‘Jij bent het irritantste meisje van de wereld.’ Wat doe je met een kind dat constant ruziemaakt met zijn vierjarige zusje?

Opgevoed Elke week legt een lezersvraag voor aan deskundigen. Deze week: broer en zus blijven maar ruziën.

Illustratie Martien ter Veen

Vader: „Wij hebben een gezin met drie kinderen: de oudste is een jongen van 8, de middelste een meisje van 4 en de jongste is een jongen van 1. De oudste twee maken een paar keer per dag ruzie. Dit ligt voornamelijk aan de oudste, hij begint: ‘Ik wil daar zitten, ik wil dat hebben’. Hij eist, commandeert, verheft zijn stem, treitert zijn zusje: ‘Jij bent het irritantste meisje van de wereld.’ Dit gedrag begon toen de jongste werd geboren. Tegen hem zijn ze altijd alleraardigst, en ook met andere kinderen kunnen ze goed overweg. Ze hebben veel vriendjes en vriendinnetjes, komen allebei goed mee op school. De onderlinge ruzies leggen een druk op het gezin en maken de sfeer soms snijdend. Ik vind het moeilijk om positief te blijven en word vaak boos op de oudste hierdoor.”

Naam is bij de redactie bekend. (Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen.) Wilt u een dilemma in de opvoeding voorleggen? Stuur uw vraag of reacties naar opgevoed@nrc.nl

Help oefenen

Sabine Stoltz: „Ruzies tussen broertjes en zusjes zijn functioneel. Het leert kinderen oefenen met sociale vaardigheden en negatieve gevoelens in een onvoorwaardelijke relatie, en in de veilige omgeving van het gezin.

„Dat wil niet zeggen dat het fijn is, er kan een negatieve spiraal ontstaan van ongewenst gedrag: een mopperende ouder, en een kind dat hierop weer negatief reageert.

„Probeer in plaats van boos te worden vooral het positieve gedrag te bekrachtigen. Goed observeren zal leren dat er ook momentjes zijn waarop iets positiefs gebeurt in de interactie tussen beide kinderen. Benoem en beloon die. Help kinderen hun gevoelens en gedachten te verwoorden, ondertitel ze als het ware: ‘Ik snap dat je boos bent, jij wilt ook graag naast je broertje zitten’. Probeer geen partij te kiezen. Verwoord de uit elkaar liggende behoeften van beide kinderen en leer ze zelf nadenken over een eerlijke oplossing, die zullen zij sneller toepassen.

„Het is goed om met de twee oudsten samen iets te doen om de band te versterken. Laat ze iets bedenken wat zij allebei leuk vinden, en zorg dan voor een plezierige dag met beide ouders erbij.”

Strijd accepteren

Sheila van Berkel: „Het is vrij normaal dat broers en zussen een paar keer per dag ruziemaken: kinderen kunnen gemiddeld wel vijf conflicten per uur hebben. Ruzie past bij de ontwikkelingsfase van beide kinderen: nu de 4-jarige kan terugpraten kunnen ze elkaar wat meer aan.

„Het is mogelijk dat de geboorte van de jongste een rol speelt. Uw oudste mist misschien zijn speciale rol als oudere broer, nu ook zijn zusje een ouder kind is geworden. Verwacht niet van hem dat hij zich als oudste verantwoordelijker gedraagt, daar is hij te jong voor. Misschien reageren uw kinderen hun spanningen over de plek die de jongste inneemt af op elkaar.

„U kunt strijdpunten ondervangen door de kinderen vaste plekken aan tafel te geven, of door ze voor het eten niet in dezelfde ruimte te laten spelen. Moedig ze aan om buiten het gezin met eigen vriendjes en vriendinnetjes leuke dingen te doen. Maak van grensoverschrijdend gedrag een pedagogische les: ‘Commanderen en treiteren doen we hier niet.’

„Probeer met allebei tijd een op een door te brengen. Dat hoeven geen grote dingen te zijn, tien minuten buiten een bal overtrappen met uw oudste kan genoeg zijn. Zo creëert u naast uw irritatie ook positieve ervaringen met hem.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.