Reportage

Het genadeloze oordeel van de gevaccineerde Nederlander

De gevaccineerden Wat vindt de zwijgende meerderheid die wél geprikt is van de stijgende coronacijfers ? Het geduld met vaccinweigeraars begint op te raken, zo blijkt uit gesprekken in vier gemeenten met een hoge vaccinatiegraad.

Wichard Weenink (48): „De goeden lijden onder de kwaden.” Links zijn zoon Finn Weenink (17).
Wichard Weenink (48): „De goeden lijden onder de kwaden.” Links zijn zoon Finn Weenink (17). Foto Dieuwertje Bravenboer

Knallende zorgen heeft-ie. In wollen trui staat Siemen Griede (81) in de deuropening van zijn huis nét op de grens van de gemeente Rozendaal. Hij wil graag wat kwijt over de alweer oplopende coronabesmettingen, maar wel met een beetje afstand tussen hem en de verslaggever, graag. Het onderwerp emotioneert hem. „Sorry”, zegt hij.

Griede heeft kanker, de prognose is dat hij nog enkele maanden te leven heeft. Door de ziekte ligt zijn immuunsysteem plat, een test op antistoffen tegen corona liet na twee vaccinaties geen resultaat zien. Zijn stelling: maak vaccinaties verplicht. „Ik denk dat er goede redenen zijn om het recht op zelfbeschikking tijdelijk, en dan wel echt tijdelijk, op te schorten.”

In buurtcentrum De Eendenkooi in Zoeterwoude-Rijndijk, naast Leiden, zet Frans Overdijk (67) zijn biljartkeu even opzij. Hij vraagt zich hardop af of ze geen filmopnames op tv kunnen vertonen van ongevaccineerden op de IC. „Zo van: dit kan er gebeuren als je niet bent ingeënt.”

Zal wel niet mogen, zegt zijn biljartvriend. „Vanwege privacy.” 

Overdijk, na een slokje spa rood: „Ik snap het niet. Je leven lang word je geprikt, voor van alles en nog wat. En dan nú ineens niet?”

De biljartvriend, die niet met zijn naam in de krant wil, zegt dat ongevaccineerden dan ook „flink moeten zijn” als ze geopereerd worden: „Hup, gewoon een maagoperatie zónder verdoving.”

Als het over vaccineren gaat, dan gaat het vaak over mensen die géén prik willen – een relatief kleine groep. Want tien maanden nadat de eerste Nederlander een coronavaccin in haar arm gespoten kreeg, is ruim 87 procent van de volwassen bevolking volledig tegen corona gevaccineerd. Toch is dat niet genoeg om Nederland virusvrij te krijgen. Het is de 13 procent ongevaccineerden die er volgens het RIVM en het kabinet voor verantwoordelijk is dat Nederland in een vierde golf van de coronapandemie dreigt te belanden.

Nu steeds meer coronapatiënten in het ziekenhuis belanden, moeten ook gevaccineerden zich straks waarschijnlijk weer naar maatregelen schikken – daarover doet het kabinet dinsdag op een vervroegde persconferentie meer mededelingen.

Wat vinden de gevaccineerden daarvan? En hoe moet het volgens hen verder?

Om de zwijgende meerderheid te horen, trok NRC deze week naar vier gemeenten die de hoogste vaccinatiegraad van Nederland hebben: Rozendaal, Zoeterwoude, Bunnik en Hilvarenbeek. Dorpen, overwegend wit, welvarend en in de buurt van grote steden. En: met een vaccinatiegraad rond de 90 procent. Meer dan veertig mensen vertelden aan picknicktafels, in deuropeningen en op winkelpleinen over hoe zij naar de huidige discussie kijken – en welke rol corona nu nog in hun leven speelt.

Ina Mia Hoek (72) uit Rozendaal vindt een een speciaal ‘coronaziekenhuis’ geen gek idee.

Vaccinatielijstjes

Maar eerst: waarom staat hun woonplaats bovenaan op de vaccinatielijstjes? Misschien heeft dat met leeftijd te maken, denken ze in Rozendaal (vaccinatiegraad: 92 procent). Het Gelderse dorp naast Arnhem is met zo’n 1.700 inwoners de kleinste zelfstandige gemeente op het Nederlands vasteland, zo’n duizend inwoners zijn ouder dan 45 jaar. Die zitten in de risicogroep, zegt een 70-jarige inwoner. „Dat zul je hier wel vaker tegenkomen.”

