Illustratie Sharon Coone

Interview

Hoogleraar transitiekunde: ‘De Randstad ligt in 2121 aan het Blauwe Hart’

Jan Rotmans, hoogleraar transitiekunde

Over een eeuw is Nederland compleet anders, denkt Jan Rotmans, hoogleraar transitiekunde. Het kent twee woongemeenschappen, Randstad en Kantstad, en ook de samenleving is veranderd. „Het wordt een onrustige tijd.”

Nederland in het jaar 2121. De strijd tegen de stijgende zeespiegel en de toenemende overstromingen door klimaatverandering heeft een radicale wending genomen. In plaats van steeds maar dijken te verhogen en gemalen almaar harder te laten pompen, is een andere strategie gekozen: het water wordt op grote schaal toegelaten. In plaats van vechten tegen de natuur, deint Nederland nu mee met de natuur.

De Randstad, verhuisd naar de nieuwe aan de kust gelegen delen boven zeeniveau, is een aaneengesloten metropool. „Één grote lagunestad met overal natuur, een groen-blauwe oase met water en groen als integraal onderdeel van de stedelijke omgeving” in de toekomstvisie die Jan Rotmans, transitiehoogleraar aan de Erasmus Universiteit, presenteert in zijn nieuwe boek Omarm de chaos. „We gaan van Neder-land naar Boven-water.”

Rotmans visualiseert in zijn boek, samen met achitectenbureau KuiperCompagnons en schrijver Mischa Verheijden, hoe Nederland er na een aantal grote economische, technologische en sociale transities uit kan komen te zien. Omdat de gebieden ver onder zeeniveau simpelweg niet meer goed droog te houden bleken, is in 2121 het Groene Hart het ‘Blauwe Hart’ geworden. In dit gebied kan de natuur samen bestaan met water, nieuwe waterwegen en drijvende woonwijken. De Haarlemmermeerpolder is weer het Haarlemmermeer. Schiphol en de bulk van de energieopwekking zijn verplaatst naar de Noordzee. De Waddenzee is nog steeds beschermd natuurgebied.

Nederland bestaat uit twee grote agglomeraties van hoogtechnologische woongemeenschappen: de Randstad en de ‘Kantstad’. Waar de Randstad één grote metropool is, biedt de Kantstad een afwisselend landschap, met plek voor bedrijvigheid, kleinere kernen, innovatieve steden en ook veel ondergrondse vervoersystemen om de wilde natuur bovengronds te kunnen uitbreiden.

Ook de samenleving ziet er nogal anders uit tegen die tijd, hoopt Rotmans. Na een periode van overmijdelijke aanpassing aan klimaatopwarming kan ze zo bínnen ‘de grenzen van de planeet’ blijven: „Van zelfredzaamheid naar samenredzaamheid, van globalisering naar glokalisering. Nederland kan een proeftuin voor de wereld worden.”

Dit klinkt voor sommigen misschien mooi, en Rotmans bezigt deze sloganachtige termen al langer – maar wat gaat er met al die mensen gebeuren wier huizen en bedrijven op die fictieve landkaart onder water komen te staan?

De utopie van de één is de dystopie van de ander. Als het nu al lastig is boeren te overtuigen om anders of elders te werken, hoe moet het dan met zo’n radicaal plan? Willen de meeste Nederlanders dit wel? Hoe om te gaan met de mensen die dit niet willen? Kán dit überhaupt ooit? Om met Mark Rutte te spreken: is het wel ‘haalbaar en betaalbaar’? Het vergt zo radicaal anders leven, wonen, werken en omgaan met de natuur dat deze toekomstvisie meer vragen opwerpt dan beantwoordt, lijkt het.

Niets doen kost nog veel meer

„En dat is nou precies het doel”, zegt Rotmans, in blauw pak zonder das, in zijn kantoor met uitzicht op de Maas in Rotterdam. „Als er niets verandert aan de manier waarop we met het water, de natuur en het klimaat omgaan, weten we zeker dat het onhoudbaar wordt. Als je elke tien jaar zo’n situatie hebt als afgelopen zomer in Limburg en Duitsland, kun je op je vingers natellen dat het niet vol te houden is. Dát is al helemaal onbetaalbaar, en niets doen kost nog veel meer. Dus moet met meer verbeeldingskracht worden nagedacht over de alternatieven.”

