‘Zitting kan beter in de gevangenis’

Rechtspraak Minister Sander Dekker wil verdachten online verhoren en berechten. Dat idee stuit op grote weerstand bij advocaten.

Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught.
Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught. Foto Robin Utrecht/ANP

Demissionair minister Sander Dekker (Rechtsbescherming, VVD) was onlangs in Italië, en die reis heeft „meerdere inzichten” opgeleverd over hoe Nederland zware criminelen moet berechten en gevangen houden. „Een belangrijk voorbeeld daarvan is de indrukwekkende wijze waarop videozittingen worden georganiseerd”, schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer.

Het berechten van verdachten van zware misdrijven zonder dat deze de rechter in de ogen kunnen kijken is „een inperking van het aanwezigheidsrecht”. Maar dat een verdachte van de extra beveiligde inrichting (EBI) in het Noord-Brabantse Vught niet langer steeds hoeft te worden vervoerd naar Schiphol zou wel een welkome reductie betekenen van de „ernstige verkeersoverlast en grote veiligheidsrisico’s voor de inwoners van Vught”, aldus Dekker.

Lees ook de rubriek De Rechtsstaat: Een strafproces ‘op afstand’ is te mager

Het voorstel is een van de vele maatregelen die de minister aankondigt om kwesties zoals de aanhouding van de advocaat van Ridouan Taghi begin vorige maand te voorkomen. Die advocaat, een neef van de verdachte, zou betrokken zijn bij onder meer een bevrijdingsplan uit de gevangenis. Andere voorstellen uit de brief van van Dekker: snellere plaatsing van verdachten in een EBI, alleen nog ambtelijk bezoek aan een verdachte in duo’s (mogelijk ook voor zorgmedewerkers), intensieve screening van medewerkers en het vergroten van hun weerbaarheid „om te voorkomen dat zij in het web van de criminelen verstrikt raken”. Verder denkt Dekker aan een landelijk toezicht op advocaten, het afschaffen van contante betalingen aan advocaten en – om „overmatige honorering” tegen te gaan – het niet langer toestaan een via piketdiensten toegewezen advocaat te weigeren.

Of deze „inperking van de vrije advocaatkeuze” te rechtvaardigen valt, schrijft Dekker, „neem ik mee bij de verdere uitwerking”. Tenslotte: niet langer één maar twee advocaten per cliënt in de extra beveiligde inrichting. „Door te werken in duo’s wordt het lastiger voor gedetineerden om druk uit te oefenen en advocaten zo te bewegen mee te werken met voortgezet crimineel handelen vanuit detentie.”

‘Wantrouwen’

De plannen wekken verbazing en kritiek, vooral het „wantrouwen” dat er uit spreekt jegens de advocatuur, zegt Jeroen Soeteman, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Strafrechtadvocaten. „We zijn blij dat de minister schrijft dat hij ervan uitgaat dat de meeste advocaten integer hun werk doen. We willen constructief meedenken. Maar de minister moet niet doordraven. Het is alsof dit incident wordt gebruikt om maatregelen erdoor te krijgen die in een la liggen en waarvan altijd werd gedacht: dit krijgen we er nooit doorheen.”

Ook Sven Brinkhoff, hoogleraar strafrecht aan de Open Universiteit, vindt niet dat bij de voorstellen voor de advocatuur „de goeden onder de kwaden moeten lijden”. „Er zal altijd een rotte appel zijn. Maar één schrijnend voorbeeld betekent niet dat een hele beroepsgroep niet te vertrouwen is.”

Nog feller in zijn kritiek is strafrechtadvocaat Sander Janssen, die onder anderen Willem Holleeder en twee andere verdachten in Vught bijstaat. „Op basis van één incident wordt nu een hele beroepsgroep verdacht gemaakt. Dat slaat nergens op. Justitie heeft zelf een heel domme fout gemaakt met die neef en nu is iedereen z’n straatje aan het schoonvegen. Zo wordt de aandacht afgeleid van de eigen fouten. Zoals altijd gebeurt bij deze minister.”

Dat een verdachte van zware misdrijven straks wellicht geen toegevoegde advocaat mag weigeren, hoont Janssen ook weg. „Gaat die advocaat dan tegen de wil van een zware crimineel zijn werk doen? Schei toch uit.” Janssen is „een beetje klaar” met de minister. „Er is één heel ernstig incident geweest en dat wordt nu aangegrepen om te doen wat deze, mind you, minister van rechtsbescherming, al veel langer wil: de rechten van verdachten en advocaten beperken. Deze meneer is een wandelende nachtmerrie, die er de ballen verstand van heeft en bij alles wat hij doet vooral denkt aan zijn eigen politieke carrière.”

Video

Op veel steun voor het horen en berechten van verdachten via video hoeft de minister evenmin te rekenen. Althans niet van hoogleraar Brinkhoff. „Kernwaarde van het rechtsproces is dat iedere verdachte, van kleine tot grote vis, zich kan verantwoorden voor de rechter. Als verdachten zware straffen als levenslang boven het hoofd hangen, dan is het een mensenrecht om tijdens de zitting te kunnen reageren op wat een officier zegt, wat er in het dossier staat, vragen die worden gesteld. Video doet aan dat belang veel minder recht dan aanwezigheid.”

Ook een rechter zelf wil een verdachte live in de ogen kunnen kijken en het dossier kunnen doornemen met een verdachte, zegt Brinkhoff. „Bovendien hechten slachtoffers en nabestaanden steeds vaker belang aan de aanwezigheid van de verdachte op zitting, als sluitstuk van het strafproces, zodat die zich in het openbaar en ten overstaan van eenieder moeten verantwoorden.”

Dekker heeft zelf vorig jaar een wetsvoorstel ingediend om de aanwezigheid van verdachten op zitting verplicht te stellen, vooral in zaken van zeden en geweld. Het gaat om een wijziging van artikel 258 van de Wet uitbreiding slachtofferrechten, onlangs behandeld door de Eerste Kamer. De voorstellen zijn in dat opzicht „de wereld op zijn kop”, aldus Brinkhoff. Hij begrijpt overigens best dat het veel tijd, geld en energie kost om verdachten te vervoeren. „Maar dan moet je de rechters naar de verdachten in de cel brengen. Bouw een rechtszaal in een EBI.”

Correctie (23 november 2021): in een eerdere versie van dit artikel stond de naam van advocaat Janssen verkeerd gespeld. Dat is hierboven aangepast.