De zoon van Antoinette Vissinga (63) is ongevaccineerd door prikangst.

Ook in Zoeterwoude (vaccinatiegraad: 89 procent), vlakbij Leiden, zijn op een doordeweekse dag op straat overwegend gepensioneerde ouderen te vinden. En ouders die hun kinderen van de basisschool gaan halen. Op één iemand na zijn alle veertig gesprekspartners in het land ingeënt – de enige vaccinweigeraar die NRC tegenkomt, zegt al na een paar minuten: „Ik voel me alsof ik een jodenster draag.”

De overgrote meerderheid van de gevaccineerden heeft de prik vol overtuiging laten zetten. Waarom? Omdat we niet uit de coronacrisis komen „als we het niet met z’n allen doen”, zegt Ingrid Kuijvenhoven uit Zoeterwoude. „Ik geloof niet in ieder voor zich. Daarom woon ik ook in een dorp.”

Wat meteen opvalt: de meeste gevaccineerden hebben nog maar weinig geduld met vaccinweigeraars. Ze vinden ze „egoïstisch” en „asociaal”, voelen „steeds minder solidariteit”. Wie om medische redenen geen prik heeft willen of kunnen nemen, bijvoorbeeld vanwege allergie – die snappen ze wel. Maar de mensen die een prik niet nodig vinden omdat ze ‘gewoon gezond’ zijn, zich er ‘onveilig’ bij voelen, of de vaccinatiecampagne zelfs zien als een complot van de overheid? Daarvoor hebben ze amper begrip. Net zo min als voor mensen die uit geloofsovertuiging een prik weigeren. Je vaccineert jezelf toch juist uit naastenliefde? „Je kunt van alles bedenken om tegen zo’n vaccin te zijn, maar doe het dan voor een ander”, zegt Frans Overdijk achter de biljarttafel.

De boosdoeners

Vier kilometer verderop, in Zoeterwoude-Dorp, is Nol van der Poel (57) nóg genadelozer over ongevaccineerden. Ze zijn „de boosdoeners”, zegt hij, die het „verpesten voor heel Nederland”.

Van der Poel staat voor bakkerij ’t Watertje, met een halfje bruin en twee krentenbollen. Hij werkt in het plaatselijke bejaardenhuis. Ook daar lopen collega’s rond die niet geprikt zijn, en dat vindt hij „niet netjes”. „In de zorg zou eigenlijk een vaccinatieplicht moeten gelden.”

Ook andere geïnterviewden komen vaccinweigeraars tegen. Heleen van Gastel (60) uit Hilvarenbeek heeft een collega die niet is ingeënt. „Een laborante die een complotdenker is. Volgens haar liggen er alleen maar acteurs op de IC.” De zoon van Antoinette Vissinga (63) uit Rozendaal is ongevaccineerd, wegens „waanzinnige prikangst”. „Ik blijf met hem praten, ik zeg dat hij anderen kan besmetten. En ik heb hem bíjna zover.”

Bij de seniorenklaverjasclub in Zoeterwoude-Rijndijk bleek één deelnemer niet ingeënt te zijn, vertelt Mieke Zandbergen (75), die de wekelijkse avond in buurtcentrum De Eendenkooi als vrijwilliger organiseert. „Dat hoorden we via via. Hij zou binnenkort ook een reisje langs de Rijn gaan maken.” Zandbergen en haar collega stuurden de meneer in kwestie een vriendelijk briefje, dat hij vóór het klaverjassen iedere keer een negatieve Covid-test zou moeten overhandigen die niet ouder is dan 24 uur. „Toen heeft-ie zich toch laten vaccineren.” Ingewikkeld was het wel, zegt Zandbergen, vanwege privacy. „We mochten niet laten merken dat we wisten dat hij niet gevaccineerd was. Maar goed, het heeft gewerkt.”

De gesprekken op straat beginnen vaak met zorgen over kwetsbare mensen en de overbelaste zorg. Maar de gevaccineerden stappen vaak al snel over op de impact van corona op hun eígen bestaan. Ze willen leuke dingen doen, onbekommerd naar hun werk, kortom: léven. En juist dat komt nu weer in gevaar – door de weigeraars.