Rotmans, al jaren een markante figuur in de duurzaamheidsbeweging, wordt zowel bewonderd als verguisd – wat te zien is aan bijnamen als de ‘Groene Draak’ en de heftige reacties die hij kan oproepen op sociale media en bij bestuurders. Maar hij heeft de laatste tijd opvallend vaak gelijk gekregen.

In de jaren tachtig was Rotmans internationaal een van de eersten die klimaatmodellen maakte, en alarm sloeg. Hij werd op zijn dertigste hoogleraar, richtte transitie-instituut Drift op aan de Erasmus Universiteit, en stond aan de basis van Urgenda, de klimaatactiegroep die met succesvolle rechtszaken de Nederlandse staat dwingt tot ingrijpender klimaatbeleid.

De nieuwe toekomstvisie is in die zin vintage Rotmans. „Het gaat niet om eindbeelden, maar om streefbeelden. Groot denken, klein dóén.”

Maar hoe kan je zo’n enorme visie, over Nederland als waterland vol drijvende steden, dan in kleine stapjes realiseren, of testen? „Dat zou bijvoorbeeld kunnen gebeuren in de Zuidplaspolder [tussen Gouda, Rotterdam en Zoetermeer], waar een heel nieuw dorp gebouwd gaat worden, ver onder zeeniveau. Zo’n nieuw dorp kun je bouwen met de natuur mee in plaats van tegen de natuur in, misschien niet helemaal alles drijvend, maar wel delen, en bouwen met de natuur als uitgangspunt.”

In Rotterdam gebeurt dat al op kleine schaal, met enkele drijvende gebouwen, een drijvende biologische zuivelboerderij, watertaxi’s en waterbussen om het water meer bij de stad te betrekken. „Deze tijd vraagt om incrementalisme en radicalisme samen: een radicaal andere wereld waar je naartoe wil, maar wel in behapbare stappen.”

Lees ook: Stel dat de zee opeens twee meter stijgt

Samenleving uit evenwicht

Rotmans staat op, pakt een stift en begint op een collegebord in zijn werkkamer grafieken te tekenen van de fases die een maatschappelijke transitie meestal doormaakt. „Of het nou een mens, een sector of een bedrijf is: complexe systemen hebben een evenwichtssituatie.”

Belangrijke delen van de Nederlandse samenleving verkeerden rond de jaren negentig in zo’n situatie van dynamisch evenwicht, volgens Rotmans. Maar als de omgeving verandert, door maatschappelijke veranderingen, technologische, ecologische verschuivingen, dan verdwijnt dat evenwicht. Dan ontstaat crisis, chaos, en zoekt het systeem een nieuw evenwicht. „We zitten nu op veel fronten in een situatie waarin het evenwicht zoek is.”

Dat betekent dat nú gezocht moet worden naar nieuwe evenwichtspunten. Uit de complexesysteemleer, een mix van natuurkunde, informatica en sociologie, blijkt dat in zo’n ‘tussentijd’ tal van opties ontstaan voor de toekomst: er zijn tientallen nieuwe evenwichtspunten mogelijk.

Rotmans heeft het veel over kantelpunten, transities, dynamische evenwichtspunten. Die wat abstracte termen komen uit de wetenschappelijke literatuur over hoe complexe systemen veranderen – die gaan dan niet lineair van 1 naar 2 naar 3 naar 4, maar vaak exponentieel, van 1 naar 2 naar 4 naar 8. In exponentiële processen zit een punt waarop het ineens veel harder verandert dan ervoor, dat is zo’n kantelpunt.

Volgens Rotmans’ onderzoek is voor een omslagpunt ongeveer 25 procent van een systeem nodig. Als een kwart van een bedrijf, een sector, een land een verandering écht wil, is het kantelpunt bereikt en de verandering bijna niet meer te stoppen. „Wat betreft duurzaamheid zit Nederland nu op ongeveer 20 procent, als je stemgedrag bij verkiezingen bijvoorbeeld bekijkt.” Dan is dus nog zo’n 5 procent nodig.

De vereiste grote sprongen komen eigenlijk alleen voor tijdens grote crises. Corona heeft het nog niet ver genoeg vooruitgeduwd, denkt Rotmans. „Er zijn nog één of twee grote crises nodig voor het echte kantelpunt.”

