Reportage

De dag dat de Lamborghinimotor niet langer ronkt

Elektrificering De luxeauto’s van Lamborghini en Ferrari zijn iconen van made in Italy, maar hebben de reputatie vervuilend te zijn. Ook zij moeten nu omschakelen naar elektrisch. Tot spijt van nostalgische gebruikers, die vinden dat „de motor moet blijven ronken”.

In de fabriek van Lamborghini in de buurt van Bologna leggen twee medewerkers de laatste hand aan een Urus, de terreinwagen van Lamborghini. Voor de productie van deze modellen nam het automerk in 2017 een hele nieuwe fabrieksvleugel in gebruik.
In de fabriek van Lamborghini in de buurt van Bologna leggen twee medewerkers de laatste hand aan een Urus, de terreinwagen van Lamborghini. Voor de productie van deze modellen nam het automerk in 2017 een hele nieuwe fabrieksvleugel in gebruik. Foto’s Massimiliano Donati

‘Welkom in Sant’Agata Bolognese, thuisstad van Lamborghini”, luidt de trotse boodschap op het plaatsnaambord van de kleine gemeente nabij Bologna. Alles in de omliggende streek, in de welvarende Noord-Italiaanse regio Emilia-Romagna, lijkt de Italiaanse liefde voor de supersportive – luxesportwagens – uit te ademen. Cafeetjes verwijzen naar de auto’s of naar het racecircuit van Emilia-Romagna. Het hoofdkwartier van Lamborghini’s aartsrivaal Ferrari, in Maranello, ligt ook in de buurt. En de wagens van Maserati rollen in het nabijgelegen Modena van de band.

Luxesportwagens zijn iconische voorbeelden van „made in Italy”: ambachtelijke en lokaal geproduceerde hogekwaliteitsproducten, in dit geval op het gebied van technologie en design. Lamborghini werkt voor zijn technologische ontwikkelingen en innovaties samen met topuniversiteiten als het MIT in Boston en de Politecnico van Milaan. In de autofabriek tekenen arbeiders met sierlijke krijtlijnen de patronen op de vellen leer voor het interieur. In de kleurenkamer kan de klant om het even welke tint (en zelfs het aantal lagen lak) kiezen voor zijn customized model. Bij de productielijn van de Urus, de terreinwagen van Lamborghini, rijdt een drietal robots op en neer. Maar de finishing touch en de scherpe kwaliteitscontrole blijven mensenwerk.

De keerzijde van al die luxe: de wagens zijn per definitie niet duurzaam. Door hun extreem krachtige motoren stoten de Italiaanse sportwagens vaak veel meer CO2 en fijnstof uit dan andere wagens. En dat moet zeer binnenkort veranderen. De Europese Commissie streeft naar nul uitstoot voor alle nieuwe voertuigen die vanaf 2035 op de markt worden gebracht. Die ambitie legt vanaf dat jaar de verkoop van auto’s met verbrandingsmotoren de facto aan banden.

Als dinosaurussen

„Het gaat om een klein segment van slechts enkele duizenden luxewagens per merk, per jaar”, zegt de Duitse auto-expert Stefan Bratzel, directeur van het onderzoeksinstituut Center of Automotive Management. Maar als merken als Ferrari en Lamborghini niet mee evolueren, verdwijnen ze van de snel veranderende markt, voorziet Bratzel. „Auto’s met verbrandingsmotoren zijn als dinosaurussen. Hun tijd is echt wel voorbij.”

De merken zelf spreken graag over hun „sociale verantwoordelijkheid”, maar Stephan Winkelmann, de Duitse topman van Lamborghini, erkent tijdens een gesprek op het hoofdkantoor dat regelgeving een belangrijke drijfveer is om te werken aan de omschakeling naar hybride wagens. Met een gelimiteerde productie van ongeveer achtduizend wagens per jaar, waarmee je niet dagelijks van A naar B rijdt, kan Lamborghini niet als een grote vervuiler worden beschouwd, zegt Winkelmann er in één adem bij. Maar de regels tegen CO2-uitstoot en de hogere belastingen voor vervuilers dwingen hem de transitie te omarmen en vernieuwing na te streven. „Dat, maar ook de wensen van een nieuwe generatie klanten, die een sociaal aanvaardbare auto wil.”

De Sián, te zien op het hoofdkantoor van Lamborghini in Sant’Agata Bolognese. Dit is het eerste hybridemodel van de automaker.

Die nieuwe generatie klanten zit niet alleen in Europa of de VS. Peperdure luxewagens zijn ook hot in communistisch China. Na de VS is dat land voor Lamborghini de tweede afzetmarkt. In China worden meer dan dubbel zoveel volledig elektrische wagens verkocht als in de Europese Unie (bijna 1,8 miljoen in China, tijdens de eerste negen maanden van dit jaar, tegenover 800.000 in Europa). „Niet China, maar de wereld duwt ons in deze richting,” zegt Winkelmann. „Wij hoefden geen hybride auto te maken om in China door te breken, want we zijn daar al.”