„Door hen worden wij straks weer belemmerd in onze vrijheden”, zegt Henri Swinkels (62) uit het Brabantse Hilvarenbeek (vaccinatiegraad: 91), nabij Tilburg. „Mijn vrouw en ik reizen vier tot vijf maanden per jaar. Maar ik heb geen zin om met een mondkapje te gaan vliegen, dus dat doe ik niet.”

In Rozendaal roept Wichard Weenink (48) zijn zoon Finn (17) erbij. Opnieuw maatregelen tegen het virus? Moeten ze niet aan denken. „Ik vind het heel fijn dat ik weer naar mijn werk kan, één à twee dagen in de week, collega’s kan zien, samen kan lunchen”, zegt Wichard. „De goeden lijden onder de kwaden.”

Finn: „Terwijl de oplossing zó simpel is. Vaccineren!”

Wichard: „Ik probeer respect en empathie te tonen voor ongevaccineerden, maar het is lastig. Het grenst bij mij aan boosheid. Ik zou erg zijn voor extra maatregelen voor ongevaccineerden. Ik zou mijn ongevaccineerde collega ook liever niet meer op het werk zien.”

Gaat dat niet wat ver? Vader en zoon lachen. „Je werk mag nou eenmaal regels opleggen”, zegt Wichard. „Je komt toch ook niet in zwembroek?”

Het gebeurt vaak in de gesprekken: zodra het woord ‘maatregelen’ valt, beginnen mensen te zuchten en te steunen. Niet wéér. Vooruit, weer een mondkapjesplicht is te doen. Afstand houden in de openbare ruimte: ook nog te billijken. Maar niemand thuis ontvangen? Gaan ze niet meer aan beginnen. Ze zijn toch ingeënt – en hun vrienden en familie ook.

Henk Jans (91 jaar oud).

Foto Dieuwertje Bravenboer

Aparte afdelingen

En maatregelen die alleen gelden voor ongevaccineerden, zoals minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) afgelopen weekend suggereerde? Henri Swinkels uit Hilvarenbeek oppert „aparte afdelingen op het werk” voor niet-geprikten. Nelleke van Impelen (61), die in de zon zit aan een picknicktafel in Bunnik (vaccinatiegraad: 90 procent), denkt aan een quotum aan plekken voor niet-gevaccineerde covidpatiënten in de zorg. „Zoiets moeten ze misschien overwegen.”

Lees ook: Vaccins minder effectief? Stijgend aantal besmettingen vertelt niet het hele verhaal

Ina Mia Hoek (72) uit Rozendaal, die bijna weg moet naar haar bridgeclub, vindt een speciaal ‘coronaziekenhuis’ helemaal niet zo’n gek idee. „Hebben ze in Lelystad geen ziekenhuis leeg staan?” Lachend: „Maar ja, wie wil dáár werken?”

Ondanks alle kritiek op vaccinweigeraars is er op straat in de vier gemeenten opvallend weinig animo voor maatregelen tegen ongevaccineerden. Het is „te makkelijk om alle problemen op de ongevaccineerden af te schuiven, vindt Antoinette Vissinga, wier zoon niet geprikt is. „Wij gevaccineerden kunnen het virus ook nog doorgeven.” Als er nieuwe maatregelen komen, zullen die ook voor gevaccineerden moeten gelden, daar heeft Vissinga begrip voor.

Want, zeggen de gevaccineerden: anders komen de twee groepen alleen maar méér tegenover elkaar te staan. Ze vrezen tweedeling en polarisatie. „Dan kan niet”, zegt Nol van der Poel uit Zoeterwoude. „Dan krijg je een soort oorlog in Nederland.”

De rolstoel van Riet Heeffer (85) uit Hilvarenbeek wordt voortgeduwd door haar vriend. Zij heeft zich laten vaccineren, zegt ze, mensen die dat niet hebben gedaan „moeten dat zelf weten”. Nieuwe maatregelen mogen van haar helemaal achterwege blijven. En als het ziekenhuis straks vol ligt met coronapatiënten en er dan geen plek meer voor haar is? „Dan heb ik pech”, zegt ze. Ze kijkt de verslaggever aan en vraagt: „Kunnen we nu gaan?”

Met bijdragen van Arjen Schreuder, Frederiek Weeda en Marit Willemsen