Verlammende opgaves

In zijn boek somt Rotmans tien grote transities op die volgens hem nodig zijn om de planeet niet uit te putten: naar duurzame energieopwekking, naar circulair grondstoffengebruik, naar aanpassing van democratische instituties.

Dat zijn stuk voor stuk enorme opgaves, die verlammend kunnen werken. ‘Een betere wereld begint niet bij jezelf, maar bij multinationals en overheden’, klinkt het dan vaak. Wat kunnen individuen betekenen in zo’n grote transitie?

„Als individu kun je in deze tijd veel meer veranderen dan voorheen”, volgens Rotmans. „De samenleving kan er radicaal anders uit komen te zien in veel kortere tijd dan anderen voor mogelijk houden. En de rol van individuele acties is in de fase waarin we nu zitten veel groter dan in een periode van evenwicht.

„Kijk naar de klimaatrechtszaken die wij met Urgenda hebben gevoerd. Dat was een jaar of tien geleden nog niet denkbaar, maar in deze fase van de transitie kan een klein clubje individuen het hele systeem laten veranderen. Er is een illusie van machteloosheid: mensen onderschatten hun eigen veranderkracht en overschatten die van bestuurders.

„Wat schrijvers van abjecte boekjes als Een beter milieu begint niet bij jezelf [waarin journalist Jaap Tielbeke primair de politiek aanspreekt voor klimaatverbetering] vergeten, is dat je zelf onderdeel bent van het systeem. Er is een morele crisis, het zit ín ons.”

Het kapitalisme de schuld geven is volgens Rotmans te simplistisch. Wij hebben dat systeem tenslotte zelf bedacht, ervan geprofiteerd, maken het zelf mogelijk, en hebben ook het vermogen dat te veranderen. Mensen vergeten volgens hem soms dat ze niet losstaan van het systeem, en dat hun ideeën en gedrag besmettelijk kunnen zijn voor anderen.

Behalve om zijn modellen en zijn op wiskunde gebaseerde beleidsinterventies, staat Rotmans bekend om zijn sweeping statements. Maar de laatste tijd slaat hij ook een opvallend andere toon aan. Hij klinkt in het nieuwe boek psychologischer, spiritueler bij vlagen. „Ja, ik maak daarin zelf ook een ontwikkeling door. Alle veranderingen komen uiteindelijk neer bij één sleutel: er is een mentale ommekeer nodig.”

Innerlijke transitie

Naast ander beleid is een innerlijke transitie vereist, vindt Rotmans. „Leren omgaan met de angst die grote veranderingen meebrengen, is cruciaal. Je moet de chaos van de komende jaren kunnen omarmen om er goed doorheen te komen. Het wordt een onrustige tijd waarin heel veel oude instituties, oude zekerheden op de helling gaan. Maar dat geeft ook allerlei nieuwe mogelijkheden – voorbij de angst voor verandering komen, proberen te zien wat straks juist wél kan, wat het oplevert. Niet alleen met je hoofd, ook met je hart. Voelen wat je graag zou willen, en je verbeeldingskracht benutten.”

Maar in het verleden hebben meeslepende visies tot grote ongelukken geleid. Kan zo’n utopisch visioen niet ontaarden in een totalitaire ideologie, in bloedvergieten?

„Op korte termijn verwacht ik ook meer chaos, misschien wel oorlogen. Maar op lange termijn helpt die onrust ons vooruit. We leren van crises. In vorige grote transformaties, zoals halverwege de negentiende eeuw met de industrialisering, waren het kunstenaars, schrijvers en filosofen die invulling gaven aan die verbeeldingskracht. Nu kan dat misschien worden aangevuld door andere creatievelingen, zoals hackers, architecten, mensen die digitaal creatief zijn.”

Veel meer van dit soort visies over de toekomst van Nederland, daar hoopt Rotmans dus op. Zijn toekomstbeeld van Nederland met Randstad en Kantstad is geen in beton gegoten blauwdruk. „Juist niet! Maar stel dát het zo wordt, hoe gaan we er dan naartoe werken? Het kan dus op tien, twintig andere evenwichtspunten uitkomen dan de visie die wij hier neerleggen. Het gaat sowieso vele decennia duren. Laat maar komen die ideeën. Ik denk dat er door corona een enorme uitgestelde energie is in allerlei sectoren, dat we nu een explosie krijgen aan creativiteit en toekomstvisies. En dat is geen moment te vroeg.”