Opinie

Waar blijven de grote ideeën in Rotterdam, in aanloop naar de verkiezingen?

Column Rotterdam

De Rotterdamse politiek draait langzaam warm voor de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2022. Robert Simons wordt lijsttrekker van Leefbaar, GroenLinks koos voor Judith Bokhove en D66 voor Chantal Zeegers. Wethouder Vincent Karremans wordt opnieuw de lijsttrekker van VVD. Met Richard Moti hoopt de PvdA weer de grootste van de stad te worden. De partijen kunnen op twee manieren de gunst van de kiezer winnen. Ze kunnen proberen burgers die doorgaans thuisblijven naar de stembus te lokken of kiezers die twijfelen tussen verschillende partijen te overtuigen van hun ambities.

In beide gevallen zullen de lijsttrekkers de urgentie moeten benadrukken om onze stem uit te brengen. Dat zal vaak een actuele politieke kwestie zijn. Daarvan zijn er genoeg in Rotterdam. Denk aan het structurele armoedeprobleem, de culturele kaalslag of het schreeuwend tekort aan woningen. En vergeet de klimaatontwrichting door de haven niet en de inzet van algoritmen door de gemeente om uitkeringsfraude op te sporen. Belangrijke kwesties te over, maar aan het verkiezingsfront is het vooralsnog stil.

Politiek hoort te gaan over botsende visies op mens en maatschappij op basis waarvan de echte problemen kunnen worden aangepakt. Hiervoor is verbeeldingskracht nodig. Maar in aanloop naar de verkiezingen hoor je nauwelijks nieuwe perspectieven hoe het tij in de stad te keren. Geen spoor van een visie in de concept-verkiezingsprogramma’s, laat staan een interessante gedachte in de eerste interviews met de lijsttrekkers. Ik vrees dat ze denken dat een bescheiden en pragmatische beleidsagenda de kansrijkste manier wordt om de verkiezingen te winnen.

Geen spoor van een interessante gedachte in de eerste interviews met de lijsttrekkers

Hoe anders is dat in steden als Barcelona en Berlijn. Daar komen politieke partijen met tal van verfrissende ideeën om de belangrijkste problemen het hoofd te bieden. In de strijd tegen het tekort aan betaalbare woningen kondigden SPD, Die Linke en de Groenen een huurplafond van vijf jaar af om huurstijgingen in de Duitse hoofdstad tegen te gaan. De rechter stak er een stokje voor, maar nieuwe plannen zijn in de maak, waaronder de onteigening van verhuurders die meer dan drieduizend woningen bezitten.

In Barcelona is technologie een politiek thema sinds het stadsbestuur besloot de stad uit handen te houden van techreuzen. Het college heeft al zijn software openbaar gemaakt en eist van bedrijven dat de data die ze verzamelen van burgers worden teruggeven aan de stad. Burgers worden zo weer baas over hun eigen gegevens.

Politieke partijen hebben de democratische plicht te zorgen dat we gemotiveerd worden om te gaan stemmen. Daarvoor zullen ze met vergezichten moeten komen om daadwerkelijk verschil te kunnen maken. Anders valt er niets te kiezen en blijft alles hetzelfde. Vier jaar geleden noemde burgemeester Aboutaleb de opkomst van de gemeenteraadsverkiezingen teleurstellend. Hij had graag gezien dat meer dan de helft was komen opdagen. Maar met 46,7 procent lag de opkomst ver onder het landelijk gemiddelde van 55 procent. In Charlois bracht slechts 33 procent van de kiesgerechtigden hun stem uit.

Juist daarom is het zo pijnlijk dat, met de verkiezingen in aantocht, er geen nieuwe verhalen worden gepresenteerd hoe de partijen verantwoordelijkheid willen gaan nemen voor de stad. Waar blijven de grote ideeën? Ik verwacht dat straks nog minder Rotterdammers de gang naar de stembus maken.

Marc Schuilenburg is bijzonder hoogleraar Digital Surveillance aan de Erasmus Universiteit. Hij vervangt tijdelijk Tara Lewis