Het was hard, het was rauw, het was zinderend

Nirvana in Paradiso 25-11-1991 Precies dertig jaar geleden gaf Nirvana in Paradiso een veelgeroemd nachtconcert in een zaal vol springende, duwende en dansende mensen. Jan Vollaard was erbij. En we hebben de video nog.

Briesend liep Willem Venema door de gangen van de Doelen. Boos, furieus, was hij over de heibel die hij daarnet van dichtbij had meegemaakt op Ein Abend In Wien. Zo heette het festival dat hij zelf voor een belangrijke deel had samengesteld voor Mojo, het bedrijf waarvan hij mede-eigenaar was. Aanleiding voor zijn woede was de puinhoop die op de avond van 1 september 1991 was aangericht door Nirvana, een aanstormende band uit het Amerikaanse Seattle die na een kort optreden vol geluidsproblemen een poging had gedaan de complete installatie aan barrels te slaan. Vooral zanger en gitarist Kurt Cobain was het mikpunt van Venema’s toorn. Dat hij zijn eigen gitaar kapot had geslagen op het drumstel was tot daaraan toe. Maar dat Cobain vervolgens was begonnen aan de gehuurde backline, inclusief de Marshallversterker die bijna bovenop hem was gedonderd, dat ging Willem Venema drie stappen te ver. De band werd door de organisatie het pand uit gegooid. Een dag later liet Nirvana’s management weten dat de platenmaatschappij voor de schade zou opdraaien. Laf, vond Venema. Rod Stewart dokte tenminste zélf als hij een hotelkamer in elkaar had geslagen.

Van een afstand had ik het debacle waargenomen. Het zaaltje waar Nirvana speelde was stampvol en na een paar minuten in de deuropening had ik het opgegeven, in de wetenschap dat er snel een nieuwe kans zou komen. Al enkele weken was ik in de ban van een cassette met een door de platenmaatschappij rondgestuurde preview van Nevermind. Nirvana’s tweede album beloofde een hoogtepunt van het muziekjaar te worden. De single ‘Smells Like Teen Spirit’ moest nog verschijnen, maar op het ruisende cassettebandje kon je al horen dat het een popklassieker in de dop was. Het hitparadesucces van dat best wel heftige gitaarnummer met een cynische tekst over de entertainmentwaarde van popmuziek kon nog niemand zien aankomen. Laat staan de hype die zou ontstaan rond Nirvana en de muziek die ‘grunge’ werd gedoopt: gruizige rock uit het noordwesten van Amerika, gespeeld door intense mannen (soms een vrouw) met lange wapperende haren en verwassen houthakkershemden.

Deodorant

Nevermind verscheen op 24 september 1991 en werd met gejuich ontvangen. „Rebels, opwindend, eerlijk en (zo nu en dan) hartveroverend ontroerend”, schreef Sietse Meijer in OOR, „[...] simpelweg een geweldige plaat.” ‘Smells Like Teen Spirit’ begon aan een opmars naar nummer 3 in de Nederlandse hitparade, geholpen door een clip waarin cheerleaders een wilde pogodans maakten op het nummer dat geïnspireerd zou zijn door een Amerikaans deodorantmerk. „Kurt smells like Teen Spirit”, had zangeres Kathleen Hannah van Bikini Kill met een viltstift op Cobains muur gekalkt. Onzin, verklaarde de zanger later, hij gebruikte geen deodorant. Nevermind stampte binnen vier maanden door naar de nummer 1 van de Amerikaanse Billboardlijst, waar het Michael Jacksons Dangerous van de toppositie verdrong. Wereldwijd zouden er meer dan 30 miljoen exemplaren verkocht worden.

Dat het concert in Paradiso legendarisch zou worden stond bij voorbaat vast

De verwachtingen waren hooggespannen voor Nirvana’s nachtconcert op 25 november 1991 in Paradiso. Oorspronkelijk zou het in de Melkweg zijn, maar snel werd duidelijk dat de vraag naar tickets veel groter was dan de zeshonderd man die daarin hadden gepast. Online-kaartverkoop bestond nog niet en het concert was via de traditionele kanalen (postkantoren, platenwinkels, de Nieuwe Muziekhandel in Amsterdam) ruim van tevoren uitverkocht. Op de Lijnbaansgracht buiten Paradiso bleef na middernacht een groep mensen zonder kaartjes achter, die hoopten dat ze op de een of andere manier iets van het concert mee konden krijgen. Dat het legendarisch zou worden stond bij voorbaat vast.

Nirvana op 25 november 1991 tijdens het concert in Paradiso, Amsterdam. Links bassist Krist Novoselic, rechts Kurt Cobain.Foto Lex van Rossen/MAI

Zinderend

Het was hard, het was rauw en de opwinding golfde door de zaal. Het publiek liet zich ruwweg opdelen in zij die Nirvana al kenden van hun debuutalbum Bleach (1989) en degenen die op de ophef rond de nieuwe popsensatie waren afgekomen. Beide groepen werden bediend met een setlist die nog voor een derde bestond uit het oudere materiaal. ‘Smells Like Teen Spirit’ werd al vroeg die nacht in stelling gebracht als kersverse publieksfavoriet. Met Cobains kenmerkende gebruik van een distortion- en een choruspedaal op de gitaar is het een uitmuntend voorbeeld van de manier waarop Nirvana het meeste haalde uit de triobezetting. De tegenmaatse drums van Dave Grohl en de stuwende bas van Krist Novoselic brachten de spanning die ‘Teen Spirit’ liet ontvlammen in de zinderende wisselwerking van hard en zacht, langzaam en snel, melancholiek en furieus. Op de radio was het van een niet eerder gehoorde ruigheid. Vooral in de Top 40 waar Salt-N-Pepa’s ‘Let’s Talk About Sex’ en Gordons ‘Kon Ik Maar Even Bij Je Zijn’ die maand de dienst uitmaakten. In de zaal leverde het een kolkende massa op van springende, duwende, dansende mensen.

