Opinie

Over een jaar zweven er louter afgezaagde figuren door het Teams-kantoor

Marc Hijink

Teams, Zoom, Meet of WebEx; al het thuiswerkgereedschap wordt weer uit de kast getrokken in de nieuwe lockdownperiode. De kantoren en de wegen zijn leeg, dus lopen de agenda’s vol met videovergaderingen.

Kijk niet raar op als je straks halve collega’s tegenkomt. In 2022 brengt Microsoft namelijk een 3D-variant van Teams uit, het onlinevergaderprogramma. In ‘Mesh for Teams’ kunnen deelnemers zichzelf presenteren als avatar – een 3D-poppetje. Zo’n animatie oogt vrolijker dan je verveelde blik tijdens ellenlange vergaderingen.

Opvallend: de poppetjes krijgen van Microsoft geen onderlichaam. Er zweven louter afgezaagde figuren door het Teams-kantoor. Benen doen er op de digitale werkvloer niet toe en wandelen doe je maar met de pijltjestoets.

Videovergaderingen zijn vermoeiend, weten we dankzij de coronacrisis. Een oplossing is om ouderwets te gaan bellen – een stuk relaxter – maar de techsector verkoopt natuurlijk liever méér techniek. Een virtual reality-bril bijvoorbeeld. Vergaderen in 3D, met zo’n computerbril, zou minder uitputtend zijn. Of in ieder geval een rijkere ervaring moeten bieden dan staren naar een scherm vol collega’s die terugstaren.

Teams telt 250 miljoen gebruikers en groeit in Microsofts dromen uit tot een driedimensionaal bedrijfsverzamelgebouw, waar mensen achter webcams, avatars en zelfs hologrammen elkaar treffen. De slogan kan zo op een kerstkaart: ‘Here can be anywhere’.

Microsofts aankondiging volgde kort op die historische presentatie van Facebook, waarin het sociale netwerk zich omdoopte in Meta. Facebook-oprichter Mark Zuckerberg presenteerde toen de term metaverse als een 3D-variant op het internet. Maar ook Microsoft gebruikt metaverse.

Dat metaverse is niet van Mark en ook niet van Microsoft. Zij bouwen respectievelijk een Zuckerverse en een Microverse: de één gericht op games en vrienden, de ander gericht op hybride werk. Apple zal er straks vermoedelijk zijn eigen variant aan toevoegen, met een virtual reality-bril voor de iPhone.

Het 3D-internet dreigt een verzameling afgesloten werelden te worden. Toch is de belofte dat al die losse ervaringen ooit met elkaar te verbinden zijn. Ook je digitale bezittingen zou je – mits vacuümverpakt in blockchain – met je mee kunnen nemen van de ene naar de andere wereld.

De huidige virtual reality-hype is heviger dan de vorige, omdat er enorme bedragen in worden geïnvesteerd en de pandemie nieuwe ontmoetingsvormen stimuleert. Dat metaverse moet er dus wel komen. Dat dachten we ook van het internet of things, het slimme huis of de alwetende spraakassistent. Of de 3D-tv. Niet alles is een hit.

Dat het bestaande web tegen zijn grenzen aanloopt is duidelijk. Het advertentiemodel brokkelt af, de sociale media schuren en regulering beperkt de groeiopties. Of de oplossing in de derde dimensie ligt, gaan we zien.

Wat moeten we met die term metaverse, zolang het er nog niet is? Deze week discussieerden we daarover met NRC’s techredacteuren. Gaan we mee in Facebooks meta-mantra, kiezen we voor metaversum of gewoon metaverse, op zijn Engels? Of gaan we, net zoals de briljante IJsland-parodie op Zuckerberg, toch voor de Icelandverse?

3D-internet lijkt voorlopig een veilige verzamelnaam. Of immersive tech – techniek waar je je in kunt onderdompelen. Die term had de voorkeur op VRDays, een congres dat deze week in Amsterdam werd gehouden.

Terwijl mijn echte ik stamppot maakte, zat mijn avatar in een 3D-congrescentrum te kijken naar sprekers in 2D. Om het realistischer te maken liep er af en toe een andere avatar door het beeld. Irritant, maar in ieder geval hadden we allemaal benen.

Marc Hijink schrijft op deze plek elke week over technologie. Twitter: @MarcHijinkNRC

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.