Recensie

Recensie Theater

In ijselijk drama ‘Girls and Boys’ toont de vrouw haar innerlijke kracht

Theater ‘Girls and Boys’ is een briljante toneeltekst over een gezinsmoord, geschreven door Dennis Kelly, in een meeslepende uitvoering door actrice Hadewych Minis en regisseur Daria Bukvic.

Hadewych Minis zet in 'Girls and Boys' haar hele fysiek in bij het spreken.
Hadewych Minis zet in 'Girls and Boys' haar hele fysiek in bij het spreken.

Foto Joris van Bennekom

Na drie kwartier begint Girls and Boys echt. Het verhaal dat Hadewych Minis tot dan toe vertelt zingt van leven en geluk: over de geweldige man die ze ontmoette, het leuke werk dat ze heeft bemachtigd en haar kleine kinderen die ze zelf speelt en laat praten in korte scènes. Net als je je afvraagt waar het heengaat, zegt ze: „Ik weet dat ze hier niet echt zijn hoor, mijn kinderen. Ik weet dat mijn kinderen dood zijn.”

De onthulling werkt als bij een thriller, want de alles overheersende vragen worden: wat is er gebeurd, waar is haar verdriet bij dit onvoorstelbaar verlies? Tot dan toe is deze vrouw in de vertolking van Minis dynamisch en uitbundig. Minis zet haar hele fysiek in bij het spreken. Al haar ledematen deinen mee. Ze is iemand die met karatestoten de opwinding in haar seksleven uitbeeldt. En ze is welbespraakt, want de tekst van Dennis Kelly zindert van de knisperende, geestige dialogen en treffende metaforen, die, in de krokante vertaling van Hannah van Wieringen, elke anekdote tot een genot maken.

Lees ook: Interview met Hadewych Minis over Girls and Boys

Klinisch

Vanaf het ijselijke kantelpunt is alles wat de vrouw zegt beladen. Maar ze vertelt beheerst verder, met een onderhuidse spanning: over de fases waarin de liefde tussen haar en haar man verkruimelt en hij onherkenbaar verandert. Uiteindelijk verlaat ze hem, met de kinderen. En als ze dan vertelt over de dood van haar kinderen, is dat klinisch, met chirurgische precisie.

Al die tijd wacht je op een uitbarsting van emoties, als een suikerverslaafde op zijn sugar rush. Maar die komt niet. Minis beschikt over een naturelle stugheid en ongenaakbaarheid die ideaal werkt bij deze vrouw op wie je als luisteraar zelf de niet ingevulde wanhoop, verbazing en droefenis projecteert. En als ze dan breekt, even maar, in een flits, dan is haar verdriet verpakt in een vlaag woede over het onrecht dat haar en haar kinderen is aangedaan.

Het razend knappe van dit uitstel van emoties, van de tekst van Kelly, de regie van Daria Bukvic en het spel van Minis – pas na afloop vast te stellen, als je los bent uit de greep van de vertelling – is dat er een vrouw staat die de aanval op haar bestaan heeft gepareerd. Het vermoorden van haar kinderen is een aanval op haar, bedoeld om haar te breken, maar hoe diep haar verdriet is, wil ze niet laten zien. Dat verdriet is van haar en dat is niet waarom ze haar verhaal doet. Ze wijst, uiterlijk krachtig en ongebroken, op de rot in de samenleving, op de verkniptheid van mannen, op het maatschappelijk probleem achter het fenomeen kindermoord. En haar conclusie is van een ontwrichtende wijsheid: „De samenleving is niet gemaakt vóór mannen, maar om mannen te stoppen.”

Flonkerend

Dan begrijp je waarom je vergeefs hebt gewacht op de voor de hand liggende emoties, op goedkope tranen en voorgekauwd sentiment. Dat moet je als toeschouwer allemaal zelf aanmaken. Pas in het slotbeeld krijg je het, hoe uitgekookt, toch aangereikt. Hou het dan maar eens droog. Je huilt om haar, voor haar, in haar plaats.

Na People, places & things van Duncan Macmillan heeft Toneelgroep Oostpool met Girls and Boys opnieuw de hand gelegd op een briljante tekst. Dat er, vormtechnisch gezien, wel wat oneffenheden zitten in de manier waarop Dennis Kelly zijn personage het publiek laat toespreken, valt in het niet bij de originele, gedurfde constructie, de maatschappelijke relevantie van de vertelling en zijn flonkerend taalgebruik. Minis levert een majeure prestatie en Bukvic geeft, als nieuwe artistiek directeur, een daverend visitekaartje af. Zo’n voorstelling doet het theaterhart goed.