Boek

‘Nederland martelde op Bali systematisch tegenstanders’

Boek Nederland tuigde in het vermeend loyale Bali na 1946 een „full-swing politiestaat” op, onthult historica Anne-Lot Hoek.

Foto uit het boek ‘De strijd om Bali’
Foto uit het boek ‘De strijd om Bali’

Het Nederlands gezag heeft op het Indonesische eiland Bali vanaf 1946 een systeem opgetuigd van gevangenenkampen waar martelen standaardpraktijk was en vele Balinezen zijn geëxecuteerd.

Dat schrijft historica Anne-Lot Hoek in De strijd om Bali, dat donderdag verschijnt. Hoek sprak voor haar onderzoek naar de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog op Bali (1945-49) met 120 getuigen, nabestaanden en oud-militairen op Bali en in Nederland. Ook putte ze uit ongepubliceerde memoires van betrokkenen. van Nederlanders en Balinezen.

Over de zogeheten tangsi’s op Bali is in de officiële geschiedschrijving tot nu toe hoegenaamd niets bekend, ook omdat ze voor de buitenwereld actief werden afgeschermd. In 1947 zouden er in totaal 10.000 mensen gevangen hebben gezeten.

Nederland geloofde in 1946 in een ‘federale oplossing’, waarbij het de door Soekarno in 1945 uitgeroepen Republiek Indonesië op Java en Sumatra zou erkennen, en het oosten, waaronder Bali en Celebes (nu Sulawesi), loyaal onder Nederlands gezag bleef.

Het verzet op Bali was echter veel groter dan verwacht. Ook in de internationale beeldvorming kwam dat slecht uit. Het werd daarom meteen, ruim een jaar voor de eerste ‘politionele actie’ op Java en Sumatra (1947), hard onderdrukt. Nederland vestigde op Bali volgens Hoek „een full swing politiestaat”, waar marteling en executies „systematisch” waren.

De ‘tangsi’s’, deels nieuwe kampen, deels legerposten die eerder door de Japanse bezetter waren gebruikt, waren in gebruik tot de soevereiniteitsoverdracht in 1949.

Bij verhoren waren stokslagen, stroomschokken en langdurig in de zon zetten standaardpraktijk om bekentenissen af te dwingen. Geregeld werden gevangenen zonder proces geëxecuteerd. Direct betrokken Nederlandse militairen bevestigden Balinese getuigenissen daarover.

Veel militairen hadden zelf wreedheden ondervonden tijdens jarenlange krijgsgevangenschap onder de Japanners. Een Nederlandse militair bij de inlichtingendienst op Bali, die zelf aan de Birmaspoorweg had gewerkt, vertelde dat sommige van zijn collega’s „net beesten” werden als ex-krijgsgevangenen veranderen „van slaaf naar baas”. Hij erkende dat hij ook zelf gevangenen doodde. „Ga maar een plasje doen, zeg je dan, en dan knal je hem neer. Klaar.”

Hoek was eerder betrokken bij een onderzoek van drie Nederlandse historische instituten, in opdracht van de regering, naar geweld in Indonesië. De conclusies daarvan worden volgend jaar gepubliceerd.

Vrijdag recensie De strijd om Bali In Weekend een voorpublicatie.