Opinie

Grote ambities Duitse coalitie zijn voorbode van grote teleurstellingen

Duitsland De drie partijen van de ‘stoplichtcoalitie’ hebben meer beloften gedaan dan ze kunnen waarmaken, analyseert .
De Bondsdag in Berlijn
De Bondsdag in Berlijn Foto Julian Stratenschulte/DPA

De partijleiders van de nieuwe Duitse ‘stoplichtcoalitie’ gebruiken grote woorden om een structurele verbouwing van de Duitse economie en samenleving aan te kondigen. Volgens kandidaat-kanselier Olaf Scholz (SPD) hebben de coalitiepartijen zich verenigd in het geloof in de vooruitgang en de wil om het land beter te maken en bijeen te houden. Geen politiek van de kleinste gemene deler meer maar van de grote werking.

Maar met hun grote ambities hebben de nieuwe coalitiepartijen meteen ook een zware hypotheek gelegd op de komende regering. Nu al is duidelijk dat alle drie de partijen te grote beloftes hebben gedaan waarop ze later zullen worden afgerekend.

Dat bleek vorige al week toen de besmettingscijfers in Duitsland gierend uit de hand liepen. Niet lang daarvoor had FDP-chef Christian Lindner gezegd dat nieuwe uitgaansbeperkingen niet nodig zijn omdat – volgens hem – niet wetenschappelijk was bewezen dat ze effect hebben. De vrije liberalen van de FDP vonden het ook absoluut niet nodig om de bestaande wet voor de epidemische noodsituatie te verlengen, juist op een moment dat de nood het hoogst is. In plaats daarvan is een nieuwe infectiewet aangenomen die nu al achterhaald is.

De FDP loopt het risico om meerdere verkiezingsbeloftes te breken. Deze partij heeft zowel begrotingsevenwicht als belastingverlaging beloofd. Dat wordt met de ambitieuze plannen van het kabinet voor een nieuwe digitale infrastructuur, klimaatpolitiek en sociaal beleid een lastige opgave. De drie partijen hebben gedrieën hun wensenlijstjes ingebracht, waarmee de druk op de overheidsuitgaven eerder zal toe- dan afnemen. Het nieuwe kabinet hoopt de gaten te kunnen dichten door creatief te boekhouden. Investeringen zullen worden gedaan door verzelfstandigde overheidsinstellingen zoals de Deutsche Bahn. De ambitieuze FDP-leider Lindner heeft het ministerie van Financiën geclaimd. Dat kan hem nog duur komen te staan.

Energiewende

Ook de Groenen hebben grote beloftes gedaan, in hun geval op het gebied van klimaat en buitenlandse beleid. Partijleider Annalena Baerbock dekte zich afgelopen weekend al in. Zij kreeg tijdens de onderhandelingen het idee als enige partij te strijden voor het klimaat. Hoewel de Groenen zelf vol vertrouwen de nieuwe klimaatpolitiek ondersteunen hebben de milieuactivisten van Fridays for Future nu al gezegd dat de voorgestelde maatregelen tekortschieten.

Teleurstellingen zullen zeker ook volgen op het gebied van het buitenlands beleid. Zo is de algemene veronderstelling dat het kabinet-Merkel te weinig heeft gedaan aan het Europese vluchtelingenbeleid. Deze coalitie gaat het anders doen. Maar het debat in de EU over de herverdeling van vluchtelingen zit muurvast. Het is niet zo dat als er een nieuw Duits kabinet komt alle EU-landen, Oostenrijk en Nederland incluis, op dit terrein opeens gaan bewegen.

Een soortgelijk probleem doet zich voor met opening van de Russisch-Duitse gaspijpleiding Nordstream II. Baerbock, de nieuwe minister van Buitenlandse Zaken, is ervoor om de opening van deze pijpleiding afhankelijk te maken van Russisch mensenrechtenbeleid. Dat klinkt mooi, maar volgend jaar worden de laatste zes kerncentrales gesloten. Als dan ook de pijpleiding dicht blijft, zal Duitsland nog langer afhankelijk zijn van bruin- en steenkool, en dan komt de Energiewende, het belangrijkste programmapunt van de Groenen, in gevaar. Een interessante spagaat.

De ‘zwarte nul’

Het meest interessant wordt de vraag of de sociaal-democraten hun ambities kunnen waarmaken.

Olaf Scholz heeft de belangrijkste boeken over de kloof in de samenleving gelezen. Hij is getriggerd door Retour à Reims van Didier Eribon, Hillbilly Elegy van J. D. Vance, Die Gesellschaft der Singularitäten van Andreas Reckwitz en The Tyranny of Merit van Michael Sandel. Deze boeken gaan over de nadruk die in onze samenleving wordt gelegd op individueel succes waardoor grote groepen mensen, die niet mee kunnen komen, ontgoocheld raken. Zij geloven niet meer in de mogelijkheid van een beter bestaan en verliezen het vertrouwen in de politiek.

Scholz heeft de ambitie om juist deze mensen een antwoord te bieden. De belofte van een verhoging van het minimumloon naar 12 euro is zeker een begin. Ook het plan om 400.000 woningen per jaar te bouwen zal bijdragen aan vertrouwen. Maar om de verloren zonen en dochters van de Duitse (en Europese) sociaal-democratie het geloof in de politiek terug te geven is wel meer overredingskracht nodig.

Of het nieuwe kabinet met de aangekondigde maatregelen het respect van de afgehaakte burger weet te winnen is nog maar de vraag. Dan moet op zijn minst gepoogd worden om de kloof, die in Duitsland zichtbaar groter is dan bij ons, enigszins te overbruggen. En het is twijfelachtig of het nieuwe kabinet dat gaat lukken met de gelijktijdige toezegging dat vanaf 2023 het begrotingsevenwicht, de bekende ‘zwarte nul’, in ere wordt hersteld. Voor de beloofde hervorming van de sociale zekerheid en het op peil houden van de pensioenen is simpelweg meer geld nodig. Scholz zal bovendien in zijn taalgebruik de boodschap moeten uitdragen dat hij niemand in de kou laat staan. Nu blijft de vraag boven de markt hangen of hij überhaupt in staat is Merkels erfenis te doen vergeten.