Nu het startschot van de hybride evolutie gegeven is, wil Lamborghini (met 1.800 werknemers) ook dat het vooruitgaat. Als eerste wordt het Aventadór-model hybride, daarna ook de terreinwagen Urus, en ten slotte de Huracán. Tegen eind 2024 moet het hele gamma aan modellen hybride zijn. Het bedrijf wil zo tegen 2025 de CO2-uitstoot van zijn voertuigen hebben gehalveerd.

Lees ook: Mega-autobouwer Stellantis zet alle ballen op elektrische auto

Tegelijk wordt aan de allereerste volledig elektrische Lamborghini gewerkt. Maar concreter dan „in de tweede helft van dit decennium” wordt de lanceerdatum niet. Winkelmann maakt duidelijk dat hij niet gelooft dat hybride en elektrische auto’s volstaan om de uitstoot op korte termijn drastisch te reduceren. „Willen we echt sneller de emissies verlagen, dan moet er ook een oplossing worden gevonden voor oudere wagens met een verbrandingsmotor, en zeker ook voor boten en vliegtuigen.” Daartoe moeten volgens hem ook alternatieve brandstoffen, zoals e-brandstof of synthetische brandstof, worden onderzocht.

Auto-expert Stefan Bratzel begrijpt waarom een bedrijf als Lamborghini aan e-brandstof denkt. De ecologische transitie is voor alle automerken lastig, maar voor de luxewagens nog moeilijker. „De luxesportmerken produceren een gelimiteerd aantal wagens en hebben een beperkt aantal cliënten die vasthouden aan traditie en aan de erfenis van het merk.”

Lamborghini benadrukt graag dat zijn hele aanbod eind 2024 hybride is. Maar ook de concurrentie zit niet stil. Het aanzienlijk grotere Ferrari heeft al drie hybride auto’s in zijn aanbod. En de allereerste e-Ferrari is klaar in 2025.

Het valt op dat Ferrari sneller omschakelt, terwijl Lamborghini juist behoort tot de Duitse Volkswagen-groep, die al langer ervaring heeft met elektrische wagens. De Fiat Chrysler-groep waartoe Ferrari eerst behoorde, liep op dat vlak juist achter en smolt samen met onder meer Peugeot in de veel grotere Stellantis-groep om die elektrische kennis en ervaring in huis te halen.

Suv Urus, hier in productie, wordt binnen enkele jaren hybride.

„Gezien de groep waartoe Lamborghini behoort, is pakweg 2027 nogal aan de late kant voor een eerste elektrisch model”, zegt Bratzel. Dat heeft alles te maken met volume en geld. Bijvoorbeeld het geld voor de transitie naar elektrisch, dat stop je eerst in een merk dat een groter volume heeft. In de Volkswagen-groep was Audi daarom een grotere prioriteit. Porsche, nog een lid van de Volkswagen-familie, is een ander verhaal. De volledig elektrische Porsche Taycan rijdt al sinds 2019 op de Europese wegen, maar Porsche maakte die elektrische omslag op eigen kracht, en hevelde zijn technologie daarna over naar Audi.

Bij Lamborghini betekent de transitie naar hybride de grootste investering uit de geschiedenis van het bedrijf. Gespreid over vier jaar betreft het een investering van meer dan anderhalf miljard euro. Ter vergelijking: in 2020 haalde Lamborghini een omzet van 1,6 miljard euro.

Topman Stephan Winkelmann van Lamborghini: „Willen we echt sneller de emissies verlagen, dan moet er ook een oplossing worden gevonden voor oudere wagens met een verbrandingsmotor, en zeker ook voor boten en vliegtuigen.” Foto Massimiliano Donati

Nieuwe fabrieksvleugel

De overgang naar een hybride productie van drie modellen en een nieuw volledig elektrisch exemplaar betekent ook een uitdaging op praktisch vlak. In 2017 nam Lamborghini een nieuwe fabrieksvleugel in gebruik, voor de productie van de terreinwagen Urus (met 5.000 exemplaren van de 8.000 wagens het best verkopende voertuig uit het gamma). In de nieuwe fabriek zie je geen traditionele montageband, maar grote modulaire productieblokken die kunnen verschuiven. Die wendbaarheid vergemakkelijkt straks de productie van hybride en elektrische wagens, zegt Ranieri Niccoli, chief manufacturing officer.

Die nieuwe voertuigen zullen niet inboeten aan performance, rijplezier en snelheid, zeggen luxeautobouwers, in de hoop hun nostalgische klanten zo gerust te stellen. De onafwendbare ecologische transitie duwt deze producenten in een historische omwenteling. „Elektrische mobiliteit transformeert het dna van deze merken, waaraan ook een hoop nostalgische emotie kleeft”, vindt Stefan Bratzel.

Volgens die nostalgici moet je een supersportiva immers eerst luid en diep horen ronken, voordat je „haar” ziet. Fabio Barone uit Rome, Ferrari-coureur, zegt dat hij het afscheid van de handgeschakelde versnellingsbak al heel slecht heeft verteerd. De geur van benzine, „die dat fantastische geluid produceert”, zal hij nooit kunnen missen. „Ik hoop dat ik de pijp uit ben voordat Ferrari helemaal elektrisch wordt.”