Opinie

Hokjesdenken

Carolina Trujillo

Dit weekend was er veel schaatsen: shorttrack in Hongarije, langebaan in Noorwegen en scheve schaats in Rotterdam. In Stavanger viel zaterdag de Rus Viktor Moesjkatov en maakte het ijs stuk. Hij herinnerde me aan de satelliet die de Russen laatst opbliezen. Als je de westerse berichtgeving geloofde, hadden ze met die actie ongeveer de ruimte stukgemaakt.

Het ijs in Stavanger werd gerepareerd. Over de tot brokjes geschoten satelliet hoorde je niets meer. Die leek verdwenen zoals de Chinese tennisster Peng Shuai verdwenen leek sinds ze de Chinese vicepresident van seksueel overschrijdend gedrag beschuldigde. Nou ja, in het Westen werd geroepen dat ze verdwenen is, wie de berichtgeving uit China geloofde, wist dat ze thuis aan het rusten was. Dat stond tenminste in een aan haar toegeschreven e-mail die in de Chinese media gepubliceerd was. Iconen uit de tenniswereld geloofden er niets van. Serena Williams, Simona Halep, Novak Djokovic, allemaal hadden ze hun zorgen geuit over de vermiste collega. De vrouwentennisbond WTA dreigde haar toernooien uit China te trekken.

Zaterdag won Suzanne Schulting goud op de 500 en op de 1.500 meter. Daarmee pakte ze ook een ticket voor de Olympische Winterspelen in Beijing. Iedereen in extase, leuk, Suus onverslaanbaar, China een zekerheid. Elk moment zou iemand iets over de tennisster zeggen, leek mij, maar dat gebeurde niet. Bij de teamsprint wonnen de Chinese mannen goud, de Chinese vrouwen brons en Peng Shuai de stilte.

Ik schakelde naar het tennis waar Novak Djokovic de halve finale van Alexander Zverev stond te verliezen. Intussen riepen ook het Witte Huis en de Verenigde Naties om een levensteken van Peng. Zondag werden ze bediend met een filmpje waarin Peng tennisballen signeert voor kinderen. De Chinese media herhalen dat ze het goed maakt, de westerse willen dat pas geloven als ze dat haar zelf horen zeggen. In Nederland waren we nog steeds blij met het olympische ticket van Suus. Die won zondag ook de 1.000 meter.

De scheiding tussen schaatsers en tennissers probeerde ik naar mijn beroepsgroep te vertalen. Het zou zijn alsof romanschrijvers zich druk zouden maken over het vermist raken van een collega-romanschrijver, maar als het een dichter betreft: ‘fuck die loser’ zouden zeggen. Of: ‘Laat de dichters zich daar maar over uitspreken, wij focussen ons op schrijven’.

Bij voetbal ontaardt elke kwalificatiewedstrijd voor het WK in Qatar in gesprekken over ethische kwesties rond mensenrechten, maar als een telg uit een racefamilie daar met z’n toet-toet heel hard rondjes gaat rijden, danst half Nederland figuurlijk de polonaise en lijkt voetbal niet te bestaan.

Als sport een mens was, zou hij geheid aan een meervoudige persoonlijkheidsstoornis lijden. Omdat sport geen mens is, valt dit alles mogelijk te verklaren met het gegeven dat wij mensen eerder sympathie hebben voor wie op ons lijken. Daarom komen tennissers op voor een tennisster, maar schaatsers niet. Daarom zijn we geneigd berichten uit ons eigen hokje te geloven en die uit een krat ver weg niet. We geven veel om ons eigen hokje, tenzij iemand het waagt ons erin te willen stoppen, dan slaan we het in tienen zoals ze in Rotterdam deden.

Carolina Trujillo is schrijfster.