Hoge Raad: Airbnb mag toch servicekosten vragen aan huurders

Vakantieverhuur Het wettelijke verbod op ‘tweezijdige bemiddeling’ is volgens de hoogste civiele rechter niet van toepassing op vakantieverhuur via Airbnb. Het verhuurplatform hoeft geïnde bemiddelingskosten niet terug te betalen.

Airbnb bracht volgens een gebruiker ten onrechte bemiddelingskosten in rekening bij zowel huurders als verhuurders.
Airbnb bracht volgens een gebruiker ten onrechte bemiddelingskosten in rekening bij zowel huurders als verhuurders. Foto Nick Somers

Verhuurplatform Airbnb mag toch bemiddelingskosten in rekening brengen bij huurders én verhuurders van woningen. Dat volgt uit een ‘prejudiciële beslissing’ van de Hoge Raad die vrijdagochtend gepubliceerd is. Door deze uitspraak hoeft Airbnb eerder geïnde servicekosten niet terug te betalen aan huurders.

Vorig jaar stelde de Amsterdamse kantonrechter dat Airbnb ten onrechte bemiddelingskosten in rekening bracht bij zowel huurders als verhuurders. Als gevolg van de uitspraak konden Nederlanders die in de voorgaande drie jaar servicekosten hadden betaald aan Airbnb, dat bedrag terugvragen.

De zaak was aangespannen door Jacques Huppes, een Amsterdamse gebruiker van Airbnb. Volgens hem gedraagt Airbnb zich als bemiddelaar tussen huurder en verhuurder. Bemiddelaars op de woningmarkt mogen volgens de Nederlandse wet wel een vergoeding vragen aan de verhuurder, maar niet óók aan de huurder (verbod op ‘dienen van twee heren’). De rechter stelde Huppes in het gelijk.

‘Tweezijdige bemiddeling’

In antwoord op ‘prejudiciële vragen’ in een vergelijkbare zaak bij de Rotterdamse kantonrechter oordeelt de Hoge Raad nu anders. Het wettelijke verbod op ‘tweezijdige bemiddeling’ is volgens de hoogste civiele rechter niet van toepassing op vakantieverhuur via Airbnb.

Lees ook: Airbnb verwijdert ruim driekwart van de advertenties in Amsterdam na registratieplicht

Het platform gedraagt zich weliswaar als bemiddelaar, maar het verbod bestaat alleen om „bedenkelijke handelwijzen” in de makelaardij tegen te gaan, aldus de Hoge Raad. De „korttermijnverhuur” van woningen via Airbnb valt daar volgens de rechters niet onder. Voor reisbureaus was het volgens de Hoge Raad vroeger ook niet verboden om servicekosten bij de klant in rekening te brengen.

Na de eerdere uitspraak van de Amsterdamse rechter meldden tienduizenden huurders zich, alleen of collectief, bij het Amerikaanse bedrijf voor restitutie van de servicekosten. Die krijgen ze nu definitief niet terug. Omdat het om een beslissing van de hoogste rechter gaat, is deze in één klap geldig voor alle nog lopende zaken bij rechtbanken. Tegen de uitspraak van de Hoge Raad kan niet in beroep worden gegaan.