreyfus-affaire, het Vichy-regime of de oorlog in Algerije. Of over de hierboven genoemde Joodse kinderen van Toulouse, in Israël begraven vanwege de – gegronde – angst voor de beschadiging van hun graf en zeker niet vanwege ‘nationaal verraad’.

Politieke stempel

Er bestaan natuurlijk verschillen tussen Zemmour en Baudet die voortkomen uit de politieke culturen van de twee landen, zoals de staatsbemoeienis in Frankrijk tegen het economische liberalisme in Nederland. Maar laten we hier één laatste overeenkomst onderstrepen: de positie van beide politici lijkt op dit moment te verzwakken. Thierry Baudet behaalde bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen lang niet het gedroomde resultaat; Éric Zemmour zakt in de recente opiniepeilingen terug en verliest belangrijke politieke en financiële steun. Het is alsof hun extreme uitspraken rechtse kiezers minder aanspreken; vrouwelijke kiezers en jongeren zijn er zelfs ronduit negatief over. En het ‘gewone volk’ heeft in 2021 de voorkeur gegeven aan Wilders boven Baudet en Marine Le Pen is haar directe concurrent voor de Franse presidentsverkiezingen in 2022 weer voorbijgestreefd.

Maar wat er ook verder gaat gebeuren, het is duidelijk dat beiden een stevig stempel op de politieke agenda van hun respectievelijke landen hebben gedrukt – zoals ook Fortuyn in zijn tijd.