Opinie

Zó word je een betere manager (maar vooral veel gelukkiger)

Japke-d. denkt mee

Jeroen Mol werd een betere manager nadat hij kanker had gekregen. Hij doet nu meer in minder tijd. Hoe deed hij dat? vroeg het hem.
Illustratie Tomas Schats

Jeroen Mol was vroeger zo’n manager die overal bovenop zat, niks uit handen kon geven, zestien uur per dag werkte, met een bomvolle agenda de wereld rondreisde en nóg het gevoel had dat hij meer tijd nodig had.

Tot hij vijf jaar geleden darmkanker kreeg, geopereerd werd en daarna zijn hele leven moest omgooien. Hij schrijft erover in zijn boek Dwars door alles heen – levenslessen van een manager die door ziekte beter wordt.

Vorige week vroeg ik hem om advies hoe je omgaat met collega’s die kanker hebben. Hoe je ze beter tot steun kan zijn. Maar jullie bleken ook benieuwd naar zijn adviezen hoe hij een betere manager werd, juist dóór zijn ziekte, zo bleek uit de reacties die ik via Twitter en LinkedIn, vaak via persoonlijke berichten, ontving.

Dus daarom deze week nóg een keer Jeroen Mol. Ik vond het zelf ook een goed idee. Niet omdat zijn tips nou zo opzienbarend zijn, met alle respect uiteraard, maar omdat ze van hém komen, de operationeel directeur van Landal GreenParks, en jullie ze dan misschien wél opvolgen. „Ik doe nu meer dan voordat ik ziek werd”, schrijft hij in zijn boek. „In minder tijd.” Dat willen we toch allemaal wel? Komen ze.

1 Bemoei je niet overal mee. Laat je team z’n werk doen. Niet alles hoeft langs jou omdat er toevallig ‘directeur’ op je deur staat. Stop met het idee dat je alles kunt bepalen.

2 Ga niet alles zitten controleren. Ga niet zelf voorstellen zitten verbeteren maar zeg: ik vind de voorstellen nog niet goed genoeg. „Het bieden van instantoplossingen maakt mensen lui en afwachtend”, schrijft Mol. „Daardoor krijg je het zelf te druk met de verkeerde dingen. En bijten mensen niet door. Bovendien komt het de volgende keer dan ook weer je kant op.”

3 Wees streng. Als je merkt dat mensen zich niet hebben voorbereid, kap de vergadering dan af. Als jezelf niet bent voorbereid, verplaats de vergadering dan.

4 Ga niet overal over vergaderen maar vraag: is deze vergadering echt nodig? Moet ik hier bij zijn? Moet iedereen hier bij zijn?

5 Zeg vaker: „Nee, daar heb ik geen tijd voor.” „Het voelt eerst gek”, schrijft Mol, „maar het went. Vroeger was mijn agenda een kop-staartbotsing van afspraken. Maak liever minder afspraken met een zinnige inhoud, dan veel afspraken die nergens over gaan.”

6 Een bomvolle agenda klinkt interessant, maar het betekent dat je geen prioriteiten kunt stellen.

7 Luister naar je lichaam. Als je rugpijn hebt of pijn in je nek of schouders, betekent dit dat je meer pauze moet plannen.

8 Plan sowieso meer pauze. Rust is niet iets voor aan het einde van de dag, maar voor de hele dag door. Plan dus blokken ‘rust’ in je agenda. Noem ze geen rust, maar ‘ideeëntijd’.

9 Schaf lunchmeetings af. Lunch is voor pauze, niet voor vergaderen.

10 Mail alleen als het nodig is. Hoe minder je mailt, hoe minder mails je krijgt. Verbied ‘FYI-mails’ en cc’en om het cc’en. „Als je dit een tijdje volhoudt”, schrijft Mol, „droogt je mailbox mooi op tot een normale hoeveelheid mails die nuttig zijn en wel om je aandacht vragen.”

11 Ga lopen tijdens het vergaderen. Naar buiten is nog beter.

12 Ga vaker met de hond in het bos lopen, ook overdag. Werk niet in het weekend. Kijk vaker uit het raam.

13 Stop met je schuldig voelen als je uit het raam kijkt, niet in het weekend werkt, of overdag met de hond in het bos loopt.

14 Stop met het idee dat hoe hoger de functie, hoe meer dat betekent dat je 24/7 moet werken.

15 Durf te zeggen: ik kan dat niet. Ergens is het misverstand ontstaan dat leiders geen zwakte mogen tonen. „Dat ze nooit een snotneus hebben, hoofdpijn, of een slechte dag”, schrijft Mol in zijn boek. „Maar iedereen heeft liever een leider die vooral mens is. Daarmee kunnen mensen zich beter associëren” dan met een Superman die zegt alles te kunnen.

16 Maak meer tijd voor je gezin. De tijd met je kinderen kun je nooit meer overdoen.

17 Sla een hogere positie af als je denkt dat je in je huidige functie meer tot je recht komt.

18 Eet gezond en drink minder alcohol.

19 Besef dat je het gezicht bent van het bedrijf. Als jij op onweer staat, boos wordt of vermoeid of geprikkeld oogt, straalt dat op iedereen af.

20 Redeneer niet hoe iets níét kan, maar redeneer hoe iets wél kan.

21 Tel je zegeningen.

22 Ga bij vage klachten en erge vermoeidheid naar de huisarts. Denk niet: ik heb een jong gezin en een drukke baan, het hoort erbij, maar denk: ik stop nu al een paar keer op een parkeerplaats omdat ik m’n ogen niet kon openhouden, dat klopt niet.

23 Begin vandaag nog met de tips van Jeroen Mol.

Wat weerhoudt je nog, manager?

Hoe was jouw week? Tips voor Japke-d. Bouma via @Japked op Twitter.

Dit waren de Parels van de week op Twitter

Actuele vacatures

Meer vacatures

Uitgelichte artikelen

Meer artikelen