De recensie van het concert in NRC Handelsblad.

Lees de NRC-recensie van het concert: Wiegen en schreeuwen met Nirvana

Novoselic speelde op blote voeten. Grohl trok na een paar nummers zijn T-shirt uit en drumde met ontbloot bovenlijf. Met hun enerverende spel stelden ze Cobain in staat om boven zichzelf uit te stijgen. Kurt Cobain hield van The Beatles en van ABBA, luidde de kritiek die in punkkringen gehanteerd werd om Nirvana met de dooddoener ‘commercieel’ af te doen. Diep in zijn hart was Cobain een punkrocker pur sang, die Dave Grohl had losgeweekt bij de hardcoreband Scream en die later gitarist Pat Smear van de punkband Germs aan Nirvana’s bezetting toe zou voegen. In songs als ‘Lithium’ en ‘Come As You Are’ deed Kurt Cobain zijn voordeel met het feit dat hij zowel het melodieuze als het ruige spectrum van de rockmuziek beheerste. Paradiso was getuige van een van de beste concerten die Nirvana ooit gaf, juist omdat de elementen pop en punk zo goed in balans waren. Stagedivers doken niet van het podium op ongenuanceerd lawaai, maar op subtiel gedoseerde opwinding.

Nirvana live in Paradiso, 25-11-1991

YouTube

Op de filmopnamen die de VPRO in Paradiso maakte is goed te zien hoe Nirvana tussen openingsnummer ‘Drain You’ en ‘Breed’ een meeslepend bouwwerk optrok van monumentale rockmuziek. Pas bij ‘Come As You Are’ doorkruist Kurt Cobain de sfeer van saamhorigheid, wanneer hij de melodie expres vals zingt en kinderlijk flauw overdrijft hoe de hoge noten eigenlijk boven zijn macht liggen. Het is een eerste signaal van de twijfel die hem bekroop in (spoiler) de laatste jaren die hem nog restten. Was hij nog wel trouw aan de punkgedachte? Had Nirvana uitverkoop gepleegd aan de commercie? Het duurde nog zeker drie maanden voordat ‘Come As You Are’ op single uitkwam. In zijn achterhoofd zinde Cobain al op een nabije toekomst waarin Nirvana’s muziek minder gepolijst of radiovriendelijk zou klinken. In Paradiso volgden ‘Been A Son’ en ‘Negative Creep’, nummers waarin Cobain zijn keel rauw schreeuwde en zijn gitaar aftuigde. Later die nacht zou hij ook nog drie snaren breken, in een duwpartij met een cameraman die hij pas in de slotnummers opmerkte.

Er werd nog veel nagepraat over het concert van het jaar, want daar waren de aanwezigen het meteen over eens. Minder enthousiast was fotograaf Lex van Rossen, die in Paradiso was om livefoto’s voor NRC te maken. In de Doelen had hij drie maanden eerder vastgesteld dat Nirvana hem niet lag, toen hij al na één nummer zonder een bruikbaar beeld door de ordedienst de zaal uit was gewerkt. Kurt Cobain vond hij een vervelende uitslover, vertelde Lex me. Daarom had hij zich in Paradiso toegelegd op het portretteren van bassist Krist Novoselic, die hij een veel groter charisma toedichtte. Lex van Rossen (1950-2007) maakte niet veel fouten, maar dit was er een. In de tijd die hem nog restte, vooral na Kurt Cobains zelfmoord in april 1994, heb ik hem nog vaak horen brommen dat hij nooit een goed portret van de Nirvanazanger heeft kunnen schieten.

Nirvana in Paradiso was in zekere zin het einde van een tijdperk. De band ontgroeide het clubcircuit razendsnel en tijdgenoten als Pearl Jam en Soundgarden manifesteerden zich als de nieuwe elite van de arenarock. Voor de spirit van Nirvana – straatwaardige pop- en punkgroep ineen – kon je terecht bij bands als Railroad Jerk of The Thermals, die nimmer een vergelijkbaar hitparadesucces of publieksbereik haalden.

Hoe was het om bij de legendarische nachtshow van Nirvana in Paradiso te zijn? Ik herinner me een weldadig rommeltje van een uitzinnig publiek en een band die zichzelf met raketbrandstof de stratosfeer in lanceerde. Die raket brandde aan twee kanten, bleek niet lang daarna.

Nirvana 30 jaar. Op 30 nov worden de originele beelden van de VPRO-film uit 1991 integraal vertoond in de originele zaal. Inl: paradiso.nl

Lees ook over Jason Everman, de afgedankte gitarist van Nirvana: ‘Ik doe niet aan carrièreplanning’