Recordinflatie komt vooral door energieprijzen

Prijsstijgingen De inflatie in Nederland was 5,6 procent in november, volgens een Europese rekenmethode. Zo hoog was de inflatie nog nooit.

De benzineprijzen langs de snelweg zijn gestegen tot ruim boven de twee euro.
De benzineprijzen langs de snelweg zijn gestegen tot ruim boven de twee euro. Dirk Hol/ANP

Indrukwekkend kun je het noemen, spectaculair, of schokkend. Nederland kende in november een inflatie van 5,6 procent ten opzichte van een jaar eerder, volgens de zogeheten HICP-index waarmee je de inflatie tussen Europese landen kunt vergelijken. Dit eerste (voorlopige) cijfer, dat het Centraal Bureau voor de Statistiek dinsdag vrijgaf, is het hoogste ooit sinds het begin van de HICP-metingen door het CBS in 1997.

Voor Nederland wordt vaker een andere inflatie-index gebruikt, de consumentenprijsindex (CPI). Hierin zijn de kosten van het wonen in koopwoningen meegenomen, anders dan in de HICP, waar deze kosten niet in zitten. Binnen Europa wordt namelijk al jaren gesteggeld over hoe precies de prijs van het wonen in de eigen woning moet worden gemeten in de HICP.

Definitieverschil

Het CBS beschouwt de CPI als betere indicator van de inflatie in Nederland dan de HICP. Het CBS publiceert volgende week dinsdag het CPI-cijfer voor november. Het is dit cijfer dat wordt gebruikt voor, onder meer, de indexering van lonen en uitkeringen.

Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom van het CBS, verwacht een lager CPI-cijfer. „Of dit boven de 5 procent uitkomt is nog onzeker”, zegt hij aan de telefoon. Binnen de CPI hebben de kosten van het wonen in de eigen woning namelijk een behoorlijk gewicht (zo’n 16 procent), en deze kosten zijn amper gestegen (0,7 procent). „Dit zal de CPI drukken ten opzichte van de HICP.” Een CPI-cijfer van 5 procent of meer zou evenwel ook spectaculair zijn. Dit werd voor het laatst geregistreerd in 1982.

De HICP-inflatie in Nederland lag hoger dan het gemiddelde van de eurozone, die in november uitkwam op 4,9 procent, zo maakte statistisch bureau Eurostat dinsdag bekend. Dit is, net als het cijfer voor Nederland, een record. In Duitsland (6 procent) en België (7 procent) lag de inflatie nog hoger dan in Nederland.

Dure energie

Hoe komt de inflatie zo hoog? Vooral door de gestegen energieprijzen. Energie was in Nederland in november 42,7 procent duurder dan een jaar eerder, in de eurozone 27,4 procent duurder. Vorig jaar rond deze tijd lagen de energieprijzen juist zeer laag.

De ‘kerninflatie’, waarvan de vaak wispelturige energie-en voedselprijzen zijn uitgezonderd, kwam in zowel Nederland als de eurozone uit op 2,6 procent. Dit is in vergelijking met de afgelopen maanden en jaren eveneens heel fors – en dat komt vooral door de tekorten aan allerlei producten. Die tekorten werken prijsopdrijvend. Ze ontstonden door leveringsproblemen door de pandemie en worden verder aangejaagd door de sterke vraag van consumenten, die onder meer door het herstelbeleid van regeringen veel geld in de portemonnee hebben.

De Europese Centrale Bank (ECB) streeft naar een inflatie van 2 procent, gemeten over een periode van zo’n drie jaar. Vooralsnog ziet de centrale bank in Frankfurt nog geen reden om het monetaire beleid – gekenmerkt door ultralage rentes – aan te passen. Een renteverhoging zou de inflatie kunnen indammen. Bij een hogere rente wordt lenen voor consumenten duurder en sparen aantrekkelijker. Dat drukt de consumptie – en uiteindelijk de prijzen. Maar volgens de ECB is de inflatie van voorbijgaande aard. De energieprijzen zullen volgend jaar weer dalen en de tekorten aan producten zullen wegebben, zo is de verwachting in Frankfurt, waar de ECB zetelt.

Lees ook: Centrale banken zijn verrast door alsmaar stijgende prijzen, en weifelen met ingrepen

Toon bij ECB

Toch is de laatste dagen in Frankfurt een verandering van toon waar te nemen. „Er is een risico dat de inflatie niet zo snel naar beneden zal gaan als we hebben voorspeld”, zei ECB-directielid Luís de Guindos dinsdag in een interview met de Franse zakenkrant Les Echos. Zijn collega Isabel Schnabel sprak vorige week van „naar boven hellende inflatierisico’s” – waarmee ze hetzelfde bedoelde als De Guindos.

Lastig voor centrale bankiers, ook die in de Verenigde Staten, is de onzekerheid rondom de Omikronvariant van het coronavirus. Een opleving van de pandemie kan de economie schaden door nieuwe lockdowns en andere restricties. Dan is een renteverhoging – die remmend werkt op economie – riskant. Maar ‘Omikron’ kan ook de inflatie verder aanjagen, zei Jerome Powell, de baas van de Amerikaanse Federal Reserve, dinsdag tijdens een hoorzitting in de Amerikaanse senaat. Beperkende maatregelen in de (industriële) productie en in het vervoer kunnen de tekorten aan producten verder in de hand werken, aldus Powell. Hij schat het laatste risico hoger in. Powell kondigde aan dat hij sneller dan gepland het lagerentebeleid van de Fed wil gaan afbouwen.