Recensie

Recensie Media

Games zijn ook een vorm van kunst, maar hoe laat je dat aan de museumbezoeker zien?

Gamekunst Games zijn geen kunstwerken die je in vijf minuten kan begrijpen. Museum Belvédère in Heerenveen en Forum in Groningen proberen deze kunstvorm te tonen aan het grote publiek.

Scars of War op de expositie Arranged Realism.
Scars of War op de expositie Arranged Realism. Foto Guerrilla

‘Zijn games kunst?’ is een vraag die onder gamers vooral irritatie oproept: het antwoord is ja. Ook musea openen inmiddels de deuren voor deze nieuwe kunstvorm, maar ze blijven behoedzaam.

Dat de exposities Arranged Realism in Museum Belvédère in Heerenveen en Game On! in het Forum in Groningen überhaupt plaatsvinden, is daarom al bijna een pluim waard: beide musea durven games als kunst aan het publiek te presenteren. Maar wat is de beste manier om een intensieve, interactieve kunstvorm behapbaar te maken voor een museumpubliek?

De geschiedenis die in Forum wordt gepresenteerd, deel van een sinds 2002 reizende internationale expositie, volgt een bekende weg: net zoals het Nationaal Videogame Museum in Zoetermeer verpakt Game On! het medium in een reeks speelbare machines op chronologische volgorde met uitleg. Je zwerft van decennium naar decennium en van gamezuil naar gamezuil in twee grote zalen.

We starten in de jaren zeventig bij de opkomst van het Atari van Nolan Bushnell, zijn falen met het te complexe Computer Space (1971) en het succes van Pong een jaar later. Laat je het flikkerende tennisspel achter je, dan volgt een reis door de uitwaaierende genre-stamboom van de gamewereld tot aan de blockbusters van nu. Zijpaden tonen de samenkomst van game en animatie en de kruisbestuiving met filmcultuur – helaas in vogelvlucht.

Lees ook: Games voor de kunstliefhebber

De collectie is imposant. Hier staan klassiekers als Prince of Persia (1989) en Space Invaders (1978), maar ook nieuwer werk als Gris (2018) dat traditionele aquarelkunst en game combineert; cultuurbepalende krachtpatsers als fantasygame World of Warcraft (2004) en bouwgame Minecraft (2011) komen voorbij, maar ook interessante Nederlandse uitstapjes als A2 Racer (1997) of een simulatiegame waarmee chirurgen leren opereren. Het is een treffend overzicht van de breedte van het medium.

Dreun

Dat wringt ook. De meeste games zijn geen kunstwerken die je in vijf minuten kan begrijpen. Game On! voelt als een overweldigende dreun om bezoekers met de neus op de feiten te drukken: games zijn groot, veel, een kunstvorm met een geschiedenis. De impact die een individuele game als kunstervaring heeft blijft echter ongrijpbaar.

Met Arranged Realism in Belvédère wil gastcurator Merijn de Boer juist de kunst van de game laten zien. Het medium is volgens hem Gesamtkunst. Het art department dat al het visueel ontwerp verzorgt, is cruciaal. Waarom zou je hun werk niet in het museum hangen?

De kunstervaring van games blijft ongrijpbaar

Het zwaartepunt van Arranged Realism ligt bij het werk dat het team van beeldregisseur Sébastien Mitton maakte voor de bijzondere Franse blockbusterstudio Arkane. Een sterke keuze. Hun ‘immersieve simulatie-games’ zoals Dishonored (2012) werken omdat elk gebied is ontworpen als een gevoelsmatig bestaande locatie waar personages hun eigen levens leiden, onafhankelijk van de speler. Het kunstzinnig voorwerk dat zo’n gedetailleerd ontwerp vereist is hier in alle vormen te bewonderen.

Het conceptschilderij Arrival of the Duke (2016) van Sergey Kolesov. Digitaal gemaakt voor Dishonored 2 Collectie galerie Cook and Becker

Klapper is het conceptschilderij Arrival of the Duke, waarin we zien hoe een hertog op een metalen stoel door een 19de-eeuwse stad wordt gedragen. Een soldaat onderdrukt het volk met een zwaai van zijn pistool, technologisch geavanceerde windmolens geven een hint dat alles niet zo historisch correct is als het lijkt. Ernaast hangt een andere plaat: drie mannen die op een vervallen gevel „Dood aan de hertog!” kalken.

Zo ontstaat een wereld. De toon is gezet, zowel voor de bezoeker als voor het leger tekenaars, programmeurs en ontwerpers dat jarenlang deze digitale schilderijen ter inspiratie nam. Drie kleibustes, overgevlogen uit Lyon, tonen Arkanes ontwerpproces voor personages. 3D-ontwerpers maken gezichten vaak te symmetrisch; door het werk zo in de fysieke ruimte te plaatsen hoopten ze zicht te krijgen op menselijke onvolmaaktheden. Een kleine zaal waarin een appartement uit Dishonored 2 (2016) is nagemaakt verduidelijkt de interactie tussen digitale game en fysieke ruimte verder.

Het concept achter Arranged Realism is sterk, zeker voor de leek. De werken van Arkane laten niet alleen goed zien hoe het creatieve proces achter een game werkt, maar slokken je net als de game op in de beregende straten van een instortend land. Het is daarom jammer dat de tentoonstelling zo weinig uitleg biedt, en dat de ambities van De Boer niet genoeg ruimte krijgen. De opening met de kunstig gemaakte dozen van oude games is prachtig, maar mist connectie met de rest van de tentoonstelling.

Wat als een museum met de middelen van Forum niet alleen de breedte, maar ook de diepte zou aandurven? Staar je in Heerenveen naar de strakke sterrenstelsels als dieprode spiralen op azuurblauw in de fantastische retro-wetenschappelijke posters uit Arkanes Prey (2017), dan durf je toch even te dagdromen.