Keer op keer overtreedt ProRail milieuwetten

Milieuovertredingen Geen bedrijf krijgt in de Rotterdamse haven zoveel straf voor het overtreden van milieuwetten als de spoorwegbeheerder.

Emplacement Kijfhoek tussen Zwijndrecht en Barendrecht.
Emplacement Kijfhoek tussen Zwijndrecht en Barendrecht. Foto Siebe Swart/ANP

Voor het tweede jaar op rij is ProRail het bedrijf dat in de Rotterdamse haven het vaakst straf krijgt voor het overtreden van de milieuwetten. In 2021 kreeg ProRail tot nu toe twaalf keer een last onder dwangsom of een boete opgelegd vanwege gevaarlijke situaties. Dat is vaker dan in 2020, toen dat negen keer gebeurde, en veel meer dan bij de andere 26.000 bedrijven waar de regionale toezichthouder DCMR controles uitvoert. Andere bedrijven krijgen jaarlijks hoogstens twee keer een last onder dwangsom of een boete. Dat blijkt uit cijfers van DCMR Milieudienst Rijnmond.

Dat er geen verbetering is, is opvallend. ProRail, waarvan de staat enig aandeelhouder is, krijgt namelijk al sinds 2017 boetes en lasten onder dwangsommen (het dreigen met een boete voor als een overtreding niet wordt opgelost) opgelegd van de omgevingsdienst. Toch blijft het bedrijf slecht presteren. Daan Molenaar, directeur Toezicht en Handhaving van DCMR: „We hebben gezien dat ProRail sterk focust op de veiligheid van het spoor, de veiligheid van de omgeving is meer een blinde vlek.”

Sommige problematiek is niet direct op te lossen

Woordvoerder ProRail

ProRail beheert in de haven vijf emplacementen – Botlek, Kijfhoek, Waalhaven, Europoort en Pernis – waar regelmatig treinen met chemische stoffen rondrijden. Net als in 2020 schortte het afgelopen jaar onder meer aan de brandveiligheid en kunnen onbevoegden soms ongecontroleerd het terrein op lopen. ProRail werkt bovendien op emplacementen in de Waalhaven en Botlek met ongekeurde koelinstallaties en opslagtanks die kampen met achterstallig onderhoud. Tankplaatsen voldoen soms niet aan de eisen, waardoor stoffen kunnen weglekken, volgens inspecties van DCMR en de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond.

Ook is het gras op de emplacementen vaak ongemaaid. Dat is gevaarlijk, benadrukt Molenaar. „Als lang gras vlam vat, kan een wagon in brand vliegen. Dat kan grote consequenties hebben.”

Dat er veel achterstallig onderhoud is op de terreinen van ProRail in de haven, waar geen passagierstreinen rijden, is al langer bekend. ProRail heeft de afgelopen jaren regelmatig het treinverkeer in de haven moeten stilleggen vanwege storingen. Het dieptepunt: de sluiting van één van de emplacementen voor treinen met chemische stoffen voor meer dan een jaar in 2019 en 2020, omdat de bluswatervoorziening en bereikbaarheid voor hulpdiensten niet op orde waren. Een kleine brand, zegt Molenaar, „kan dan escaleren tot een groot chemisch incident”. Goederenvervoerders waren de dupe en moesten uitwijken naar andere rangeerterreinen.

De slechte staat van de terreinen komt door een combinatie van factoren. ProRail, zo bleek vorig jaar uit een rapport van Ira Helsloot, hoogleraar Besturen van Veiligheid aan de Radboud Universiteit, heeft in de haven de afgelopen jaren te weinig aandacht gehad voor het spoor omdat het focuste op passagierslijnen. Ook zou binnen ProRail relatief weinig aandacht bestaan voor de veiligheid van de omgeving, en was het team dat werkte aan de Havenspoorlijn lange tijd overbelast.

Dat het bedrijf zo lang nodig heeft om de zaken op orde te krijgen, verbaast Molenaar van DCMR. „We zijn nu vier jaar bezig. Dit kost meer tijd dan ik van tevoren had ingeschat. Er komen ook steeds weer nieuwe dingen naar boven.”

Sommige ingrepen die gedaan moeten worden, zijn wat hem betreft niet heel erg ingewikkeld. „Op de Waalhaven lukte het heel lang niet om de blusinstallatie zo te maken dat hij aan de normen voldoet. Maar het is geen raketwetenschap, het gaat om het aanleggen van een paar pompen en leidingen.”

Nog een voorbeeld: ProRail heeft inmiddels bewaking aangenomen om de terreinen beter te bewaken en de hekken te sluiten. Als inspecteurs vervolgens langs gaan bij ProRail staat het hek toch weer open, zegt Molenaar.

Ingewikkelde organisatie

Volgens Molenaar zitten bij ProRail „geen milieucriminelen of zo” die het bewust niet zo nauw nemen met de regels, maar „is het een hele ingewikkelde organisatie waar dingen moeilijk voor elkaar te krijgen zijn”. Om ProRail tot verbeteringen te dwingen is er een overleggroep onder leiding van de milieuwethouder van gemeente Rotterdam, met de directie van ProRail, de omgevingsdienst en de burgemeester van Barendrecht. „Één keer per twee, drie maanden komen we bij elkaar en zetten we bij ProRail het mes op de keel of geven we ze juist een compliment dat het goed gaat.”

ProRail erkent via een woordvoerder dat in het verleden zaken niet goed zijn gegaan. Er wordt volgens de woordvoerder hard gewerkt aan verbetering, maar „om hiervan alle effecten te zien is meer tijd nodig en is niet iedere verbetering meteen zichtbaar voor de buitenwereld. (...) sommige problematiek is weerbarstiger dan de ander en niet direct op te lossen.”

In het rapport uit 2020 opperen de onderzoekers dat de eisen aan rangeerterreinen wellicht te hoog zijn. Daar is Molenaar van DCMR het niet mee eens. „We stellen in Rotterdam inderdaad hogere eisen dan in de rest van Nederland.” Wat hem betreft moeten de regels in de rest van het land juist worden aangescherpt. „Wij hebben hier in de regio meer inzicht in wat de risico’s werkelijk zijn.” Dat komt door de jarenlange ervaring met toezicht houden op bedrijven die werken met chemische stoffen, aldus Molenaar.

Molenaar erkent dat ProRail soms te maken heeft met tegenstrijdige wetgeving. De woordvoerder van ProRail: „De ene regelgeving stelt dat we alles kort moeten maaien, in andere regelgeving staat dat we beschermde planten niet mogen snoeien.”