Reportage

Berooide Iraaks-Koerdische migranten keren uit Wit-Rusland terug naar een thuis zonder huis

Iraaks-Koerdistan Na weken vol onzekerheid en angst is het voor Koerdische terugkeerders zeker: via Wit-Rusland zit de deur naar Europa op slot.

De eerste Iraaks-Koerdische migranten keren uit Wit-Rusland terug op het vliegveld van Erbil, begeleid door Koerdische veiligheidsagenten.
De eerste Iraaks-Koerdische migranten keren uit Wit-Rusland terug op het vliegveld van Erbil, begeleid door Koerdische veiligheidsagenten. Foto Daphne Wesdorp

Op de lange zwarte bank in zijn huis in de Noord-Iraakse plaats Zakho zit de 40-jarige Kovan Bezihi er terneergeslagen bij. De geur van kruidige rijst met bonen die uit de keuken walmt, maakt in de woonkamer plaats voor de geur van tabak zodra hij een zoveelste sigaret opsteekt. Regen tikt tegen het raam, binnen brandt de kachel.

Een dag eerder is Kovan geland op de luchthaven van Erbil, samen met bijna vierhonderd voornamelijk Iraaks-Koerdische migranten. Allen besloten hun poging te beëindigen om via Wit-Rusland in Europa te geraken. Gehuld in winterjassen, en bepakt en bezakt met grote koffers, rugtassen en kinderwagens, kwamen de terugkeerders uit Minsk de aankomsthal binnen geschuifeld. De schichtige blikken, tranen en verslagenheid werden vastgelegd door de flitsende camera’s van de media die hen opwachtten.

Ik betaalde 25.000 euro aan een smokkelaar, maar toen ik in Minsk aankwam liet hij me in de steek

Kovan Bezihi, migrant uit Iraaks-Koerdistan

Ook Kovan ervoer het als een nederlaag, toen hij in zijn rolstoel aankwam in de aankomsthal van het vliegveld, samen met zijn vijf kinderen en zijn vrouw. Maar hij is boven alles woedend. „Ik betaalde 25.000 euro aan een mensensmokkelaar, maar toen ik in Minsk aankwam liet hij me in de steek. Hij zei ‘ga maar lopen naar de grens’.” Kovan lacht cynisch. „Hoe kan ik lopen zonder benen?”

Hij kan door zijn handicap geen werk vinden in Iraaks-Koerdistan. Een sociaal vangnet is er amper. Rondkomen van gemiddeld 100 dollar per drie maanden is een onmogelijke taak. „Wachten op je salaris is net als hopen op regen. Je kunt alleen maar bidden dat het snel komt.”

Geen gehoor bij smokkelaar

Toch laat Kovan zich niet zomaar kennen. „Zal ik hem nu bellen?” Hij pakt zijn telefoon van de salontafel. De smokkelaar heeft een WhatsApp-afbeelding van een Europese kaart. Alle grote steden zijn met een gouden lijn aan elkaar verbonden, als een bruisend web van verbindingen. De telefoon gaat over. Maar ook vandaag krijgt Kozan geen gehoor. „Ik kan fluiten naar mijn geld”, zegt hij foeterend.

Oppositieleider Wit-Rusland: ‘Migranten kunnen zich tegen het regime van Loekasjenko gaan keren’

Om zijn schuld te kunnen afbetalen zal Kovan zijn huis moeten verkopen. Al levert dat waarschijnlijk niet genoeg op. „Wil jij niet verhuizen naar Koerdistan? Ik geef je een goede prijs.” Kovan lacht honend terwijl hij de inmiddels opgediende rijst en bonen op zijn bord legt. De kamer stroomt vol met kinderen, neven en tantes. „Dit huis is al drie generaties in de familie. Maar wat moet ik anders.”

In het boordevolle vliegtuig heerste donderdag een doodse stilte. „Het was het geluid van verslagenheid, uitputting en opluchting”, zegt Hussain. Hij wil liever niet met zijn achternaam in de krant. Hij schaamt zich omdat de reis niet is uitgepakt zoals hij had gehoopt. De 24-jarige afgestudeerde psycholoog en pakhuismedewerker zet zijn capuchon op en loopt op leren sandalen door de aanhoudende regen door het centrum van Zakho. „Ik ging naar Minsk voor de toekomst van mijn zoon en keer voor hem terug naar Iraaks-Koerdistan.”

Kovan en Hussain hebben beiden bijna drie maanden in Wit-Rusland doorgebracht. Soms bivakkeerden ze dagenlang in tentjes aan de grens, soms sliepen ze in een appartement in Minsk. Dan was het wachten tot de volgende kans zich voordeed om de grens over te steken. Maar na drie maanden was het geld op en de hoop vervlogen. De vlucht terug naar Erbil maakte een einde aan het uitzichtloze wachten in een vreemd land. Maar eenmaal thuis wacht een nieuwe uitdaging - hoe bouw je een nieuw leven op als je alles hebt verloren?

„Mijn huis is verkocht, maar er is nog niemand ingetrokken. Ik heb nog tien dagen de tijd om iets anders te zoeken. Dan komt de nieuwe eigenaar.” Hussain legt zijn doorweekte sandalen netjes bij de voordeur en opent de keukendeur. Het huis is modern en groot. De grote met goud bewerkte wenteltrap reikt tot aan de derde verdieping. Op de muren van de keuken verschijnen dansende schaduwen van de vitrage, als de zon kort door de wolken breekt. Maar de kamers in zijn huis zijn leeg. „Ik had niet gedacht dat ik zou terugkomen.” Hussain glimlacht, maar zijn ogen stralen paniek uit. En verdriet.

Lees ook: Migranten ‘werden als een bal heen en weer gekaatst’

Gered door een appelboom

Drie keer probeerden Hussain en zijn familie zonder succes de grens over te steken. Zijn situatie werd troosteloos, toen ze vast kwamen te zitten in het niemandsland aan de grens met Polen. Zonder eten, zonder water. De Poolse politie gooide af en toe koekjes over het hek, of ingeblikte bonen. Maar dit was lang niet genoeg. „We waren voor negen dagen afhankelijk van een appelboom die we hadden gevonden. Die boom heeft ons gered.”

Ook Hussain was voorgelogen door zijn smokkelaar. De auto die ze zou ophalen bij de grens kwam niet. Maar, anders dan Kovan, heeft Hussain al zijn strijdlust verloren. „Ik moet helemaal opnieuw beginnen. Terug naar het pakhuis dan maar.”

Wit-Rusland pagina 14-15