Anthony mag en kan met vuur omgaan

De Zitting Bij Anthony, die beschermd woont, ontstond vorig jaar brand op zijn kamer. Was dat opzet of niet?

De Zitting

Wat er vandaag ook gebeurt, als hij maar op de wachtlijst voor Beschermd Wonen mag blijven is het goed. Anthony (30) is gespannen. Begin augustus vorig jaar ontstond brand op zijn kamer. Er moesten 27 medebewoners geëvacueerd. Anthony werd drie dagen op het politiebureau vastgehouden. Tijdens de brand deed hij boodschappen. Maar afgemeld had hij zich niet, zoals verplicht is. En wat hij doorgaans doet. Hij wuift het weg. „Als ik met het OV ga, dan doe ik het wel. Maar zomaar even naar buiten, dan niet. Dat kan ook best.”

Bij terugkeer zou hij hebben gezegd dat hij „met lucifers had gespeeld”. Nu zegt hij dat het een ongeluk was. Dat ‘spelen met lucifers’ zei hij omdat hij schrok van alle politie en brandweer. Dat hij nu voor de meervoudige strafkamer zit vindt hij „zwaar overdreven. Ik ben geen pyromaan of zo”. Hij mócht rookwaar op zijn kamer hebben. Anderen zijn niet te vertrouwen met vuur, hij kon ermee omgaan. Uit het psychiatrisch rapport blijkt dat Anthony precies is op zijn spullen: niet geneigd tot vernielen.

Toch was het in het halletje voor zijn kamer gaan branden. Daar heeft verder niemand toegang toe, behalve hijzelf. En het personeel, met het ‘noodpasje’. Er zijn ook geen aanwijzingen dat iemand anders dan hij vóór de brand op de kamer was. Volgens Anthony had hij een nog niet opgerookte sigaret gedoofd en op zijn was gelegd, in de mand. Niks „spelen met lucifers”. Hij had de sigaret niet goed uitgemaakt. Dat was alles.

Er mag daar alleen buiten gerookt worden. Hij placht een sigaret binnen aan te steken en er dan mee naar buiten te lopen, legt hij uit. Anthony ontdooit: „Eigenlijk wil ik niet zoveel vertellen.” Hij heeft een autismestoornis, moeite met plannen, met begrijpen. Hij houdt van routines en structuren. „Ik wil weten waar ik aan toe ben”, zegt hij.

De rechter vraagt: „Klopt het dat u onder stress psychotisch kunt worden?” Anthony: „Ik probeer niet zo vaak boos te zijn. Ik ben triest. Ik weet niet goed hoe ik me in anderen moet inleven.” Maar hallucinaties heeft hij niet. Dat hij héél vaak een koptelefoon draagt, is uit verveling – niet omdat hij stemmen in zijn hoofd hoort. Die suggestie komt van de psychiater. In de inrichting moet hij zelfstandigheid laten zien: zich niet verwaarlozen, z’n kamer opruimen. Luiheid en gemakzucht, dáár heeft hij last van.

Dat hij héél vaak een koptelefoon draagt isniet omdat hij stemmen hoort

Cannabis- en bier gebruikt hij als alternatieve manieren om zichzelf te verdoven, verklaart Anthony. Hij heeft een hekel aan de antipsychotica, vooral door de bijwerkingen. Overgewicht, nervositeit, ‘draaiende ogen’. Met cannabis is hij gestopt. Van de combinatie met bier „word ik agressief”.

De officier vindt het aansteken bewezen. Ook als Anthony een gedoofde sigaret op kleding in een plastic mand zou hebben gelegd, is er nog opzet. Namelijk het accepteren van de kans dat er brand kan ontstaan. Hij bracht anderen in levensgevaar. Dat daarbij sprake was van een „psychotische overschrijding” acht ze aannemelijk. Er waren ‘spanningen op de afdeling’. Het kan een impulsieve actie zijn geweest van iemand die zijn handelen beperkt kan overzien. Iemand die niet adequaat reageert op stress of tegenslagen.

De reclassering adviseert van straf af te zien. De officier constateert dat Anthony al verplicht is opgenomen. Ze eist voortzetting van de zorgmachtiging en meent dat „werken aan zichzelf” en rust het beste zijn. Daarom eist ze een half jaar voorwaardelijke cel met een proeftijd van twee jaar.

De advocaat vindt het bewijs te mager. De tijd die verliep tussen het vertrek van haar cliënt en het begin van de brand is onduidelijk. Van opzet was geen sprake. Anthony had geen motief. De meerwaarde van een voorwaardelijke celstraf ontgaat haar. Ze vraagt een rechterlijk pardon. De rechtbank oordeelt dat ‘enig handelen of nalaten’ van Anthony wel aan de brand zal hebben bijgedragen, maar wat precies is niet helder. De verhalen van de officier en Anthony bestaan uit aannames en speculaties. Opzet vindt de rechtbank ook niet bewezen – Anthony wordt vrijgesproken.