De hel van het schoolplein: in deze film ben je anderhalf uur lang weer zelf zeven jaar

Schoolpleinfilms Laura Wandel belicht met microscopische precisie pestgedrag tussen basisschoolleerlingen. De Belgische filmmaker is niet de eerste die een school als arena voor een drama koos.

Nora (Maya Vanderbeque) navigeert in 'Un Monde' tussen de loyaliteit voor haar iets oudere broer Abel (Günter Duret) en het verlangen om erbij te horen.
Nora (Maya Vanderbeque) navigeert in 'Un Monde' tussen de loyaliteit voor haar iets oudere broer Abel (Günter Duret) en het verlangen om erbij te horen.

Ze brengen er ongeveer hun halve jeugd door. Kinderen. Op het schoolplein. Af en toe zijn het kleine monstertjes, vaker verdwaalde engelen. Meestal allebei. De pikorde is meedogenloos. En soms is de grootmoedigheid groter. Het is hun wereld.

Ongetwijfeld daarom noemde de Belgische filmmaker Laura Wandel (1984) haar debuutfilm die zich op zo’n schoolplein van een naamloze Belgische school afspeelt Un monde, een wereld. Al is de Engelse titel, Playground, even adequaat. Daarmee ging de film eerder dit jaar in première op het filmfestival van Cannes, in de Un certain régard-competitie voor meer ‘edgy’ films. Wandel kreeg er de prijs van de internationale filmkritiek voor, en de film maakte een zegetocht langs andere festivals. Met microscopische precisie voert de film een punctie uit op pestgedrag. We zitten midden in het gekrioel, gewoel en gejoel van spelende kinderen, maar ingezoomd is daar van alles mis. Het is een instabiel systeem van voortdurend schuivende machtsverhoudingen. Van eten of gegeten worden. Het zijn net volwassenen.

Wandel is niet de eerste die de hel van het schoolplein als arena voor een film koos. Vorig jaar kwam de Noorse film Barn (‘kinderen’) uit, volgens schrijver en regisseur Dag Johan Haugerud een verhaal over ‘kleine misverstanden met grote gevolgen’. Een kind wordt dood gevonden bij de school. Was het een stoeipartijtje of een ruzie? Kunnen kinderen wreed en meedogenloos zijn? Of is er altijd meer aan de hand?

Elephant

Net als Wandel greep Haugerud voor zijn film terug op een gebeurtenis waar hij als kind zelf getuige van was geweest. Maar waar Haugerud een filosofische puzzel in elkaar zet – iedereen wijst naar iedereen en wast de eigen handen schoon – lijkt Un monde meer op een andere klassieker, Elephant (2003) van Gus Van Sant.

Haugerud kijkt naar de ouders en andere opvoeders. Waar waren zij, wat projecteren zij op hun kinderen, wat zegt dat over henzelf? Wandel zet de camera daarentegen op ooghoogte van de zevenjarige Nora en kijkt zonder compromis vanuit haar perspectief naar een onbegrijpelijke en onrechtvaardige wriemelende wereld. Nee, Wandel kijkt niet. Zij laat haar camera ‘voelen’. Gedurende 72 minuten zijn we zelf zeven jaar. En wie we ook waren toen we zeven waren, terwijl we naar de film kijken zijn we bang en dapper, begrijpen we dingen zonder woorden, zonder het perspectief van volwassenen, die in de film alleen maar benen en buiken zijn.

Dat is ook wat Gus Van Sant deed in Elephant. Hij liet zich voor die film inspireren door de beruchte Amerikaanse Columbine highschool-moorden in 1999, waarbij twee scholieren twaalf medestudenten en een docent neerschoten en twintig anderen gewond raakten. De grote vraag, ook bij veel vergelijkbare bloedbaden, is steeds: waarom? Het is goed dat we blijven proberen die vraag te beantwoorden. Of beter: steeds opnieuw stellen. Waren de boosdoeners in het geval van Columbine death metal-muziek, gewelddadige films, afwezige ouders, de alomtegenwoordigheid van wapens? Was het omdat het duo gepest werd, zich buitengesloten voelde, of juist op anderen neerkeek? Geen enkele ‘verklaring’ voldoet.

Van Sant cirkelt om de levens van scholieren in de uren voorafgaande aan de slachtpartij: daders, slachtoffers, overlevers. Hij gebruikt de camera om motieven te vinden. Maar vindt niets. En dat niets is overvol en chaotisch. Er is alleen geraas en razernij. Dat is de essentie van zijn film.

Bully

Hoe anders dan bijvoorbeeld het schandaalsucces van Larry Clarks Bully (2001) van een paar jaar eerder. Ook gebaseerd op een waargebeurd verhaal, naar een scenario van Zachary Long en Jim Schutze, die daarvoor zijn boek Bully: A True Story of High School Revenge bewerkte. Daarin beschrijft hij hoe in de zomer van 1993 een groepje tieners ertoe kwam om een (ex-)vriend van hen te vermoorden. Iets waartoe ze individueel nooit in staat zouden zijn geweest, maar als groep konden stoppen. Clark laat net als Van Sant zien dat groepsdynamiek ondanks alle wetten en regels die we erin denken te herkennen altijd onvoorspelbaar is. Maar hij toont zich ook een moralist: waar zijn de witte middenklasseouders die dit onder hun ogen zien gebeuren? Kijken ze weg? Uit onvermogen? Net als de leraren en ouders in Un monde (overigens niet alleen witte ouders) wier ogen we nooit te zien krijgen?

Wandel liet zich ook inspireren door een andere, minder bekende voorloper, de documentaire Récréations (1992) die de Franse filmmaker Claire Simon op het schoolplein van haar toen zesjarige dochter draaide. Simon observeert hoe de kinderen spelen; de titel slaat op de spelletjes die ze bedenken, op de onderhandelingen die daaraan voorafgaan. Hele scenario’s worden bedacht, en het is niet alleen spel, maar het zijn ook letterlijke re-creaties, herscheppingen van de dagelijkse dingen die ze op het schoolplein meemaken. Een oefenwerkelijkheid.

Balanceren

In een e-mail schrijft Wandel hoe ze zich precies door die ‘overgangsrituelen’ uit Simons film liet inspireren: „Het gaat over het verkennen van een gevoel van angst, gekoppeld aan de vraag in hoeverre je je aan het gedrag van de andere kinderen moet aanpassen.” Het is een voortdurend ‘onderhandelen’. Ze heeft het zichtbaar gemaakt door de zevenjarige Nora tijdens de gymles over een evenwichtsbalk te laten lopen: „Balanceren is een symbool dat regelmatig terugkomt in de film.”

Nora balanceert voortdurend. Ze navigeert tussen de loyaliteit voor haar iets oudere broer Abel en het verlangen om erbij te horen. Tussen haar onvoorwaardelijke vertrouwen in Abel als beschermer en de ontdekking dat hij machteloos is omdat hij gepest wordt. Tussen haar angst en haar rechtvaardigheidsgevoel. Tussen het idee dat ouders en opvoeders dingen moeten oplossen en de constatering dat ze vaak tekortschieten of zaken juist erger maken.

Dat maakt Un Monde uniek: consequent bij Nora blijven. Zonder uitleg. Ze bewoont een wereld die veel wreder is dan ouders zouden wensen. Al herinneren zij zich dat eigenlijk zelf ook wel. Ook daarom is het schoolplein een mikrokosmos die filmmakers niet loslaat. Het zegt zoveel over het leven dat volgt.

Lees ook: de recensie van Un Monde