Voorzitter Kristel Baele van de Raad voor Cultuur.

Foto Ronald van den Heerik

Interview

‘Geef de cultuursector meer tijd om te herstellen’

Kristel Baele De Tweede Kamer praat later deze maand over de cultuurbegroting. De Raad voor Cultuur adviseert de minister om de sector meer tijd en ruimte te geven.

De cultuursector gaat nog een moeilijke tijd tegemoet, en moet daarom tijd en ruimte krijgen om te innoveren en oude knelpunten op te lossen. Dat is de conclusie van de Raad voor Cultuur, na gesprekken met meer dan honderd culturele instellingen. De Raad doet daar ook concrete aanbevelingen voor: verleng de cultuurplanperiode eenmalig met twee jaar, houd de instellingen niet aan de kwantitatieve prestatieafspraken die bij de subsidieverlening zijn gemaakt, en laat ze de eerder ontvangen coronasteun gebruiken voor herstel en transitie. „Geef de instellingen vertrouwen, dat hebben ze verdiend”, zegt voorzitter Kristel Baele.

De aanleiding voor de rondgang langs de instellingen was een technische; toen cultuurminister Ingrid van Engelshoven (D66) in 2020 bekendmaakte welke instellingen de vierjarige bis-subsidie kregen, was al duidelijk dat Covid-19 hard ingreep in de ambitieuze en zojuist positief beoordeelde plannen. Dus droeg de minister de instellingen op met een aanvulling te komen, een zogenoemd addendum, over hoe ze met corona zouden omgaan. Van Engelshoven besloot ook om ze voor 2021 ‘coulance’ te verlenen; de instellingen worden voor dit jaar niet afgerekend op de harde en specifieke prestatie-afspraken die onderdeel zijn van de subsidieverlening.

De beoordeling van die addenda door de Raad voor Cultuur heeft geleid tot het tweeledig advies dat donderdag is gepresenteerd en dat een belangrijke rol zal spelen bij de behandeling van de cultuurbegroting op 22 november.

Lees ook dit artikel: ‘We drukken makers zo in categorieën, terwijl in de praktijk werelden door elkaar lopen’

Waar maken de instellingen zich het meest zorgen over?

„Om te beginnen is de corona-epidemie nog niet voorbij, en samen met het coronabeleid van steeds verruimen en aantrekken van de maatregelen leidt dat tot grote onzekerheid. Het publiek is nog niet in pre-corona aantallen terug, en neemt meer lastminute beslissingen. Daarom programmeren instellingen voorzichtig, waardoor nieuwe producties en jonge makers minder aan bod komen. Daarnaast zijn veel mensen vertrokken uit de sector, vooral technici, marketeers en horecapersoneel.

„Er waren ook positieve berichten. Door de steun is geen van de rijksgesubsidieerde instellingen omgevallen, en de tijd is gebruikt om te experimenteren met digitaal werken naast reguliere producties. Bijna iedereen zegt dat ze door willen gaan met die hybride vorm van werken, ook als er geen coronamaatregelen meer zijn. Ze bereiken er nieuw publiek mee, en het leidt tot creatieve vernieuwing. Maar voor verdergaand digitaal werken is geld nodig – er is nog geen echt verdienmodel voor hybride werken.”

De Raad wil dat de minister voor de hele cultuurplanperiode coulance betracht voor de prestatie-afspraken. Is dat niet te veel vrijheid?

„Allereerst; we vinden dat de instellingen wel beoordeeld kunnen worden op de kwalitatieve afspraken over diversiteit, arbeidsvoorwaarden en governance. Maar de kwantitatieve afspraken zijn heel specifiek, over aantallen producties, publiek en omzet bijvoorbeeld. Dit jaar konden veel plannen niet doorgaan, maar ook de komende periode blijft veel onzeker. Bij de beoordeling van de addenda hebben we gezien dat de instellingen heel hard hebben gewerkt aan innovatie, achterstallig onderhoud, creatieve vernieuwing, noem maar op. De Raad vindt dat de minister erop mag vertrouwen dat ze ook de komende tijd volop activiteiten zullen blijven ontwikkelen voor zover dat kan. Om diezelfde reden zouden instellingen de ontvangen coronasteun voor herstel en innovatie moeten kunnen inzetten.”

Waarom wil de Raad dat de cultuurplanperiode twee jaar extra doorloopt?

„De extra tijd is nodig om straks tot een goede beoordeling te kunnen komen. Instellingen hebben nog niet kunnen laten zien waar ze toe in staat zijn. En als je de periode niet verlengt, zouden ze alweer bijna aan de slag moeten met een nieuwe aanvraag, terwijl ze nog volop bezig zijn met de coronacrisis.”

Daar kan je eigenlijk niet tegen zijn toch?

„Zo’n verlenging geeft natuurlijk uitvoeringsproblemen, omdat andere subsidies aan de planperiode zijn gekoppeld, zoals gemeentelijke subsidies. Daar moet je zorgvuldig mee omgaan. Er zijn ook instellingen die nu geen bis-subsidie krijgen en die wel willen, die niet twee jaar extra willen wachten. Daar staat tegenover dat ook zij een betere kans krijgen om zich te bewijzen, na corona.

„Bovendien heeft deze crisis fundamentele knelpunten blootgelegd in het bestel. Er was tot nu toe nooit genoeg tijd en ruimte om die aan te pakken, en die tijd kunnen we nu maken. Denk daarbij aan de slechte arbeidsomstandigheden in de sector, waarin meer zelfstandigen werken dan in elke andere sector. De regionale spreiding van de sector kan ook beter, en er is behoefte aan meer verschillende genres in het cultuurplan. Maar dat zou dan niet moeten gaan over verdeling van schaarste; dat het toevoegen van een nieuw genre betekent dat een ander de steun verliest.”

Dat betekent dat er structureel meer geld nodig is. Ligt dat op tafel in de formatie?

„De Raad heeft eerder dit jaar een investeringsagenda gemaakt die is meegenomen in de formatie. Daaruit blijkt dat voor een overzichtelijk bedrag, jaarlijks 477 miljoen euro, hardnekkige problemen in de sector kunnen worden opgelost. En dat is niet alleen goed voor de sector, maar voor het hele land. Waar grepen mensen naar in de lockdown? Films, boeken, muziek, online voorstellingen. Kunst is naast een economisch belangrijke sector, ook wezenlijk voor het welbevinden van mensen.”

De minister is al even demissionair, mag zij nog besluiten over een verlenging – of over de coulance?

„Over de coulance mag ze nog besluiten, en ze heeft toegezegd de mogelijkheid van een verlenging te onderzoeken. Maar het is niet zeker of ze zo’n ingrijpend besluit nog kan nemen. Er is politieke wil nodig.”